Wespendief

Honey Buzzard, Pernis apivorus - Sperwers (Accipitridae)

Unieke roofvogel door zijn uitgesproken voedselvoorkeur: larven, poppen, volwassen wespen en honing. Graaft grondnesten van wespen uit. Stijve schubachtige kopveren en dikke huid op poten voorkomt dat de wespendief lek gestoken wordt. Zomervogel, overwintert ten zuiden van de Sahara.

Herkenning

Variabel van tekening en kleur. Buizerdachtig, maar met langere staart met scherpere hoeken; smalle, uitstekende kop; langere handvleugel. Houdt vleugels niet in zwakke 'V' bij cirkelen en vliegt met soepele vleugelslagen. Staart met drie dwarsbanden (vier bij jonge vogels).

Geluid

Hoge, overslaande, fluitende roep.


52-60 cm, spanwijdte 118-150 cm


Deze soort lijkt op:

Koop uw verrekijker of telescoop bij Vogelbescherming

Ruime sortering, hoge kwaliteit in alle prijsklassen, 40 jaar expertise en persoonlijk advies in de winkel in Zeist. Ons enthousiaste en deskundige winkelteam demonstreert graag de verschillende modellen en mogelijkheden, zodat u zelf kunt vergelijken en uw keuze op uw gemak kunt maken. Én u steunt het werk van Vogelbescherming.

bekijk ons assortiment in de webshop

Leefwijze

Broeden

Bouwt jaarlijks een nest, maar knapt ook oude nesten op. Nestelt in kruin van hoge loof- en naaldbomen.
Eén legsel, meestal twee eieren. Broedtijd juni-juli, jongen vliegen uit tot in september. Broedduur 30-35 dagen. Jongen vliegvlug na 40-44 dagen.

Leefgebied

Loofbossen en gemengde bossen, met open plekken, heide, hoogvenen en graslandjes. Ook moerasbos en kleinschalig cultuurland met bos. Op trek overal waar te nemen. Overwintert in bossen en bossavannen in tropisch Afrika.

Voedsel

Vooral sociale wespen met grondnesten, soms ook boomnesten (eet larven, poppen, volwassen wespen en honing). Volgt wespen vanaf een tak om de nesten te vinden en graaft ze daarna uit. Raten worden meegenomen naar het nest. Verder ook andere insecten (hommels, kevers), kleine zoogdieren, reptielen, eieren en jongen van vogels en bij slecht weer amfibieën (kikkers vooral).

Vogeltrek

Trekt van Europa via het Iberisch Schiereiland, de Balkan en Italië naar tropisch Afrika. Najaarstrek van eind juli tot half september, voorjaarstrek van eind april tot begin juni. In Nederland trekken vooral bij oostenwind wespendieven door uit Scandinavië, zowel in voor- als najaar.


Verspreiding en aantal

schaarse broedvogel | wegtrekkend | doortrekker in klein aantal

jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec

Trend is niet helder, maar is mogelijk licht afgenomen in aantal.

Aantallen in Nederland

Aantal broedparen 500-650 (in 1998-2000)
Geschat maximum aantal overwinteraars/doortrekkers vrij klein aantal

Bron: Sovon Vogelonderzoek Nederland

Meer weten over trends? Kijk op sovon.nl.

Waarnemingen

Meer waarnemingen op Waarneming.nl

Kijktip

Grote bosgebieden in oosten, midden en zuiden van het land geven de beste kansen voor wespendieven. Zoek in de periode mei-juni bij mooi weer met thermiek plaatsen op met veel zicht over het bos.

In Europa

Broedt in vrijwel geheel Europa, vooral in de zone met gematigd klimaat. Ontbreekt in grote delen van het Middellandse Zeegebied, en in Noord-Scandinavië.

Meer informatie


Bescherming

Op wereldschaal niet bedreigd, maar vooral in Scandinavië was het broedsucces over een lange periode laag. Jaarlijks worden grote aantallen geschoten op Malta, in Italië en in Georgië.

Wat wij doen

Vogelbescherming maakt zich via BirdLife International sterk voor een betere regels en betere handhaving van de bestaande wetten en regels rondom jacht in het Middellandse Zee-gebied.

Wat kunt u doen

In het bosbeheer is het mogelijk om wespendieven op diverse manieren tegemoet te komen. Ze broeden in zowel loof- als naaldbomen, maar het liefst in naaldbomen. Zorg daarom dat ook bij omvorming van natuurlijk loofbos er wat naaldbomen blijven staan. Kappen in de broedtijd is uit den boze. Een gevarieerd bosgebied afgewisseld met natuurlijke graslanden en waterpartijen (vennen) is goed voor de voedselvoorziening van wespendieven.

Meer weten?

Downloads


Wet- en regelgeving

De wespendief is een beschermde inheemse diersoort. Net als alle andere vogels die van nature in het wild in Nederland voorkomen zijn wespendieven beschermd op grond van de Europese Vogelrichtlijn. De bescherming van de wespendief is in Nederland geregeld in de Flora- en faunawet en een deel van hun leefgebieden wordt beschermd via de Natuurbeschermingswet 1998.

Algemene regels

De Flora- en faunawet bevat een aantal verboden handelingen die van toepassing zijn op alle inheemse vogels, waaronder de wespendief. Deze verboden gelden in heel Nederland. De wet verbiedt:

  • het doden, verwonden, vangen (artikel 9)
  • het opzettelijk verontrusten (artikel 10)
  • het beschadigen, vernielen, uithalen, wegnemen of verstoren van nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen (artikel 11)
  • het zoeken, rapen, uit het nest nemen, beschadigen of vernielen van eieren (artikel 12)
  • het bezit, het vervoer en de handel in de vogels dan wel eieren, nesten of producten daarvan (artikel 13)

Uitzonderingen op de verboden zijn onder strikte voorwaarden mogelijk. Daarvoor is een ontheffing of een vrijstelling nodig.

Bijzondere regels

De  Flora- en faunawet biedt bescherming aan alle in gebruik zijnde nesten, voortplantingsplaatsen en vaste rust- en verblijfplaatsen van vogels. Deze bescherming geldt voor alle soorten gedurende het broedseizoen en voor een beperkt aantal soorten jaarrond. Nesten van wespendieven zijn het gehele jaar beschermd, omdat zij jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest. De nesten zijn daarom, voor zover ze niet permanent verlaten zijn, jaarrond beschermd. Drie natuurgebieden die door de wespendief worden gebruikt als broedgebied zijn aangewezen en beschermd op grond van de Natuurbeschermingswet 1998. Het gaat om Brabantse Wal, Drents-Friese Wold & Leggerveld en Veluwe.

Meer weten?

© Foto's: AGAMI   © Illustraties vogels: Elwin van der Kolk   © Video's: Natuur Digitaal