Roodkeelduiker

Red-throated Loon, Gavia stellata - Duikers (Gaviidae)

Rode lijst

Duikende viseter. Veruit de algemeenste duiker aan de kust, soms in het binnenland. Broedt langs kleine meren in de toendra- en taigagordel van het noordelijk halfrond. Op doortrek passeert een groot aantal roodkeelduikers ons land. Bovendien overwinteren er ook veel roodkeelduikers in de Noordzeekustzone. In het voorjaar soms in prachtkleed te zien.

Herkenning

Kleinste duiker met 'wit gezicht' en lichtgrijze bovenzijde met fijne witte tekening en lichte flanken. Snavel licht opgewipt. In vlucht met dunne, iets doorhangende hals, geeft vogel een gebochelde indruk. In broedkleed onmiskenbaar

Geluid

In het broedseizoen roept het mannetje langgerekt en klagend. Het vrouwtje roept hoger. Een paar roept ook in duet.


53-69 cm, spanwijdte 106–116 cm


Deze soort lijkt op:

Natuurbeleving dichterbij

Door nieuwe broedplaatsen en hoogwatervluchtplaatsen in te richten, creëren we meer rust voor vogels. Tegelijkertijd willen we mensen meer van wadvogels laten genieten. Dit doen we door nieuwe vogelkijkplekken te creëren en gratis vogelherkenningskaarten, de app ‘Wadvogels’, verrekijkeruitleenpunten aan te bieden.

Beleef de waddennatuur

Leefwijze

Broeden

Vanaf mei in het zuidelijke deel van het broedgebied, in het noorden later, afhankelijk van de dooi. Broedt vlak langs water, een hoopje plantenmateriaal dient als nest. Eén legsel, 1-3 eieren, meestal 2. Broedtijd ca. 27 dagen. Jongen vliegvlug na ca. 43 dagen.

Leefgebied

Buiten broedtijd op zout water: vooral ondiepe (kust-) zeeën, delta's, baaien. Soms op rivieren, plassen en meren, zelden in sloten. Broedt aan zoet water, in meren en plasjes in open gebied met heide en hoogveen. Nestplaats en voedselgebied vaak gescheiden; maakt dan voedselvluchten.

Voedsel

Vooral vis, waaronder kabeljauw, haring, sprot, zeedonderpad en zalmachtigen. Soms kreeftachtigen (garnalen, krabben), mollusken, kuit, kikkers, insecten en zelfs plantaardig materiaal.

Vogeltrek

Roodkeelduikers trekken zuidwaarts en naar zee na de broedtijd vanuit hun broedgebieden op het noordelijk halfrond, in soms grote groepen van 200-1200 vogels. Ze mijden bevroren wateren. Roodkeelduikers overwinteren langs de West-Europese kust tot aan het Middellandse Zeegebied (kusten van Zuid-Frankrijk en Noord-Italië). Tijdens trektijd ook bij ons te zien (oktober - mei), meest tijdens de winter, zelden in het binnenland.

 


Verspreiding en aantal

doortrekker en wintergast in vrij klein aantal

jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec

Overwintert met maximaal 10.000 exemplaren aan Noordzeekust (ruim 10% van de Noordwest-Europese populatie). De soort was midden twintigste eeuw vermoedelijk talrijker dan nu, al namen de aantallen sinds ongeveer 1970 toe.

Aantallen in Nederland

Aantal broedparen

Bron: Sovon Vogelonderzoek Nederland

Waarnemingen

Meer waarnemingen op Waarneming.nl

Kijktip

Talrijkste duiker in Nederland. Met rustig weer van oktober-mei vaak langs de hele Noordzeekust zien. Tips: Brouwersdam, Oostvoornse Meer.

In Europa

Roodkeelduikers broeden in Noord-Europa, van Schotland en IJsland in het westen tot in Rusland in het oosten. Overwintert langs kusten van Noordzee, Kanaal, Atlantische Oceaan en minder ook in Middellandse Zee en Zwarte Zee.

Meer informatie


Bescherming

Kwetsbaar voor vervuiling met olie, vooral in visrijke gebieden met concentraties roodkeelduikers. Verdrinking in visnetten komt ook voor.

Wat wij doen

  • Vogelbescherming is voorstander van duurzame visserij met zomin mogelijk bodemberoering in Noordzeekustzone.
  • Het instellen van zeereservaten in de Noordzee zal veel soorten kust- en zeevogels, waaronder roodkeelduiker, ten goede komen.
  • Locaties van windmolenparken zullen zorgvuldig moeten worden geselecteerd.

Wet- en regelgeving

De roodkeelduiker is een beschermde inheemse diersoort. Net als alle andere vogels die van nature in het wild in Nederland voorkomen zijn roodkeelduikers beschermd op grond van de Europese Vogelrichtlijn. De bescherming van de roodkeelduiker is in Nederland geregeld in de Wet natuurbescherming.

Algemene regels

De Wet natuurbescherming bevat een aantal verboden handelingen die van toepassing zijn op alle inheemse vogels. Deze verboden gelden in heel Nederland. De wet verbiedt:

  • het opzettelijk doden of vangen van vogels (artikel 3.1 lid 1);
  • het opzettelijk vernielen of beschadigen van nesten, rustplaatsen en eieren van vogels, of het wegnemen van nesten (artikel 3.1 lid 2);
  • het rapen en onder zich hebben van eieren van vogels (artikel 3.1 lid 3);
  • het opzettelijk storen van vogels (artikel 3.1 lid 4);
  • het bezit, het vervoer en de handel in vogels, dood of levend, dan wel delen of producten daarvan (artikel 3.2).

Overtreding van deze verboden is een economisch delict en kan leiden tot strafrechtelijke vervolging. De verboden worden ook bestuursrechtelijk gehandhaafd. Uitzonderingen op de verboden zijn opgenomen in de wet en de bijbehorende uitvoeringsregelgeving. De wet voorziet in een algemene bevoegdheid voor de provincie (en in sommige gevallen het Ministerie van Economische Zaken) om onder strikte voorwaarden een ontheffing of vrijstelling te verlenen van de verboden (artikel 3.3).

Bijzondere regels

Twee natuurgebieden die door de roodkeelduiker worden gebruikt als foerageergebied zijn aangewezen en beschermd als Natura 2000-gebied op grond van hoofdstuk 2 van de Wet natuurbescherming. Dit zijn de Noordzeekustzone en Voordelta. Voor deze gebieden gelden strenge regels voor alle plannen, projecten en andere handelingen die mogelijk significante negatieve effecten kunnen hebben op de natuurwaarden waarvoor het gebied is aangewezen.

Meer weten?

© Foto's: AGAMI   © Illustraties vogels: Elwin van der Kolk   © Video's: Natuur Digitaal