Soortbescherming

Alle vogels die van nature in het wild in Nederland voorkomen zijn beschermd op grond van de Europese Vogelrichtlijn. De bescherming van alle inheemse vogels en andere beschermde dier- en plantensoorten is in Nederland geregeld in de Flora- en faunawet. Die wet zal naar verwachting op 1 januari 2017 worden vervangen door de Wet natuurbescherming.

Algemene zorgplicht

De Flora- en faunawet bevat een algemene zorgplicht (artikel 2). Die vereist dat een ieder voldoende zorg in acht moet nemen voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving. De zorgplicht houdt in dat een ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten nadelige gevolgen voor flora of fauna kunnen worden veroorzaakt, verplicht is:

  • dergelijk handelen achterwege te laten voorzover zulks in redelijkheid kan worden gevergd;
  • dan wel alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem kunnen worden gevergd teneinde die gevolgen te voorkomen;
  • of, voorzover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, deze zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken.

Verbodsbepalingen

De Flora- en faunawet bevat een aantal verboden handelingen die van toepassing zijn op alle inheemse vogels. Deze verboden gelden in heel Nederland, inclusief de stad. De wet verbiedt:

  • het doden, verwonden, vangen (artikel 9);
  • het opzettelijk verontrusten (artikel 10);
  • het beschadigen, vernielen, uithalen, wegnemen of verstoren van nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen (artikel 11);
  • het zoeken, rapen, uit het nest nemen, beschadigen of vernielen van eieren (artikel 12);
  • het bezit, het vervoer en de handel in de vogels dan wel eieren, nesten of producten daarvan (artikel 13).

Ontheffingen en vrijstellingen

Uitzonderingen op de verboden zijn onder strikte voorwaarden mogelijk. Daarvoor is een ontheffing nodig van het Ministerie van Economische Zaken (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland). Voor schadebestrijding en populatiebeheer moet de ontheffing verleend worden door gedeputeerde staten van de betreffende provincie. Er bestaan daarnaast verschillende vrijstellingsregelingen, o.a. voor werkzaamheden die aantoonbaar worden uitgevoerd overeenkomstig door het Ministerie goedgekeurde gedragscodes.

Rode Lijst

De Flora- en faunawet (artikel 7) verplicht de overheid tot het bevorderen van onderzoek en werkzaamheden die nodig zijn voor de bescherming van soorten op de Rode Lijsten (artikel 7). Rode Lijsten bevatten soorten die bedreigd worden of kwetsbaar zijn. Rode Lijsten hebben geen officiële juridische status, maar hebben in de praktijk wel een belangrijke signaleringfunctie. De huidige Rode Lijst van de Nederlandse broedvogels is in 2004 vastgesteld. Op deze Rode Lijst staan 78 Nederlandse broedvogels. Voor deze soorten geldt een hogere prioriteit bij het nemen van actieve beschermingsmaatregelen, bijvoorbeeld door hun leefgebieden te verbeteren.

Download

Meer informatie:

Gerelateerde items