Samenwerken voor de patrijs

De patrijs is een zeer geliefde plattelandsvogel, een icoon van het agrarisch landschap. Maar het gaat niet goed met deze plattelandsbewoner. In het noorden, midden en westen van Nederland heeft de patrijs grotendeels het veld geruimd. In vergelijking met 1960 is er nu nog maar 5% over van het toenmalige aantal patrijzen: van honderdduizenden broedparen, naar zo’n tienduizend broedparen.

Ruige plekjes

Wie de schets van het ideale patrijsgebied legt naast het huidige agrarische landschap, snapt meteen het probleem. In het intensief gebruikte platteland van nu kan de patrijs het niet bolwerken. Ruige plekjes met overjarige vegetatie waar de patrijs zijn nesten bouwt, zijn vrijwel verdwenen. De insecten, die de kuikens als voedsel nodig hebben, zijn er steeds minder.

Hulp nodig

Zonder hulp is de patrijs binnen tien tot twintig jaar misschien wel verdwenen uit Nederland. Om deze prachtige vogel te behouden is een ander soort landbouw nodig. Een landbouw die de zorg voor natuur en landschap combineert met een gezonde bedrijfsvoering.
Dat kan. Regionaal zijn er al veel lovenswaardige initiatieven voor de patrijs, vaak samenwerkingsverbanden van vrijwilligers, boeren, jagers en particulieren. Met brede en natuurlijk beheerde akkerranden en ruigtes. Of met herplant van heggen en houtwallen.

Elke erfbewoner die in een patrijzen-gebied woont, kan met erfranden ook zelf iets doen voor deze vogel. Bijvoorbeeld met een brede kruidenrijke strook als overgang naar het aangrenzende bouw- of grasland. Of het inzaaien van een graanveldje, dat de winter over blijft staan. Dat zijn prima voorzieningen voor voedsel en dekking. Ook voor veel andere fauna en flora.

PARTRIDGE

Als uitvloeisel van ‘Het Jaar van de Patrijs’ (2013) was Vogelbescherming vanaf 2015 nauw betrokken bij een internationale fondsaanvraag voor de patrijs bij de EU in het kader van Interreg North Sea. Vijf landen sloegen hiervoor de handen bijeen: België, Engeland, Schotland, Duitsland en Nederland. Oktober 2016 kwam het goede nieuws dat ons voorstel (getiteld “PARTRIDGE”) is gehonoreerd.

Dankzij deze Interreg-subsidie kunnen in elk deelnemend land twee voorbeeldgebieden van minimaal 500 hectare optimaal worden ingericht voor de patrijs. De Nederlandse voorbeeldgebieden komen te liggen in West-Brabant (Land van Heusden en Altena) en op Schouwen-Duiveland in Zeeland. Deelnemende Nederlandse organisaties zijn Stichting Landschapsbeheer Zeeland, Het Zeeuwse Landschap, Brabants Landschap en Vogelbescherming Nederland. Zij werken in dit project nauw samen met landbouwers, collectieven voor agrarisch natuurbeheer, wildbeheereenheden en vogelwerkgroepen. Via PARTRIDGE willen we laten zien dat het wel degelijk mogelijk is om het tij voor de patrijs te keren.

Pilots voor de patrijs

Eerder werden als gevolg van ‘Het Jaar van de Patrijs’ (2013) vier pilotprojecten voor de patrijs gefinancierd door de leden van Vogelbescherming en het Prins Bernhard Cultuurfonds. In de Achterhoek, Oost-Groningen, in Zeeuws-Vlaanderen en in Noord-Brabant. Door deze projecten weten we beter hoe de patrijs van de ondergang is te redden.

Gerelateerde items