Roodhalsfuut

Red-necked Grebe, Podiceps grisegena - Futen (Podicipedidae)

Rode lijst

De roodhalsfuut is geen alledaagse verschijning. Pas sinds 1985 is het een jaarlijkse broedvogel in ons land, in zeer kleine aantallen. In Drentse veengebieden lijkt de roodhalsfuut een min of meer vaste verschijning als broedvogel. Ook elders kunnen ze opduiken. Het is een broedvogel van overwegend Midden- en Oost-Europa. In West-Europa heeft de soort geen aaneengesloten verspreidingsgebied.

Herkenning

In prachtkleed goed herkenbaar aan sterk contrasterende tekening van roodbruine hals, gedeeltelijk grijswitte kop met zwart bovendeel. Snavel zwart met geel aan de basis. Winterkleed grijsbruin van boven, onder wit, koptekening met zwart tot onder de ogen, grijsbruine wangen en witte bef/oorstreek. Kleiner en meer gedrongen dan gewone fuut. Teugel (tussen oog en snavel) i.t.t. bij fuut donker. Jongen gestreept.

Geluid

Luidruchtig in broedtijd, met klagende roepen.


40–50 cm, spanwijdte 77–85 cm


Deze soort lijkt op:

Natuurbeleving dichterbij

Door nieuwe broedplaatsen en hoogwatervluchtplaatsen in te richten, creëren we meer rust voor vogels. Tegelijkertijd willen we mensen meer van wadvogels laten genieten. Dit doen we door nieuwe vogelkijkplekken te creëren en gratis vogelherkenningskaarten, de app ‘Wadvogels’, verrekijkeruitleenpunten aan te bieden.

Beleef de waddennatuur

Leefwijze

Broeden

Broedperiode van half mei tot in juli. Nest is een platform van plantenmateriaal, vastgemaakt aan riet of onderwatervegetatie. Broedt meestal solitair, soms in losse kolonies. Gemiddeld 4-5 eieren. Tweede broedsel is zeldzaam. Jongen worden net als bij gewone fuut door ouders gedragen op rug.

Leefgebied

Heeft in vergelijking met gewone fuut voorkeur voor kleinere wateren van soms zelfs minder dan 1 ha. Het kunnen ook meertjes zijn in dicht bosgebied. Hoeveelheid vis van minder belang dan beschikbaarheid ongewervelden, samenhangend met rijke vegetaties. Broedplaatsen vaak gedeeld met broedkolonies meeuwen, die voor bescherming zorgen. In winter vooral op zout water (baaien, ondiepe kusten).

Voedsel

Hoofdzakelijk ongewervelden, met name waterinsecten en hun larven, ook grondinsecten en in mindere mate vis. Prooien worden duikend of zwemmend over het wateroppervlak met hoofd onderwater bemachtigd. Insecten worden ook van wateroppervlak of van watervegetatie gepakt.

Vogeltrek

Vanuit de Europese broedgebieden kent de roodhalsfuut zowel trekbewegingen als gewoon verspreiding vanuit het broedgebied naar andere wateren, met name getijdegebieden. Europese overwinteringsgebieden zijn langs de Europese westkust, Baltische en Kaspische Zee, ook wel Zwarte Zee. In ons land na de broedtijd op zoete en zoute wateren (Deltagebied), meestal solitair of enkele exemplaren bijeen. Het gaat om enkele tientallen vogels.


Verspreiding en aantal

uiterst schaarse broedvogel | jaarrond aanwezig | doortrekker en wintergast in uiterst klein aantal

jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec

In ons land maximaal een tiental broedparen per jaar. Broedgebieden hoofdzakelijk in Drenthe, op vloeivelden en vennen in veengebieden. Kan spontaan elders opduiken als de omstandigheden gunstig zijn.

Aantallen in Nederland

Aantal broedparen 9-11 (in 2012)
Geschat maximum aantal overwinteraars/doortrekkers zeer klein aantal

Bron: Sovon Vogelonderzoek Nederland

Meer weten over trends? Kijk op sovon.nl.

Waarnemingen

Meer waarnemingen op Waarneming.nl

Kijktip

Winterwaarnemingen op luwe plaatsen (havens bijvoorbeeld) in de Delta.

In Europa

De roodhalsfuut is een broedvogel van overwegend Midden- en Oost-Europa. In West-Europa heeft de soort geen aaneengesloten verspreidingsgebied. Grotere aantallen komen voor in onder meer Oekraïne, Letland en Roemenië. Ook in Duitsland, Denemarken en Zweden present. In Duitsland broedvogel met enkele honderden tot meer dan duizend broedparen.

Meer informatie


Bescherming

Om de roodhalsfuut te helpen zich vast in Nederland te wortelen is aandacht nodig voor het behoud en het creëren van optimaal broedgebied. Dat zijn in oppervlakte niet al te grote, ondiepe wateren met rijke vegetaties, zowel langs de oevers als onderwater. Deze vegetaties staan garant voor een ruim aanbod aan waterinsecten, larven, slakjes, kreeftjes en dergelijke, het voornaamste voedsel in de broedperiode. Natuurlijke waterpeilen en goede waterkwaliteit zijn vereisten voor broedhabitat.

De roodhalsfuut staat op de Rode Lijst van Nederlandse broedvogels. Rode Lijsten bevatten soorten die bedreigd worden of kwetsbaar zijn. Rode Lijsten hebben geen officiële juridische status, maar hebben in de praktijk wel een belangrijke signaleringfunctie. Voor deze soorten geldt een hogere prioriteit bij het nemen van actieve beschermingsmaatregelen, bijvoorbeeld door hun leefgebieden te verbeteren. Download het Basisrapport voor de Rode Lijst Vogels volgens Nederlandse en IUCN–criteria.

Wat wij doen

Vogelbescherming zet zich op verschillende manieren in voor de bijzondere natuurkwaliteit van de wetlands in Nederland. Van zulke plekken moet de bedreigde roodhalsfuut het hebben. Dat gaat zowel over juridische bescherming, de aanleg van 'nieuwe natuur' als dat we via vrijwillige WetlandWachten een oog in het zeil houden. Zij spreken overheden en terrein beherende organisaties aan op het voorkomen van lokale misstanden.

Wat kunt u doen

De roodhalsfuut kan profiteren van de aanleg van wetlands en van plas-dras gebieden. Voor deze soort zijn verder een goede waterkwaliteit en natuurlijke peilfluctuaties belangrijk met hoge winter- en voorjaarsfluctuaties, waardoor er goed ontwikkelde oever- en watervegetaties ontstaan. Zo kan de soort nestelen en is er wat te eten aan ongewervelde dieren die in zulke vegetaties een plek hebben. Zulk beheer vraagt om een constante inspanningen van vooral overheden, maar ook terreinbeheerders en de landbouwsector.

Meer weten?


Wet- en regelgeving

De roodhalsfuut is een beschermde inheemse diersoort. Net als alle andere vogels die van nature in het wild in Nederland voorkomen zijn roodhalsfuten beschermd op grond van de Europese Vogelrichtlijn. De bescherming van de roodhalsfuut is in Nederland geregeld in de Flora- en faunawet.

Algemene regels

De Flora- en faunawet bevat een aantal verboden handelingen die van toepassing zijn op alle inheemse vogels, waaronder de roodhalsfuut. Deze verboden gelden in heel Nederland. De wet verbiedt:

  • het doden, verwonden, vangen (artikel 9)
  • het opzettelijk verontrusten (artikel 10)
  • het beschadigen, vernielen, uithalen, wegnemen of verstoren van nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen (artikel 11)
  • het zoeken, rapen, uit het nest nemen, beschadigen of vernielen van eieren (artikel 12)
  • het bezit, het vervoer en de handel in de vogels dan wel eieren, nesten of producten daarvan (artikel 13)

Uitzonderingen op de verboden zijn onder strikte voorwaarden mogelijk. Daarvoor is een ontheffing of een vrijstelling nodig.

Bijzondere regels

De Flora- en faunawet biedt in heel Nederland gedurende het broedseizoen bescherming aan de nesten van roodhalsfuten, inclusief de functionele omgeving om het broeden succesvol te laten zijn. Er zijn geen natuurgebieden voor deze soort aangewezen op grond van de Natuurbeschermingswet 1998.

Meer weten?

© Foto's: AGAMI   © Illustraties vogels: Elwin van der Kolk   © Video's: Natuur Digitaal