Grauwe gans

Greylag Goose, Anser anser - Eenden (Anatidae)

Het is nauwelijks voorstelbaar dat de grauwe gans nog geen veertig jaar geleden een zeer zeldzame broedvogel was, die ooit zelfs werd uitgezet om te voorkomen dat de soort uit Nederland zou verdwijnen. De Oostvaardersplassen in Flevoland vormden de uitvalsbasis voor zijn opmerkelijke herstel. Net als veel andere ganzen zijn grauwe ganzen heel sociale vogels en vormen ze paartjes voor het leven.

Herkenning

Stevige bruingrijze gans, de grootste van alle bruingrijze ganzensoorten. Hals en kop iets lichter dan het lichaam. In vlucht vallen de lichtgrijze voorvleugels op. Ook de ondervleugels vormen een goed kenmerk. Deze zijn tweekleurig: donker met een lichtgrijze voorkant.
Bij ganzen zijn de kleur van poten en snavel belangrijk: bij de grauwe gans zijn snavel en poten oranje. De snavel is stevig en wordt wel eens vergeleken met een winterpeen.

Geluid

Luid en nasaal, het typische ganzengeluid. Lijkt op dat van boerengans.


76-89 cm, spanwijdte 147–180 cm


Deze soort lijkt op:


Leefwijze

Broeden

Broedt van april tot in mei/juni. Eén legsel per jaar met vier tot zes eieren (bij uitzondering tot 8 eieren). Broedt graag in de nabijheid van soortgenoten in een losse kolonie. Roofdieren worden dan sneller opgemerkt en weggejaagd.

Leefgebied

Grauwe ganzen leven in allerlei gebieden, maar altijd in de nabijheid van water en open gebieden. In Nederland broeden ze in moerasgebieden (in de Oostvaardersplassen spelen ganzen als grazende diersoort een hoofdrol) tot op verkeersknooppunten. De vogels overwinteren vooral op boerenland, meren, uiterwaarden en grote natte natuurgebieden.

Voedsel

Een vegetarisch menu van gras, plantenwortels, zaden, vruchten en jonge scheuten (van o.a. riet) In de winter ook op akkers aangevuld met oogstresten van mais, aardappelen en granen.

Vogeltrek

Van origine is de grauwe gans een trekkende vogelsoort. Nederland is vanouds een belangrijk overwinteringsgebied. De laatste decennia is er veel veranderd in het trekgedrag. Er zijn populaties die nauwelijks nog trekken (o.a. in Schotland). In de jaren 1980 overwinterde nog zo'n 80% van de Europese grauwe ganzen in Spanje, inmiddels is Nederland het belangrijkste overwinteringsgebied. Vanaf februari verlaten de overwinterende vogels Nederland en keren terug naar de Scandinavische broedgebieden. Een steeds groter deel van de grauwe ganzen in Nederland trekt niet of nauwelijks en is jaarrond bij ons. Deze ganzen worden 'overzomerende' ganzen genoemd.


Verspreiding en aantal

zeer talrijke broedvogel | gedeeltelijk wegtrekkend | doortrekker en wintergast in zeer groot aantal

jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec

Na de Tweede Wereldoorlog was de grauwe gans een zeer zeldzame broedvogel in Nederland. Met het ontstaan van de Oostvaardersplassen vond de gans een plek waar ze zich ongestoord kon vestigen; het was het begin van de spectaculaire comeback. Tegelijkertijd maakte kunstmest het boerengrasland tot steeds beter voedsel (voor koeien, maar ook voor ganzen). Met de 'vermesting' van het landschap ging het sein voor de grauwe gans op groen.

Aantallen in Nederland

Aantal broedparen 8000-9000 (in 1998-2000)
Geschat maximum aantal overwinteraars/doortrekkers 510.000 (in 2005-2010)

Bron: Sovon Vogelonderzoek Nederland

Meer weten over trends? Kijk op sovon.nl.

Waarnemingen

Meer waarnemingen op Waarneming.nl

Kijktip

Een bezoek aan de Oostvaardersplassen - de kraamkamer van de grauwe gans - is om tal van redenen interessant. Let er eens op hoe de grauwe ganzen er het landschap openhouden. Zij grazen de jonge scheuten van riet en houden het gras kort. Op die manier zijn de ganzen bepalend voor het landschap van het natuurgebied. Andere vogelsoorten profiteren hier weer van.

In Europa

Een algemene soort in heel West-Europa. De grauwe gans broedt in het grootste deel van West-Europa en tot diep in Siberië.

Meer informatie


Bescherming

De toename van het aantal ganzen in Nederland zorgt voor een ingewikkelde maatschappelijke discussie. Boeren zijn niet blij met de ganzen: om goedkoop zuivel te produceren lijkt elke grasspriet te tellen. Van belang is te zien dat de ganzen reageren op het landschap dat hen wordt aangeboden: extreem voedselrijk grasland, het resultaat van een bijzonder intensieve landbouw. Hoewel schade gecompenseerd kan worden, worden ganzen helaas veel verstoord en gedood, terwijl overwinterende ganzen hebben rust en energie nodig. Verstoringen kosten de vogels veel energie.

Wat wij doen

Vogelbescherming pleit voor meer natuur-inclusieve landbouw en rustgebieden voor ganzen. Bovendien maakt Vogelbescherming regelmatig bezwaar bij overheden tegen onjuiste / onzorgvuldig afgegeven vergunningen voor afschot. Daarnaast bepleit Vogelbescherming maatregelen rondom vliegvelden waardoor ganzen niet massaal te hoeven worden gedood om vogelaanvaringen te voorkomen. Via een netwerk van vrijwillige WetlandWachten houdt Vogelbescherming overal in Nederland de kwaliteit van leefgebieden in de gaten. Internationaal werkt Vogelbescherming als Partner van BirdLife International aan het beschermen van het hele leefgebied van trekvogels: van broedgebied tot overwinteringsgebied.

Wat kunt u doen

  • Houd afstand tot grote groepen overwinterende ganzen om zo verstoring en onnodig energieverlies te voorkomen; bekijk ze op afstand met een verrekijker of, beter nog, een telescoop.
  • Gegevens van ringen of halsbanden kunt u doorgeven via www.goosetrack.org. Zo draagt u bij aan onderzoek (en dus kennis) over het leven van de ganzen.
  • Een ander soort, meer natuurlijke landbouw in Nederland is een gedeelde verantwoordelijkheid van de sector, overheden, voedselproducenten en -consumenten. Alleen op die manier is het mogelijk het landschap zo in te richten dat het massaal doden en verstoren van de agenda gaat. Consumenten kunnen om te beginnen in de supermarkt kiezen voor zuivelproducten die natuurinclusief zijn geproduceerd.
  • Rondom vliegvelden kunnen overheden en andere betrokken partijen meer doen om maatregelen te nemen waardoor ganzen niet op het grote schaal gedood hoeven worden.

Meer weten?

Actuele berichten

Downloads


Wet- en regelgeving

De grauwe gans is een beschermde inheemse diersoort. Net als alle andere vogels die van nature in het wild in Nederland voorkomen zijn grauwe ganzen beschermd op grond van de Europese Vogelrichtlijn. De bescherming van de grauwe gans is in Nederland geregeld in de Flora- en faunawet en een deel van hun leefgebieden wordt beschermd via de Natuurbeschermingswet 1998.

Algemene regels

De Flora- en faunawet bevat een aantal verboden handelingen die van toepassing zijn op alle inheemse vogels, waaronder de grauwe gans. Deze verboden gelden in heel Nederland. De wet verbiedt:

  • het doden, verwonden, vangen (artikel 9)
  • het opzettelijk verontrusten (artikel 10)
  • het beschadigen, vernielen, uithalen, wegnemen of verstoren van nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen (artikel 11)
  • het zoeken, rapen, uit het nest nemen, beschadigen of vernielen van eieren (artikel 12)
  • het bezit, het vervoer en de handel in de vogels dan wel eieren, nesten of producten daarvan (artikel 13)

Uitzonderingen op de verboden zijn onder strikte voorwaarden mogelijk. Daarvoor is een ontheffing of een vrijstelling nodig.

Bijzondere regels

De grauwe gans is onder de Flora- en faunawet aangewezen als soort die in delen van het land belangrijke schade veroorzaakt en mag onder strikte voorwaarden worden bestreden op grond van een provinciale vrijstelling of ontheffing. Verschillende natuurgebieden die door grauwe ganzen worden gebruikt als foerageergebied of als slaapplaats zijn aangewezen en beschermd op grond van de Natuurbeschermingswet 1998.

Meer weten?

© Foto's: AGAMI   © Illustraties vogels: Elwin van der Kolk   © Video's: Natuur Digitaal