Visdief als ambassadeur

Het IJsselmeergebied is in potentie een prachtig vogelgebied. Maar het ontbreekt aan ondieptes en natuurlijke overgangen. Ook de aansluiting van vissen met de Waddenzee en het binnenland laat te wensen over. Om de kwaliteit van de natuur in het gebied te verhogen is onderzoek nodig. Vogelbescherming, Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer hebben daarvoor de handen ineen geslagen en onderzoeken het broedsucces van visdieven in het IJsselmeergebied.

Vogelbescherming doet in samenwerking met andere natuurorganisaties onderzoek naar visdieven in het IJsselmeergebied deze fraaie sternsoort. We onderzoeken kolonies in Wieringermeer, De Kreupel, de sluizen van Lelystad, de Marker Wadden en een eiland in het Eemmeer. Op de Kreupel (2500) en Marker Wadden (1800) bevinden zich de grootse kolonies. Elders zijn de aantallen veel kleiner met enkele tientallen tot ongeveer 175 paar op een fraai nieuw eiland in het Eemmeer.

Als visdieven veel jongen kunnen grootbrengen weten we dat er veel kleine jonge vis aanwezig is. Bijvoorbeeld spiering in het diepe water of jonge witvis in de ondiepe zones langs de oever. Daarvoor zijn onderzoekslocaties van noord naar zuid in diepe en ondiepe delen van het gebied gekozen. We hopen er zo achter te komen waar het goed of slecht gaat met visdieven en wat we kunnen verbeteren.

Als het goed gaat met visdieven, gaat het ook goed met andere watervogels als futen, nonnetjes, zwarte sterns en grote zaagbekken. Visdiefjes broeden op kale eilanden die van nature thuishoren in zoetwaterwetlands met veel dynamiek. Ze eten kleine vis die volop aanwezig zou moeten zijn in een natuurlijk zoetwatermeer dat aansluit op de zee en rivieren.

Foto genomen tijdens monitoring op Marker Wadden (Jan van der Winden)

Instant succes in het Eemmeer

Met veel sterns in ons land, waaronder de visdief, gaat het niet goed. Vogelbescherming werkt daarom – mede dankzij de financiële steun van de Stern Groep – aan het herstellen van broedeilandjes in voedselrijke gebieden. Sterns houden van onbegroeide maar voldoende hoge eilanden, zandplaten en strandjes, bij voorkeur moeilijk bereikbaar voor predatoren en recreanten.

Soms komt natuurbeschermingssucces snel. Eind 2016 hebben Vogelbescherming en Natuurmonumenten drie dichtbegroeide eilandjes in het Eemmeer weer geschikt gemaakt voor broedvogels als de visdief. Het was een instant succes: er werden in 2017 zo’n 175 visdiefnesten geteld, tegen slechts 1 in 2016. Het is daarmee meteen een van de grootste kolonies van de Randmeren.