Witvleugelstern

White-winged Tern, Chlidonias leucopterus - Sterns (Sternidae)

De witvleugelstern is een Oost-Europese en West-Siberische soort. Hij is sterk aan de zwarte stern verwant en broedt in wat drogere gebieden dan deze. Een schaarse doortrekker in zowel voor- als najaar, broedt sinds kort ook in Nederland.In 2014 broedde er zeven paar in het Zuidlaardermeer. Overwintert in Tropisch Afrika, niet aan de kust, zoals de zwarte stern, maar aan zoet water.

Herkenning

Kleine, sierlijke stern. In prachtkleed veel opvallender en contrastrijker dan zwarte stern, met gitzwart lichaam, opvallend lichte bovenvleugels, gitzwarte ondervleugeldekveren, witte stuit en lichte staart. In winterkleed herkenbaar aan ontbreken schoudervlek, die zwarte stern wel heeft. Jonge vogels missen die vlek ook en hebben bovendien een donkere mantel, die contrasteert met de vleugels.

Geluid

Rauwer en lager dan van verwante zwarte stern.


23-27 cm, spanwijdte 58-67 cm


Deze soort lijkt op:


Leefwijze

Broeden

Broedt in mei - juni in kleine kolonies van enkele vogels tot maximaal zo'n 100. Heeft 1 legsel per jaar van meestal 3 eieren. Nestelt op drijvend materiaal en modderbanken, ook in zeer vochtig grasland. Broedduur 18-22 dagen. De jongen zijn vliegvlug na 24-25 dagen en worden nog ongeveer 10 dagen door beide ouders verzorgd.

Leefgebied

De witvleugelstern is een moerasstern. Nestelt in stilstaande zoete wateren met goed ontwikkelde oevervegetatie en veel drijvende planten, ook in overstroomde uiterwaarden, in meestal wat opener en drogere gebieden met minder open water dan de zwarte stern. Tijdens de trek soms aan de kust te vinden, maar overwintert in Afrika aan zoet water (i.t.t. zwarte stern)

Voedsel

Hoofdzakelijk insecten, soms ook visjes of kikkervisjes. Het voedselzoeken doen ze door een paar meter boven het wateroppervlak en moerasvegetaties te vliegen en deze af te speuren naar insecten en waterdiertjes. Jaagt ook op vliegende insecten. Duikt niet onder water.

Vogeltrek

De Europese vogels overwinteren in tropisch Afrika. Vanaf eind juni verlaten ze het broedgebied om vanaf eind augustus weg te trekken naar Afrika. De meeste witvleugelsterns in Europa broeden in Oost-Europa en trekken via de Zwarte Zee zuidelijk. Van april tot mei komen ze weer terug.


Verspreiding en aantal

doortrekker in uiterst klein aantal

jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec

In 2007 broedden er na een invasie enkele witvleugelsterns in de Krimpenerwaard en de Sliedrechtse Biesbosch. In 2014 was er een kleine kolonie van 7 paartjes in het Zuidlaardermeer, het meest noordwestelijke broedgebied in Europa.

Aantallen in Nederland

Aantal broedparen 7 (in 2014)
Geschat maximum aantal overwinteraars/doortrekkers zeer klein aantal

Bron: Sovon Vogelonderzoek Nederland

Meer weten over trends? Kijk op sovon.nl.

Waarnemingen

Meer waarnemingen op Waarneming.nl

Kijktip

Waar zich in het najaar grote groepen zwarte sterns verzamelen kan er ook een enkele witvleugelstern te zien zijn, zoals in het IJsselmeergebied. Als ze broeden bij het Zuidlaardermeer is dat de plek om te gaan kijken.

In Europa

Broedvogel van Oost-Europa en verder oostwaarts.

Meer informatie


Bescherming

Op Europees niveau geldt de soort niet als bedreigd. Het droogleggen van moerassen of recreatie kan regionaal populaties negatief beïnvloeden,

Wat wij doen

Vogelbescherming stimuleert de ontwikkeling van natte natuurgebieden. Zowel in het Waddengebied, de Zeeuwse en Zuid-Hollandse Delta als via de zogeheten klimaatbuffers: waterbergingsplekken die overstromingen moeten voorkomen en die tegelijk fungeren als 'nieuwe natuur'. Het Zuidlaardermeer in Groningen waar recentelijk witvleugelsterns in Nederland hebben gebroed is een voorbeeld van zo'n klimaatbuffer. WetlandWachten van Vogelbescherming zetten zich in voor de bescherming van de belangrijkste wetlands in Nederland.

Wat kunt u doen

De ontwikkeling van grootschalige, natte natuurgebieden is gunstig voor veel soorten moerasvogels, waaronder de witvleugelstern.

Meer weten?


Wet- en regelgeving

De witvleugelstern is een beschermde inheemse diersoort. Net als alle andere vogels die van nature in het wild in Nederland voorkomen zijn witvleugelsterns beschermd op grond van de Europese Vogelrichtlijn. De bescherming van de witvleugelstern is in Nederland geregeld in de Flora- en faunawet.

Algemene regels

De Flora- en faunawet bevat een aantal verboden handelingen die van toepassing zijn op alle inheemse vogels, waaronder de witvleugelstern. Deze verboden gelden in heel Nederland. De wet verbiedt:

  • het doden, verwonden, vangen (artikel 9)
  • het opzettelijk verontrusten (artikel 10)
  • het beschadigen, vernielen, uithalen, wegnemen of verstoren van nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen (artikel 11)
  • het zoeken, rapen, uit het nest nemen, beschadigen of vernielen van eieren (artikel 12)
  • het bezit, het vervoer en de handel in de vogels dan wel eieren, nesten of producten daarvan (artikel 13)

Uitzonderingen op de verboden zijn onder strikte voorwaarden mogelijk. Daarvoor is een ontheffing of een vrijstelling nodig.

Bijzondere regels

Er zijn geen natuurgebieden voor deze soort aangewezen op grond van de Natuurbeschermingswet 1998. De soort komt slechts in beperkte mate in Nederland voor.

Meer weten?

© Foto's: AGAMI   © Illustraties vogels: Elwin van der Kolk   © Video's: Natuur Digitaal