Scholekster en eider

Video in nieuw venster openen

De vogellessen van Vogelbescherming zijn samengesteld door onze ambassadeurs Nico de Haan en Camilla Dreef. Nico heeft bijna dertig jaar bij Vogelbescherming gewerkt en kent de vogels als geen ander. Camilla is vogelonderzoeker en fervent vogelaar. Ze introduceren de vogels van Vogelles 3: scholekster en eider.

Inhoud van deze vogelles

Ekster met een oranje snavel

Scholeksters overwinteren langs Europese kusten. Bijvoorbeeld in de Waddenzee waar ze soms met duizenden op elkaar gepakt staan. Na het winterseizoen verspreiden scholeksters zich en trekken het binnenland in. U kunt ze makkelijk herkennen: zwart-wit met een rode snavel en ze roepen ‘tepiet’.
Als het voorjaar nadert, is het de tijd van de scholekstersociëteiten. Dat zijn plekken waar scholeksters samen komen. Aan de oevers van vijvers of grote waterplassen klitten groepen van tientallen scholeksters weken lang samen voor ze twee aan twee broedplekken opzoeken.
De zwart-witte scholekster is van veraf gezien eigenlijk maar met één vogel te verwarren: de kluut. Maar de zwart-witte kluut is veel ranker gebouwd, heeft langere poten en een veel dunnere kromme snavel. Bovendien heeft een kluut meer wit dan zwart in het verenkleed. Bij de scholekster is dat precies andersom.

Scholekster als stadsvogel

Scholeksters hebben een voorsprong op andere weidevogels omdat ze hun jongen zelf voeren. De kuikens van de grutto, kievit en tureluur kunnen op ouderbescherming en beschutting rekenen, maar eten moeten ze zelf zoeken in het gras. En dat in een periode dat de maaimachines van boeren over de weilanden razen.
Een ander voordeel voor scholeksters: ze hebben ontdekt dat daken van flats en fabrieken verrassend veel lijken op de bekiezelde rivierbeddingen van vroeger. En… er komt ook nooit iemand. Geen boer maait er, geen vos sleurt jongen uit het nest. Voedsel voor hun jongen halen ze op het gazon bij de parkvijvers en op het voetbalveld. Eind mei wandelen overal in dorpen en steden plotseling jonge scholeksters. Lees hier nog wat meer over hun stadse avontuur

Video in nieuw venster openen

Drie is te veel

Nadat scholeksters hun broedplek hebben opgezocht, kunnen ze urenlang - ook midden in de nacht - heftig doorgaan met tepieten en eindeloos steggelen wie van de drie moet ophoepelen.
Boeiender nog zijn de ‘tepiet-scènes’ als paartjes dichtbij elkaar wonen. In hoog tempo dribbelen scholeksters daarbij heen en weer, de snavel loodrecht naar beneden houdend. Omdat vier, zes of soms acht scholeksters het ritueel in een ‘wave’ naar links en rechts gelijktijdig uitvoeren, lijkt het alsof ze elkaar volkomen begrijpen. Maar schijn bedriegt, plotseling kan het ritueel escaleren tot fysiek geweld.

Het tepiet-geluid van de scholekster

4 Tuintips: vogels op uw balkon

  1. Maak een ‘spreeuwenflat’ door een vijftal spreeuwennestkasten boven op elkaar te plaatsen en op te hangen. Daar kan natuurlijk dan ook zo maar een boomklever of een andere vogel in gaan nestelen, die door het spreeuwengat naar binnen kan.
  2. Plaats ook een half open nestkast. Die bestaat uit een bakje met een centimeter of vijf daarboven een ruim overstekend dak. Merels maar ook grauwe vliegenvangers gebruiken die nestkasten graag.
  3. Op een iets groter balkon kan met wat plantenbakken en tuinaarde al snel een kleine groene wereld worden geschapen en ook dat trekt vogels aan.
  4. Bevestig ook een drinkschotel aan de muur, want water is belangrijk. Niet alleen om te drinken maar ook om te badderen.

Eend van het waddengebied

Eiders (voorheen eidereenden genaamd) zie je vrijwel alleen in zout water. Ze zijn dan ook gek op het waddengebied. Eiders kunnen er heel verschillend uitzien. De jongen zijn eerst bruin, daarna begint de langzame verkleuring in vier jaar tijd naar het volwassen kleed. Bij de vrouwtjes valt dat niet zo op, want die worden wat kaneelbruiner, maar de mannetjes worden steeds bonter. Door de grillige bruine, zwarte en witte vlekken wijken ze sterk af van de volwassen eiders zoals hieronder te zien op het filmpje.

Video in nieuw venster openen

Eend met clowneske kop

Eiders zijn snel te herkennen aan de vorm van hun kop. Alle andere eenden hebben een laag of hoog voorhoofd, maar bij de eider loopt de snavel in een strakke rechte lijn over in de schedel. Daardoor zien eiders er een beetje clownesk uit. Vergelijk de kop eens met de bergeend (die ook veel te zien is in het waddengebied) op de illustratie hieronder. Bij de bergeend lijkt de rode snavel erop geplakt als een soort carnavalsneus. Bij de eider is de snavel een strak gestroomlijnd design. Volwassen eidermannetjes zijn sowieso erg mooi. Ze hebben een fraai zwart-wit verenpak met een subtiele lichtgroene nekvlek.
Ook de balts van de eider is mooi om te zien. Volwassen mannen zwemmen rond een vrouwtje. Ze steken de snavel stoer in de lucht en er klinkt een soort verdragend ‘oehoe’-geroep.

Baltsende groep mannetjes

Wanneer en waar te zien?

Eiders kom je uitsluitend tegen in zoute milieus, de meeste in het waddengebied. In de Zeeuwse Delta waren ze bij uitzondering te zien. Inmiddels heeft zich een kleine populatie gevestigd op het nieuwe eiland Neeltje Jans.
Sinds begin vorige eeuw broedt de eider in het waddengebied en vinden we er meer dan 5000 paar. In de winter komen er meer dan 100.000 bij uit noordelijke broedgebieden. Je komt dan langs de waddenkust, en soms ook langs de Noordzeekust, overal eiders tegen. De (veer)havens zijn uitstekende plekken om deze vogels van dichtbij te observeren Ze zijn daar aan mensen gewend en je kunt ze soms zo dicht benaderen dat je het kraken van de schelpen in de magen kunt horen!

Vogelbescherming: op de bres voor de Waddenzee

Eind vorige eeuw voltrok zich een drama in de Waddenzee. De Waddenzee werd ‘ontschelpt’. De kokkels – bedoeld voor Spaanse paella’s – werden met grote sleepnetten van de bodem gehaald die daardoor werd omgewoeld. Complete mosselbanken verdwenen. De mosselvisserij viste vervolgens ook nog de jonge mossels weg.

Eiders eten schelpdieren die ze opduiken en losrukken van de bodem, om de mossels en kokkels vervolgens in de maag te kraken. Omdat er te veel schelpdieren uit de Waddenzee worden gevist, ging en gaat het nog steeds niet goed met eiders. Dankzij een felle juridische strijd die Vogelbescherming leverde, is de mechanische kokkelvisserij nu verboden in de Waddenzee. De verwachting is dat de populatie eiders zich gaat herstellen.

Ook werkt Vogelbescherming, met medewerking van de overheid, samen met de mosselvissers aan een duurzame manier van mossels vissen in de Waddenzee, zodat op termijn ook de scholeksters er weer voldoende voedsel kunnen vinden. Lees er hier meer over.

Vogelkijktips van Nico en Camilla

Met de tips en trucs van Nico en Camilla wordt vogels kijken leuker en gemakkelijker. Dit keer: vogels op de Wadden deel 1.

  • 12 miljoen vogels maken jaarlijks gebruik van Werelderfgoed Waddenzee. Vogels kijken in dit gebied is een echte aanrader. Vooral de fietspaden langs de wadkant zijn prachtige ‘vogelboulevards’, bijvoorbeeld op Texel. De nieuwe natuur van brakke binnendijkse ondiepten vormen ware vogeltheaters. Bij hoogwater komen er soms duizenden vogels op af.
  • Wist u dat Vogelbescherming een speciale gratis app heeft ontwikkeld om Wadvogels te herkennen, inclusief de beste kijkplekken? Meer informatie en links naar het downloaden vindt u hier.
  • Zorg dat u een getijdentabel bij de hand heeft. Het leefritme van de vogels wordt op het wad niet bepaald door dag en nacht maar door eb en vloed. Bij eb spoeden vogels zich naar slikken en zandplaten om voedsel uit de grond te peuren, bij vloed worden overal de oeverzones opgezocht. Bij opkomend water ziet u dan ook grote drommen vogels arriveren, een feest om mee te maken.
  • De Waddeneilanden zijn natuurlijk prachtig, maar voor een mooie wadvogelbeleving kunt u ook aan de vaste wal blijven. Langs de Friese, Groningse en Noord-Hollandse waddenkust zijn tal van mooie vogelplekken. Bijvoorbeeld de Punt van Reide in Groningen, de Holwerterwestpolder of Noard-Fryslan Butendyks in Friesland of het Balgzand en het Oeverse schor in Noord-Holland. Dat scheelt veel reistijd en is dus gratis extra vogeltijd.
  • In het waddengebied zijn veel mooi gelegen vogelkijkhutten te vinden. Daar kun je de wadvogels vaak van dichterbij bekijken dan op andere plekken, want veel wadvogels zijn nogal schuw. Op Vogelkijkhut.nl staan alle kijkhutten handig op een rijtje.

Vogelgids

Wilt u meer weten over de soorten uit deze vogelles of over andere vogels die in Nederland voorkomen? In de webshop van Vogelbescherming zijn veel goede boeken, voor beginners en gevorderde kijkers, verkrijgbaar. Maar u kunt ook gewoon in onze online vogelgids kijken.

naar de vogelgids

Nico's Vogel Academie

Wilt u uw vogelkennis verder verbreden? Neem dan eens een kijkje bij Nico’s Vogel Academie. Daar vindt u vele manieren om dat te doen.

Lees meer

Test uw kennis

Vogelkennis bouw je langzaam op. Hieronder 6 vragen om uw kennis over vogels verder te verrijken. De vragen gaan deels over deze les en deels over nieuwe kennis. Soms moet u dus misschien iets opzoeken. De online vogelgids van Vogelbescherming kan daarbij handig zijn.

Welke van deze vogels is geen steltloper?

In deze les hebt u geleerd dat de scholekster een steltloper is. Vogels die bij deze vogelfamilie horen zijn vaak te herkennen aan de lange poten en vaak lange dunne snavel waarmee ze in de bodem kunnen prikken. Maar welke van deze vogels is geen steltloper?

0%

Volgende keer: Vogelles 4

In deel 4 van de cursus Vogels in Nederland duiken Camilla en Nico met u het moeras in om te vertellen over twee bijzondere moerasvogels: de roerdomp en de zwarte stern.

De voorgaande lessen nog eens terugkijken?