Slobeend

Northern Shoveler, Anas clypeata - Eenden (Anatidae)

Rode lijst

De slobeend heeft een snavel met een spatelvorm die het slobberen van kroos en waterdiertjes een stuk efficiënter maakt. Slobeenden leven in de laaggelegen, natte gebieden in het gematigd klimaatgebied, en mede door hun voorkeur voor plantaardig voedsel behoren ze tot de (secundaire) weidevogels.

Herkenning

De brede platte snavel is kenmerkend voor deze soort. Mannetjes hebben in prachtkleed een groene kop, witte borst en kastanjebruine buik en flanken. Daarnaast is de binnenzijde van de voorvleugel lichtblauw van kleur, maar dit is alleen in vlucht goed te zien. Vrouwtjes lijken qua kleed op de wilde eend maar hebben een donkerbruine buik en de groene spiegel heeft geen witte achterrand.

Geluid

Man maakt vreemd, laag keelgeluid. Vrouwtje heeft kenmerkende dubbele kwaak.


44-52 cm, spanwijdte 70-85 cm


Deze soort lijkt op:


Leefwijze

Broeden

De broedperiode van de slobeend start vanaf april en kan duren tot begin juni. Deze soort heeft normaal gesproken één legsel, maar kan bij het verloren gaan van het eerste legsel een tweede starten. Slobeenden broeden in paartjes of losse groepen. Soms op slechts enkele meters afstand van elkaar.

Leefgebied

Broedt doorgaans dicht bij water in het hoge gras. Als dit laatste niet beschikbaar is, zoekt de slobeend beschutting onder struiken verder weg van het water. De voorkeursbiotoop van de slobeend zijn ondiepe zoetwater wetlands in open gebieden. Liefst met een brede rietkraag of andere begroeiing langs de oevers. In de winter bezoekt de soort ook brakke lagunes langs de kust en getijdengebieden.

Voedsel

De buitenproportionele snavel van de slobeend, breed en sterk lepelvormig, wijst op een hoge specialisatiegraad als het gaat om voedselzoeken. Dat betekent bij deze soort: filteren van water. De slobeend zuigt water op aan de snavelpunt en perst het er weer uit aan de basis, waarbij voedsel wordt opgevangen door de extra lange lamellen. Het voedsel bestaat uit plantaardig en vooral dierlijk plankton en verder slakjes, kreeftachtigen, insectenlarven, zaden en dergelijke.

Vogeltrek

In Europa verblijven slobeenden soms jaarrond op dezelfde plaats, maar deze soort trekt normaal gesproken naar Zuid- Europa of zo ver als tropisch Afrika. De slobeend arriveert vanaf maart op de broedgronden en vertrekt daar weer tussen september en oktober.


Verspreiding en aantal

vrij talrijke broedvogel | wegtrekkend | doortrekker en wintergast in vrij groot aantal

jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec

De aantallen ‘slobbers’ zijn sinds de jaren begin jaren zestig als broedvogel met 25% tot 50% afgenomen. Weliswaar minder drastisch dan die van de zomertaling, die met meer dan 85% zijn afgenomen, maar toch ernstig genoeg om op de Rode Lijst van broedvogels te belanden. De trend is nog steeds dalend.

Aantallen in Nederland

Aantal broedparen 8000-9000 (in 1998-2000)
Geschat maximum aantal overwinteraars/doortrekkers 31.000 (in 2005-2010)

Bron: Sovon Vogelonderzoek Nederland

Meer weten over trends? Kijk op sovon.nl.

Waarnemingen

Meer waarnemingen op Waarneming.nl

Kijktip

Polders in West-Nederland bieden een grote kans op het waarnemen van slobeenden. In de nazomer zoeken vele ruiende vogels de Oostvaardersplassen en delen van het Deltagebied op.

In Europa

Slobeenden leven in de laaggelegen, natte gebieden in het gematigde klimaatgebied, van Scandinavië tot aan noordelijk Spanje. In geen ander Noordwest-Europees land broeden zoveel slobeenden als in Nederland.

Meer informatie


Bescherming

In agrarisch cultuurlandschap is de slobeend steeds vaker veroordeeld tot graslandreservaten met aangepast beheer. Door het intensieve grondgebruik zijn de mogelijkheden om elders een plek te vinden marginaal.

De slobeend staat op de Rode Lijst van Nederlandse broedvogels. Rode Lijsten bevatten soorten die bedreigd worden of kwetsbaar zijn. Rode Lijsten hebben geen officiële juridische status, maar hebben in de praktijk wel een belangrijke signaleringfunctie. Voor deze soorten geldt een hogere prioriteit bij het nemen van actieve beschermingsmaatregelen, bijvoorbeeld door hun leefgebieden te verbeteren. Download het Basisrapport voor de Rode Lijst Vogels volgens Nederlandse en IUCN–criteria.

Wat wij doen

Vogelbescherming pleit voor een ander soort landbouw in Nederland via onder meer de campagne Red de Rijke Weide. Een type landbouw waarbij de natuur een plek op het boerenbedrijf heeft, maar waarbij boeren ook meer verdienen aan hun producten, zodat er ook een duurzame financiering van die grote natuurlijke rijkdom ontstaat. De slobeend profiteert direct van hoger waterpeil en plasdrasgebieden zoals die wél te vinden zijn bij onder meer de boeren van het weidevogelnetwerk van Vogelbescherming.

Wat kunt u doen

Overheden, de boeren, producenten én consumenten hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om de natuur op het Nederlandse platteland weer terug te brengen en de industrialisering van het landelijk gebied een halt toe te roepen. Als consumenten bereid zijn wat meer te betalen voor hun zuivel is het mogelijk vogels, bijen, insecten en bloemen terug te krijgen in het landelijk gebied. Slobeenden zijn geholpen met een hoog waterpeil in het voorjaar en plasdrasgebieden, laat maaien, lage beweidingsdruk en mogelijkheden om te schuilen in voldoende oevervegetatie. Terreinbeheerders kunnen slobeenden helpen door in duinvalleien, moerassen en natte heidegebieden uit te gaan van voldoende vernatting.

Meer weten?

Downloads


Wet- en regelgeving

De slobeend is een beschermde inheemse diersoort. Net als alle andere vogels die van nature in het wild in Nederland voorkomen zijn slobeenden beschermd op grond van de Europese Vogelrichtlijn. De bescherming van de slobeend is in Nederland geregeld in de Flora- en faunawet en een deel van hun leefgebieden wordt beschermd via de Natuurbeschermingswet 1998.

Algemene regels

De Flora- en faunawet bevat een aantal verboden handelingen die van toepassing zijn op alle inheemse vogels, waaronder de slobeend. Deze verboden gelden in heel Nederland. De wet verbiedt:

  • het doden, verwonden, vangen (artikel 9)
  • het opzettelijk verontrusten (artikel 10)
  • het beschadigen, vernielen, uithalen, wegnemen of verstoren van nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen (artikel 11)
  • het zoeken, rapen, uit het nest nemen, beschadigen of vernielen van eieren (artikel 12)
  • het bezit, het vervoer en de handel in de vogels dan wel eieren, nesten of producten daarvan (artikel 13)

Uitzonderingen op de verboden zijn onder strikte voorwaarden mogelijk. Daarvoor is een ontheffing of een vrijstelling nodig.

Bijzondere regels

Een groot aantal natuurgebieden die door slobeenden worden gebruikt als foerageergebied of als slaapplaats is aangewezen en beschermd op grond van de Natuurbeschermingswet 1998.

Meer weten?

© Foto's: AGAMI   © Illustraties vogels: Elwin van der Kolk   © Video's: Natuur Digitaal