Kleine karekiet

Reed Warbler, Acrocephalus scirpaceus - Rietzangers (Acrocephalidae)

De kleine karekiet is een echte moerasbewoner. De markante, krassende, staccato zang (met altijd een "krr-krr-kiet-kiet-kiet"-achtige strofe) is te horen in de meeste rietstroken. De voorkeur van deze onopvallende bruine vogel gaat uit naar rietlanden, die met de stengels in ondiep water staan. In goede broedgebieden, zoals de laagveenmoerassen in Nederland, kunnen kleine karekieten in kolonies broeden.

Herkenning

Egaal gelig bruin van boven, vuilwit van onderen, verder eigenlijk geen expliciete kenmerken. Een relatief lange snavel is een hulp om hem te onderscheiden van de zeer gelijkende bosrietzanger. Geen verschil tussen mannetje en vrouwtje.

Geluid

Zang is een zeer kenmerkend, vaak niet erg gevarieerd, ritmisch, staccato "krr-krr-kiet-kiet-kiet". Vaak is het niet erg luid, en soms zitten er enkele fluittonen tussendoor.


12,5-14 cm


Deze soort lijkt op:


Leefwijze

Broeden

Zingt vanaf half april tot eind juli. Broedt van mei tot eind juli/augustus. Het nest wordt voornamelijk door het vrouwtje gebouwd. Ze weeft een diepe komvormig nest tussen rietstengels, waarin doorgaans 4 eieren worden gelegd. Het nest is één van de meest gebruikte door de koekoek om haar ei in te leggen. Broedduur 11-14 dagen. Jongen zitten 9-13 dagen op het nest. Na het uitvliegen worden ze nog een tijdje verzorgd door de ouders.

Leefgebied

De kleine karekiet heeft een voorkeur voor uitgestrekte rietmoerassen en rietkragen langs plassen en vaarten, maar broedt ook in smalle rietslootjes in polders. Ook eenjarig rietland.

Voedsel

Vooral insecten. De kleine karekiet is niet erg kieskeurig in zijn voedsel en eet een groot scala aan soorten, zowel wél als niet gevleugeld.

Vogeltrek

De kleine karekiet is een lange-afstandstrekker die overwintert ten zuiden van de Sahara, tot in Zambia, West-Europese populaties in West-Afrika. Een enkeling steekt niet de Sahara over en blijft in Zuid-Frankrijk, het Iberisch Schiereiland, en van Marokko tot het Arabisch schiereiland. Al vanaf eind juli begint de trek, de piek ligt in augustus; trek tot begin oktober. Terugtrek van april-juni. Nachttrekker.


Verspreiding en aantal

zeer talrijke broedvogel | wegtrekkend | doortrekker in groot aantal

jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec

De landelijke aantallen zijn sinds ongeveer 1960 toegenomen. Vanaf 1990 vertonen ze geen duidelijke ontwikkeling meer. Van een duidelijke relatie met de neerslag in de Sahel, zoals bij de rietzanger, is geen sprake.

Aantallen in Nederland

Aantal broedparen 150.000-250.000 (in 1998-2000)
Aantal overwinteraars groot aantal

Bron: Sovon Vogelonderzoek Nederland

Meer weten over trends? Kijk op sovon.nl.

Waarnemingen

Meer waarnemingen op Waarneming.nl

Kijktip

Oostvaardersplassen is een groot bolwerk, maar kan al vaak voorkomen in dunne rietkragen in parken en woonwijken, en zit verder in een grote verscheidenheid aan moerasgebieden.

In Europa

In vrijwel alle laaglandgebieden van Europa komt de kleine karekiet voor: van Zuid-Scandinavië tot in het Middellandse Zeegebied. De rivier Wolga vormt ruwweg de oostgrens van het verspreidingsgebied. Ontbreekt in Ierland.

Meer informatie


Bescherming

Vanaf het begin van de jaren '70 neemt het kleine karekieten-bestand sterk toe. Dit is niet alleen een gunstig teken; er schuilen enkele addertjes onder het gras. Met het voedselrijker worden van oppervlaktewater, door mestuitstoot in de landbouwsector, gaat riet sneller en beter groeien. De kwaliteit van het water neemt echter af. Voedselrijkdom is in de natuur meestal een ongunstig teken. Door verbeterd beheer van veel moerasgebieden in Laag-Nederland en vooral de uitbreiding van natuurgebieden in die streek, is de hoeveelheid beschikbaar leefgebied sterk toegenomen. Ook het droogleggen van Flevoland heeft gezorgd voor een grote impuls in de aantallen kleine karekieten.

Wat wij doen

Vogelbescherming heeft zich enorm ingespannen voor de kwaliteit van moerasgebieden. Onder meer door het opstellen van een Beschermingsplan Moerasvogels en door actieve inbreng bij de beheerplannen van Natura2000-gebieden. Een vogel als de kleine karekiet heeft daar ook van geprofiteerd. Voor het beschermen van belangrijke wetlands heeft Vogelbescherming een netwerk van vrijwillige WetlandWachten. Zij fungeren als ogen en oren in het veld en rapporteren over misstanden en treden dan ook op met hulp van Vogelbescherming. Ook adviseren zij over beheermaatregelen. Vogelbescherming zet zich via BirdLife International in voor internationale vogelbescherming en bescherming van trekwegen.

Wat kunt u doen

Terreinbeherende organisaties en overheden kunnen zorgen voor voldoende omvang van de rietlanden, zodat ook de kleine karekiet een broedplek heeft. Gemeenten moeten tijdens het broedseizoen rietkragen in parken, woonwijken etc. met rust laten. Rietoevers niet maaien voor eind augustus voorkomt veel verlies van nesten.

Meer weten?

Downloads


Wet- en regelgeving

De kleine karekiet is een beschermde inheemse diersoort. Net als alle andere vogels die van nature in het wild in Nederland voorkomen zijn kleine karekieten beschermd op grond van de Europese Vogelrichtlijn. De bescherming van de kleine karekiet is in Nederland geregeld in de Flora- en faunawet.

Algemene regels

De Flora- en faunawet bevat een aantal verboden handelingen die van toepassing zijn op alle inheemse vogels, waaronder de kleine karekiet. Deze verboden gelden in heel Nederland. De wet verbiedt:

  • het doden, verwonden, vangen (artikel 9)
  • het opzettelijk verontrusten (artikel 10)
  • het beschadigen, vernielen, uithalen, wegnemen of verstoren van nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen (artikel 11)
  • het zoeken, rapen, uit het nest nemen, beschadigen of vernielen van eieren (artikel 12)
  • het bezit, het vervoer en de handel in de vogels dan wel eieren, nesten of producten daarvan (artikel 13)

Uitzonderingen op de verboden zijn onder strikte voorwaarden mogelijk. Daarvoor is een ontheffing of een vrijstelling nodig.

Bijzondere regels

De Flora- en faunawet biedt gedurende het broedseizoen bescherming in heel Nederland aan de nesten van de kleine karekiet, inclusief de functionele omgeving om het broeden succesvol te laten zijn. Er zijn geen natuurgebieden voor deze soort aangewezen op grond van de Natuurbeschermingswet 1998.

Meer weten?