Geplaatst op 9 juni 2026
Vogelbescherming is medeoprichter van zowel BirdLife International in 1993 als in 1922 de voorloper de Internationaal Council for Bird Preservation. Aangezien vogels zich niet aan menselijke grenzen houden, is vogels beschermen bijna per definitie internationaal opereren. BirdLife telt tegenwoordig 124 organisaties in 122 landen en fungeert als koepelorganisatie. Vogelbescherming werkt nauw samen met de andere vogelbeschermingsorganisaties om de gevaren voor trekvogels te onderzoeken en weg te nemen.
In 1974 begon Nico de Haan bij Vogelbescherming in Zeist. Ook toen waren er al grote zorgen over de gevaren die trekvogels moeten trotseren tijdens hun tweejaarlijkse migratie tussen broedgebieden in het noorden en overwinteringsgebieden in het zuiden en vice versa.
De jacht rondom het Middellandse Zeegebied is nog steeds een probleem voor vogels, maar vele malen minder dan in de jaren ’80 van de vorige eeuw. Nico schrijft: “Het vogels vangen en opeten was in veel van die landen toen net zo gewoon als hier het vissen. Via voorlichtingsbrochures, die ter plaatse werden gemaakt, probeerden we destijds de publieke opinie te beïnvloeden. Zelf heb ik van dichtbij gezien hoe geraffineerd men te werk ging bij de vogelvangst. In Spanje filmden we kleine dichte bosjes vol met lijmstokken. Verstopt in die bosjes zat dan de vogelvanger die vogelgeluiden afdraaide om zo de vogels te lokken. Die vogels raakten verward in de lijmstokken, en werden vervolgens doodgeslagen en verwerkt tot bijvoorbeeld ‘lijsterpaté’, gruwelijk.” Inmiddels is de jacht met lijmstokken gelukkig verboden in de EU en sowieso sterk gereguleerd.
Toen Nico de Haan bij Vogelbescherming begon in 1974 telde de vereniging 8.000 leden. Dat is inmiddels een veelvoud: meer dan 150.000. Dankzij onze leden kunnen we onafhankelijk opereren en met steeds meer middelen vogels beschermen. De groei is schoksgewijs gegaan. Dankzij Nico en zijn collega’s nam het aantal leden op een aantal momenten sterk toe. Hij schrijft:
“Meer leden zorgt voor meer inkomen en dat betekent dat meer mensen zich bezig kunnen houden met de bescherming van de vogels. De Engelse vogelbescherming, de RSPB, was zeer bedreven in het werven van nieuwe leden en het bijzondere was dat wij al hun materialen mochten gebruiken en kopiëren. Zo plaatsten we, naar Engels voorbeeld, kleine advertenties in de landelijke dagbladen waarin we gratis een mooie, kleurrijke brochure ‘Vogels in de Lente’ aanboden. Als je die brochure aanvroeg kreeg je gelijk een oproep om lid te worden en dat werkte uitstekend. Met duizenden kwamen de aanvragen binnen. Vogelbescherming was toen nog een echt familiebedrijf. Zowel de vrouw van de directeur als mijn vrouw en haar vriendinnen hielpen bij de verzending van al die post.”
Wat ook hielp waren de goede contacten met Hilversum. “Vooral de samenwerking met Vroege Vogels en diverse tv-omroepen was belangrijk. Zo maakten we met de NCRV jarenlang een serie programma’s getiteld: ‘Nico Natuurlijk’. Onderdeel daarvan was een speciale ledenwerfuitzending waarin we onze beschermingssuccessen in beeld brachten. Deze avonden, compleet met een belpannel van tientallen vrijwilligers waar je je kon aanmelden, waren een groot succes. Ook maakten we zelf ledenwerfspotjes voor de Ster, die we bijna voor niks, eind januari mochten plaatsen. Elk jaar schreven we zo duizenden nieuwe leden in.”
Vogelbescherming heeft altijd aandacht gehad voor natuureducatie en dat kon op de volledige instemming van Nico de Haan rekenen. In een van zijn bijdragen herinnerde hij zich hoe hij als kind betrokken raakte bij het beschermen van vogels na getuige te zijn geweest van een gruwelijk voorval.
“Het is voorjaar 1962 en ik fiets met mijn vriendjes door Wezep. We moesten stoppen, want midden op de weg staat een brandweerauto. Er was geen brand, dus eerst dachten we nog dat het een oefening was, maar toen zag ik wat er aan de hand was. Boven in de laan zat een roekenkolonie en de brandweer spoot zo maar, zonder pardon, het ene na het andere roekennest uit de boom. De jonge roeken vielen te pletter en stierven voor mijn ogen op het asfalt. Woedend was ik, maar de brandweermannen joegen ons lachend weg. Ik denk dat toen al de kiem voor het vogelbeschermingswerk is gelegd! Thuisgekomen schreef ik onmiddellijk en verontwaardigd een brief aan destijds nog de Nederlandse Vereniging tot Bescherming van Vogels. Ik kreeg een aardig briefkaartje terug van Ko Zweeres, die scheef dat hij het helemaal met me eens was en dat Vogelbescherming haar best ging doen ook de roeken beschermd te laten verklaren. Gelukkig is dat nu, jaren later, ook het geval, al zijn er nog steeds mensen die deze mooie vogels liever zien gaan dan komen.”
Toen Nico vele jaren later zelf in dienst kwam bij Vogelbescherming was hij een warm pleitbezorger voor een tijdschrift over vogels voor kinderen. Hij regelde een proefoplage van een jeugdtijdschrift naar voorbeeld van de Engelse vogelbescherming, de RSPB, met een antwoordkaart en liet die onder meer op scholen verspreiden. Toen de medewerkers van Vogelbescherming van vakantie terugkwamen, moesten zij 20.000 antwoordkaartjes verwerken. Een geweldige start voor Het Vogelaartje, dat later Vrije Vogels werd en via Wildzoekers nu Vogels Junior heet.
Nauwelijks voor te stellen maar in de vorige eeuw raakte de ooievaar uitgestorven in Nederland. Dankzij Vogelbescherming en vele vrijwilligers werd het tij gekeerd met een succesvol herintroductieprogramma met ooievaarsdorpen van waaruit ooievaars weer werden vrijgelaten. Begin jaren ’90 maakte Nico de Haan een bizar incident mee rondom deze iconische vogelsoort.
“Januari 1992. Midden in de nacht, om een uur of drie gaat bij ons de telefoon. Mijn vrouw pakt geschrokken op, wat zou er zijn, iets met de kinderen? Aan de telefoon Griet Miedema, beheerder van het Vogelasiel in Ureterp bij Drachten. ‘Mevrouw De Haan de ooievaars bin terug, uw man moet nu hier naartoe komen, straks komt het NOS journaal en RTL, er is een wonder gebeurd!’ Zo zaten we dus om vier uur ’s nachts in de auto op weg naar Drachten. Daar troffen we om zes uur een heel circus aan van journalisten en camera ploegen.
Wat was er aan de hand? Kort voor de kerst in 1991 hadden onverlaten ’s nachts ruim tachtig ooievaars gestolen uit ons Ooievaarsdorp ‘Het Liesvelt’ bij Groot Ammers. Hier werden ooievaars gefokt om die vervolgens uit te plaatsen in een aantal buitenstations. Van daaruit zouden vogels weer de vrije natuur ingaan. De jobstijding van de diefstal bereikte ons om een uur of tien de volgende ochtend. De resultaten van vele uren werk en enkele jaargangen fokinspanning zomaar weg! Wie doet zoiets? Ooievaars als alternatieve kerstbout? We hadden geen idee. We besloten deze diefstal wereldkundig te maken en verspreidden een paar uur later het bericht naar de pers. Alle journaals openden ermee en vanaf dat moment wist iedereen in Nederland dat er ooievaars waren gestolen. Gevolg: de boeven konden met hun buit geen kant meer op.
Later bleek dat ze de ooievaars aan kleine dierentuinen en aan particulieren wilden verkopen. De ooievaars waren verstopt in een loods in Friesland, maar al snel werd de grond te heet onder hun voeten en midden in de nacht hebben de dieven alle ooievaars losgelaten op een klein landweggetje in de buurt. Omdat de ooievaars allemaal vleugelriempjes om hadden, konden ze niet vliegen en zo zag een automobilist zomaar midden in de nacht in de mist tientallen ooievaars voor zich uit wandelen! Het geboefte is opgespoord en veroordeeld en alle ooievaars kwamen weer terug in de goede zorgen van het ooievaarsdorp.”
Koning winter houdt danig huis in januari 1987 onder de vogels en bovendien strandden er ook nog grote hoeveelheden olieslachtoffers op de kust. De vogels hebben het moeilijk en dat was ook doorgedrongen tot de redactie van een van de best bekeken tv-programma’s uit die tijd: Wedden Dat.
Er bestonden slechts twee televisienetten, dus had je al gauw miljoenen kijkers. In Wedden Dat werd presentator Jos Brink door iemand uit het publiek uitgedaagd voor een weddenschap. Dat leek spontaan, maar werd door de redactie achter de schermen voorbereid.
Ik werd gebeld bij Vogelbescherming met de vraag: ‘Zullen we wedden dat Jos Brink in een week tijd vijfhonderd vrijwilligers regelt voor de wintervoedering van vogels? Of tien vrachtwagens vol witbrood?’ Vrijwilligers hadden we al om dat destijds grote programma te draaien en witbrood is heel slecht voor vogels. Dus ik kwam met een tegenvoorstel: ‘Laten we wedden dat het Jos Brink niet lukt om in een week vijftigduizend gulden voor de vogels bij elkaar te brengen.’
Dat vond de redactie ook een goed idee, maar dan moest er natuurlijk wel ‘spontaan’ iemand uit het publiek deze weddenschap lanceren. Een vriendin van ons was bereid dat op zich te nemen. En toen ging het los!
De dag na de uitzending waarin de weddenschap werd uitgezonden, stroomden de bedragen binnen en een week later, op de dag van de uitzending gebeurde er nog iets heel bijzonders. In alle landelijke dagbladen stond een paginagrote advertentie van Heineken: ‘Hallo Jos, vanavond maakt de grootste bierbrouwer 50.000 gulden over naar Vogelbescherming, wedden dat je de honderdduizend haalt!’
Vogelbescherming werd een nationale hype en toen Sandra Reemer (‘Kroepoekje’, zo noemde Jos Brink haar) mij vroeg of ik mijn baard wilde afscheren als we over de honderdduizend gulden gingen zei ik spontaan ja! En dat gebeurde en ter plekke werd gefilmd hoe mijn baard eraf ging. De uitzending was semi-live en bij de montage werd dat onderdeel uiteindelijk niet uitgezonden. Maar een grote foto de volgende dag in de Telegraaf, met afgeschoren baard, omringd door onze kinderen en mijn vrouw Els, leverde ook nog weer eens vele duizenden guldens op. Bij elkaar kwam er bijna twee ton binnen. Van dat geld heeft Vogelbescherming onder meer onderzoek laten uitvoeren naar het voorkomen van olieslachtoffers en konden we vogelasielen helpen. Kort na de uitzending namen we in Amsterdam de cheque in ontvangt van Freddy Heineken en hebben we gezamenlijk gezellig een biertje gedronken.”
Jouw liefde voor vogels en natuur kan ook in de toekomst verschil blijven maken. Steeds meer mensen kiezen ervoor om Vogelbescherming een plek te geven in hun testament. Met een nalatenschap help je ons om vogels blijvend te beschermen.
Wil je meer weten over de soorten uit deze vogelles of over andere vogels die in Nederland voorkomen? In de webshop van Vogelbescherming zijn veel goede boeken, voor beginners en gevorderde kijkers, verkrijgbaar. Maar je kunt ook gewoon in onze online vogelgids kijken.