Kramsvogel

Fieldfare, Turdus pilaris - Vliegenvangers (Muscicapidae)

Rode lijst

De kramsvogel is in Nederland vooral in de winter te zien. Hoewel de soort wel broedt in het zuiden en oosten van het land zijn deze aantallen in het voorjaar erg laag. In najaar en winter is het 'tsjak-tsjak-tsjak' van groepen kramsvogels zeer regelmatig te horen. Ze zijn dol op bessen en appels en daarom goed in fruitteelt-gebieden te zien. Maar ze zoeken ook voedsel op weilanden, soms samen met koperwieken.

Herkenning

Tijdens de vlucht zijn de lichtgrijze stuit en witte ondervleugels goed te zien, net als de lange staart met geheel zwart uiteinde. Verder hebben kramsvogels een bruine mantel en een overwegend grijze kop. De onderzijde is zwaar getekend met een oranjegele tint op de borst. Heeft als hij zit vaak 'afhangende' vleugels.

Geluid

Roept karakteristiek, "tsjakkend". Zang met scherpe, krassende tonen.


22-27 cm


Deze soort lijkt op:

Meer dan 55 soorten nestkasten

Hang een nestkast op en geniet van vogels in de tuin. Ruime sortering van verantwoorde nestkasten en persoonlijk advies in de winkel in Zeist. Én u steunt het werk van Vogelbescherming.

Meer over nestkasten

Leefwijze

Broeden

Broedt vanaf eind april met meestal 5-6 eieren. Heeft vaak 2 legsels per jaar. Als het habitat goed is, broeden ze in kolonies. Broeddduur: 10-13 dagen. Nesten bevinden zich vaak in populieren, wat hoger in de boom. Het nest is meestal goed te zien, in een vork van dikke takken of tegen de stam. Predatoren zoals zwarte kraaien worden fel verjaagd en soms in de vlucht ondergescheten. Kramsvogels broeden nog maar zelden in Nederland. De jongen zitten zo'n 12-16 dagen op het nest voor ze uitvliegen. Jongen zijn vanaf twee weken (maar ook wel pas na ca. 30 dagen) zelfstandig.

Leefgebied

De kramsvogel broedt in halfopen cultuurlandschap met vochtige graslanden en boomgroepen, vooral in Limburg, de Achterhoek en Twente. In het noorden ook in kleine gebieden met bomen in open, ruig, landschap. De kramsvogel broedt vaak in een kolonie, met meerdere nesten per boom en meerdere aangrenzende bomen bewoond. Voedsel wordt gezocht in bossen, parken, tuinen en op weilanden.

Voedsel

Kramsvogels eten vooral wormen en insecten. In Nederland foerageren ze op weilanden op de bekende lijstermanier. Hippen, stilstaan, een regenworm pakken en weer doorgaan. In de winter eten kramsvogels ook bessen; bessenstruiken als vuurdoorns kunnen in korte tijd door hongerige kramsvogels geplunderd worden. Rottend fruit is ook erg populair bij kramsvogels.

Vogeltrek

De (weinige) kramsvogels die in Nederland broeden trekken 's winters weg naar België en Frankrijk (monding van de Gironde en de loop van Rhône en Loire). Het zijn geen lange afstandstrekkers. Veel kramsvogels uit Noord- en Oost-Europa komen massaal naar Nederland in de winter om hier te blijven of om verder zuidelijk door te trekken. Dat begint in september tot ver in november, en vooral in oktober. Als er sneeuw komt vanuit het noorden, trekken de vogels massaal naar het zuiden. Breed uitwaaierende groepen 'tsjakkers' laten zich zien in het open gebied. Bij kou trekken kramsvogels meer naar de stad. In het voorjaar trekken de vogels weer naar het noorden vanaf februari tot begin mei, met het hoogtepunt eind maart.

Gratis magazine Vogels Dichterbij

Leer de bekendste tuinvogels beter kennen met Vogels Dichterbij. Dit gratis magazine staat boordevol mooie foto’s over vogels kijken en met veel praktische tips over vogels voeren, nestkastjes en vogelvriendelijke tuinen. Bestel Vogels dichterbij meteen en ontvang aantrekkelijke korting op leuke producten

Bestel Vogels Dichterbij

Verspreiding en aantal

uiterst schaarse broedvogel | wegtrekkend | doortrekker en wintergast in zeer groot aantal

jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec

Midden jaren 1960 koloniseerde de kramsvogel Nederland, nadat dat ook was gebeurd in het Rijnland (Duitsland) en de Ardennen (België). Vanaf 1972 broedden er jaarlijks steeds meer kramsvogels, tot een maximum van zo'n 800 tot 900 paren in de jaren '80, waarna een sterke daling inzette. Aantal broedparen in Nederland: 15-40 (2013). De reden van de achteruitgang is onbekend.

Aantallen in Nederland

Aantal broedparen 20-50 (in 2012)
Geschat maximum aantal overwinteraars/doortrekkers zeer groot aantal

Bron: Sovon Vogelonderzoek Nederland

Meer weten over trends? Kijk op sovon.nl.

Waarnemingen

Meer waarnemingen op Waarneming.nl

Kijktip

's Winters zijn kramsvogels veelal te vinden in fruitteeltgebieden waar ze zich in boomgaarden te goed doen aan rottende appels, maar ook in graslanden. Goede trefkans in de winter ook in de duinen waar ze foerageren op duindoorn.

In Europa

Kramsvogels komen voor van Zuidoost-Frankrijk en Benelux, noordwaarts tot in het uiterste noorden van Fenno-Scandinavië en oostwaarts tot de Amoer-rivier in Rusland. De kramsvogel is een van de meest voorkomende vogelsoorten van Noord-Europa. In Fenno-Scandinavië broedt zo'n 60% van de Europese populatie.

Meer informatie


Bescherming

De oorzaken voor de opkomst en vervolgens de sterke afname van de kramsvogel zijn onduidelijk. Wel is bekend dat deze trend onderdeel is van een veel groter proces. De kramsvogel lijkt haar verspreidingsgebied te verkleinen, waarbij de rand van de verspreiding in oostelijke richting opschuift. Veranderingen in het landschap, waardoor er minder regenwormen te vinden zijn, lijken niet de ware oorzaak te zijn. Op Europees niveau geldt de soort niet als bedreigd.

De kramsvogel staat op de Rode Lijst van Nederlandse broedvogels. Rode Lijsten bevatten soorten die bedreigd worden of kwetsbaar zijn. Rode Lijsten hebben geen officiële juridische status, maar hebben in de praktijk wel een belangrijke signaleringfunctie. Voor deze soorten geldt een hogere prioriteit bij het nemen van actieve beschermingsmaatregelen, bijvoorbeeld door hun leefgebieden te verbeteren. Download het Basisrapport voor de Rode Lijst Vogels volgens Nederlandse en IUCN–criteria.

Wat wij doen

Vogelbescherming geeft veel voorlichting over tuinen en erven vogelvriendelijk kunnen worden ingericht. Veel soorten zoals de lijsterachtigen kunnen daarvan profiteren.

Wat kunt u doen

U kunt mogelijk overwinterende kramsvogels overhalen uw tuin te bezoeken door (rottende) appels op het gazon te leggen. Ook kunt u in uw tuin bessenstruiken planten. Die zijn bij alle lijsterachtigen populair.

Meer weten?

Actuele berichten


Wet- en regelgeving

De kramsvogel is een beschermde inheemse diersoort. Net als alle andere vogels die van nature in het wild in Nederland voorkomen zijn kramsvogels beschermd op grond van de Europese Vogelrichtlijn. De bescherming van de kramsvogel is in Nederland geregeld in de Flora- en faunawet.

Algemene regels

De Flora- en faunawet bevat een aantal verboden handelingen die van toepassing zijn op alle inheemse vogels, waaronder de kramsvogel. Deze verboden gelden in heel Nederland. De wet verbiedt:

  • het doden, verwonden, vangen (artikel 9)
  • het opzettelijk verontrusten (artikel 10)
  • het beschadigen, vernielen, uithalen, wegnemen of verstoren van nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen (artikel 11)
  • het zoeken, rapen, uit het nest nemen, beschadigen of vernielen van eieren (artikel 12)
  • het bezit, het vervoer en de handel in de vogels dan wel eieren, nesten of producten daarvan (artikel 13)

Uitzonderingen op de verboden zijn onder strikte voorwaarden mogelijk. Daarvoor is een ontheffing of een vrijstelling nodig.

Bijzondere regels

Er zijn geen natuurgebieden voor deze soort aangewezen op grond van de Natuurbeschermingswet 1998.

Meer weten?

© Foto's: AGAMI   © Illustraties vogels: Elwin van der Kolk   © Video's: Natuur Digitaal