Geplaatst op 4 augustus 2026
De grote bonte specht is helemaal niet groot; amper iets groter dan een spreeuw. (Al is de kleine bonte specht met zijn formaatje huismus nog kleiner). Het is een zwart-witte vogel met een rode ‘broek’. Het mannetje heeft een rode vlek op het achterhoofd, het vrouwtje niet. Je vindt de grote bonte specht bijna overal. In bossen, parken, plantsoenen en tuinen.
De grote bonte specht profiteert van ouder wordende bossen in Nederland die op veel plekken natuurlijker worden beheerd én van groene woonwijken. Het aantal broedparen neemt daarom al een tijdje toe en ligt tussen de 97.000 en 130.000. In de winter zijn er tussen de 200.000 en 300.000 grote bonte spechten in ons land.
Die beroemde roffel is eigenlijk geen hakken. Veel mensen denken dat een specht roffelt om eten te zoeken. Vaak is het juist een boodschap. Mannetjes én vrouwtjes roffelen om hun territorium te markeren, een partner te lokken en de paarband te versterken. Het is eigenlijk vogelzang zonder zang. Spechten kiezen vaak bewust een ‘instrument’. Een droge tak, lantaarnpaal, nestkast of zelfs een metalen constructie kan dienen als klankkast. Hoe harder het geluid draagt, hoe beter.
Ze hakken trouwens ook, om voedsel te zoeken en om er een nest mee uit te hakken. Dat laatste doen ze elk jaar opnieuw en ze zijn er dagen tot zelfs weken mee bezig.
Grote bonte spechten zijn relatief ‘makkelijke eters’. In het voorjaar staan vooral insecten en larven, kevers en mieren op het menu. In de winter eten ze in naaldbossen de zaden van sparren- en dennenkegels. Daarnaast hebben ze geleerd dat ze zaden en noten kunnen vinden op onze voedertafels. En ze zijn dol op vogelpindakaas. Maar het zijn ook vleeseters. Tijdens het broedseizoen hakken ze soms de opening van een nestkast van pimpelmees of koolmees groter uit en verorberen dan een ei of jong.
In de zomer eten deze spechten dus vooral insecten. In de winter stappen ze over op noten en zaden van kegels van sparren en dennen. Maar hoe krijgen ze die zaden uit die kegels gepield? Ze klemmen dennenappels vast in een zelfgemaakt gat in een boom en gebruiken dat als een soort bankschroef om de zaden eruit te hakken. Zo'n plek heet een spechtensmidse. Onder de boom ligt vaak een tapijt van leeggehaalde kegels. Voor verschillende dennenappels heeft de specht verschillende smidsen. Ooit zijn er van één specht 57 werkplekken gevonden!
Je herkent het misschien: een grote bonte specht die zich verticaal in een spiraal rond een boomstam beweegt, op zoek naar insecten. Het liefst zoeken ze voedsel op bomen met een ruwe stam. Maar ook op bomen met een gladdere stam, zoals beuken, kunnen ze aardig uit de voeten.
Hoe doen ze dat, zo verticaal blijven hangen? Dat komt omdat ze korte, stevige poten hebben. De meeste vogels hebben drie tenen naar voren en één teen naar achteren. Niet de grote bonte specht: die heeft er twee naar voren en twee naar achteren. Elke teen heeft een vlijmscherpe nagel en een enorm sterke teenbuigspier. Ook hun staart helpt bij bewegingen die de zwaartekracht lijken te trotseren. De staartveren zijn steviger dan andere veren, om extra steun te bieden. Als de specht op een stam de kop naar achter buigt om goed te kunnen beuken tegen de stam, buigt het achterlijf naar voren en wordt de staart tegen de stam gedrukt.
Spechten slaan met zo’n 25 km per uur met hun snavel tegen een boomstam. Als wij met zo’n vaart tegen een boom zouden rennen, zouden we er op z’n minst een hersenschudding aan overhouden. Een roffel bestaat uit 10 tot 20 slagen per seconde. Lang werd gedacht dat de schedel werkte als een schokdemper, waaronder hun merkwaardig lange tong die om de schedel loopt.
Maar onderzoek uit 2022 wees uit dat de schedel juist als een stijve hamer werkt. De hersenen zijn klein en de vorm en positie is gunstig. Ook duurt de klap heel kort waardoor de krachten op de hersenen beperkt blijven. Tijdens het hakken schuift een doorzichtig derde ooglid over het oog. Dat werkt als een ingebouwde veiligheidsbril: het beschermt tegen rondvliegende houtsplinters en stof.
Niet alle ontmoetingen met grote bonte spechten leiden tot enthousiasme. In de nazomer, tot en met oktober, kan het gebeuren dat je er eentje ziet die bezig is in een daklijst te hakken. Of zelfs een houten gevel onder handen neemt en er gaten in hakt. Het gaat meestal om jonge, onervaren spechten die op ontdekkingstocht gaan en voedsel zoeken of een eigen plek.
Ze tikken tegen de daklijst of houten gevel, soms zelfs stucwerk, en als ze horen dat het hol is gaan ze instinctief door. Als een specht steeds op dezelfde plek hakt en kleine gaten of groeven maakt, kan hij insecten of larven in of achter het hout zoeken. Dat kan dus óók een signaal zijn dat er iets in de gevel zit. Grotere ronde gaten kunnen wijzen op een poging om een slaapplaats uit te hakken.
In Zweden maakte een grote bonte specht het wel heel bont: in de houten gevel van een vakantiehuis had ie dertig gaten gehakt. Wel vervelend als het jouw huis of daklijst is, wat kun je doen om het te voorkomen?
Meld je aan voor Vogelnieuws, de gratis nieuwsbrief van Vogelbescherming. Zo blijf je op de hoogte van nieuws over vogels, tips, activiteiten en acties van Vogelbescherming.
Vogelbescherming heeft verantwoorde, biologische planten geselecteerd die vogelvriendelijk zijn. Goed voor insecten en vogels en biodiversiteit.