Indische Gans

Bar-headed Goose, Anser indicus - Eenden (Anatidae)

De Indische gans is net als de nijlgans vanaf 1986 in Nederland gaan broeden dankzij uit volières ontsnapte vogels. Door de markante koptekening en het lichtgrijze verenkleed valt de soort vaak op in groepen ganzen. Normaliter broedt hij in Mongolië en (Oost-)China, en trekt op 10 km hoogte door de Himalaya naar India, Bangladesh en Myanmar.

Herkenning

Relatief kleine, lichtgrijze gans met donkerbruine achternek die doorloopt op achterhoofd en vanaf daar lopen twee strepen schuin omlaag naar oog en oor. Witte kop en keel, doorlopend in een witte streep langs de zijkant van de hals, en voorhals en buik lichtbruingrijs. Snavel en poten oranje.

Geluid

Nogal nasale, toeterende roep, niet direct herinnerend aan gans.


71-76 cm, spanwijdte 140-160 cm


Deze soort lijkt op:

Bekijk het magazine 'Slimme Vogels'

Veel boeren hebben een groot hart voor natuur. Zij zorgen voor rijke weides en akkers vol bloemen, vlinders en vogels. In dit magazine, Slimme Vogels, vertelt een aantal boeren hoe zij dat doen, een rendabel bedrijf combineren met de zorg voor natuur. Hopelijk inspireren zij met hun verhalen ook andere boeren!

Bekijk het magazine

Leefwijze

Broeden

Broedt in oorspronkelijk verspreidingsgebied vanaf eind mei-juni, maar in Nederland vanaf half april-begin mei. Eén legsel met meestal 4-6 eieren. Broedduur 27-30 dagen. Broedt solitair of in los-vaste kolonies tot enkele tientallen paren. Nesten vaak langs de rand van het water, liefst op eilanden; gebruikt steeds zelfde nest. Jongen kunnen zichzelf voeden na 3-4 dagen, maar zijn vliegvlug na 49-60 dagen..

Leefgebied

Natte weilanden, vennen, moerassen en rietgebieden. In de winter in moerassen, meren en rivieren.

Voedsel

Voornamelijk vegetarisch, eet grassen, blaadjes en wortels van allerlei groen.

Vogeltrek

In zijn natuurlijke verspreidingsgebied trekt de Indische gans op 10 km hoogte door de Himalaya naar India, Bangladesh en Myanmar. In Europa trekken ze veel kortere afstanden, samen met andere ganzen, zoals brandgans.

PolderPracht Terschelling

PolderPracht, erenaam voor de Terschellinger Polder. Van dit unieke weidelandschap wil Vogelbescherming een vogelparadijs maken. Samen met boeren, kaasmakers en ondernemers laten we zien dat dit op een duurzame manier kan. Help mee door onze PolderPracht producten te kopen. Rechtstreeks uit de rijke weides van Terschelling waar bloemen bloeien, vogels vliegen en koeien vredig grazen.

bekijk de PolderPracht producten

Verspreiding en aantal

zeer schaars broedvogel | jaarrond aanwezig

jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec

Heeft zich sinds zijn vestiging langzaamaan uitgebreid, maar deze groei lijkt niet door te zetten. Kleine aantallen broedgevallen in Nederland, met name langs grote rivieren en in Zeeland, Noord- en Zuid-Holland. In de winter worden grotere aantallen gemeld die meetrekken met noordelijker broedende ganzen.

Aantallen in Nederland

Aantal broedparen 10-310 (in 2012)
Geschat maximum aantal overwinteraars/doortrekkers klein aantal

Bron: Sovon Vogelonderzoek Nederland

Meer weten over trends? Kijk op sovon.nl.

Waarnemingen

Bron en meer waarnemingen: Waarneming.nl

Kijktip

Zoek groepen ganzen af in het rivierengebied, ook in de zomer, zoals bij Wijk bij Duurstede.

In Europa

Broedt alleen sporadisch in West-Europa als geïntroduceerde vogel.

Meer informatie


Bescherming

Internationale populatie geldt niet als bedreigd.

Wat wij doen

Vogelbescherming monitort de toename van exoten, wereldwijd een van de meest bedreigende factoren in het verdwijnen van de biodiversiteit. Zie ons standpunt over exoten.


Wet- en regelgeving

De Indische gans is een niet-beschermde uitheemse soort. De soort geniet geen bescherming op grond van de Europese Vogelrichtlijn en de Nederlandse Wet natuurbescherming, omdat de soort niet van nature in het wild voorkomt in de Europese Unie. Het gaat om uitheemse dieren die door de mens zijn geïntroduceerd buiten hun natuurlijke verspreidingsgebied en zich in de vrije natuur hebben weten te handhaven en voortplanten. Er zijn een aantal regels van toepassing op uitheemse soorten.

Algemene regels

De Wet natuurbescherming bevat verschillende algemene regels die ook van toepassing zijn op uitheemse soorten. Het gaat om:

  • de algemene zorgplicht die geldt voor een ieder ten aanzien van alle in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving (artikel 1.11);
  • het verbod op het uitzetten van dieren of hun eieren in de vrije natuur (artikel 3.34);
  • een bevoegdheid voor provincies om (categorieën) personen opdracht te geven om de populaties van aangewezen diersoorten te beperken (artikel 3.18).

Het algemene verbod op dierenmishandeling uit de Wet dieren (artikel 2.1) is ook van toepassing op uitheemse diersoorten.

Bijzondere regels

De Indische gans staat (nog) niet op de Europese lijst van zorgwekkende invasieve uitheemse soorten die is vastgesteld op grond van EU verordening 1143/2014 betreffende de preventie en beheersing van de introductie en verspreiding van invasieve uitheemse soorten. Deze verordening bevat diverse ge- en verboden ten aanzien van de soorten op de Europese lijst, zoals een import- en handelsverbod, maar ook een bezit- en fokverbod. Onder de Wet natuurbescherming zijn de provincies verantwoordelijk voor het zo veel mogelijk reduceren van de populaties van door de Minister van Economische Zaken aangewezen invasieve exoten (artikel 3.19).

Meer weten?

© Foto's: AGAMI   © Illustraties vogels: Elwin van der Kolk   © Video's: Natuur Digitaal