Navigatie overslaan
White-throated laughing thrush / Witkeellijstergaai - Foto: Marc Guyt Alle berichten
White-throated laughing thrush / Witkeellijstergaai - Foto: Marc Guyt Marc Guyt

Door Marc Guyt
Fotograaf

Vogels kijken in het leefgebied van de tijger

Geplaatst op 7 september 2026

Reizen, natuur en fotografie – dat zijn de drie passies van Marc Guyt. In beelden en woorden neemt hij ons mee naar plekken waar de natuur nog glorieus is, maar ook kwetsbaar en bescherming verdient. Deze keer reizen we met hem mee naar een aantal nationale parken in India, waar behalve vogels ook tijgers voorkomen en het eco-toerisme gelukkig goed gereguleerd is.

Grote oranje gestreepte kat

De beste vogelsoort tijdens een vogelreis is niet zelden een zoogdier. Vooral wanneer het een grote oranje, gestreepte kat betreft. Daar hadden we dus tijd voor ingeruimd voorafgaand aan de eerste editie van de Global Wildlife Fair in India.

Reden om de tijger op te zoeken was mijn medewerking aan een scoutingtrip voor de mogelijkheden van een vogelfotoreis, met zoogdieren als bonus. De eerste ochtend brachten we een bezoek aan het prachtige Jim Corbett National Park in Noord-India, gelegen aan de voet van de Himalaya.

Ochtendbezoek Jim Corbett National Park

We hadden vanwege ons reisschema maar één ochtend in het park. Alles waar we langs reden moest op de foto – je weet maar nooit of je het later nog een keer zo dicht voor de lens krijgt. En het is ook lastig keuzes maken met zoveel vogels die je ziet. We namen dus geen risico’s, ook zeer wijdverspreide soorten als Aziatische roodborsttapuit en veldpieper werden uitgebreid vastgelegd.

Voor de grootste kans op een tijger is de beste strategie om zo vers mogelijke sporen te volgen. Tijgers hebben blijkbaar poezelige voetjes: ze kiezen ervoor om vooral over de zandwegen te lopen. Ook de alarmroepen van axisherten en hanumanlangoeren zijn belangrijk. De lokale gidsen herkennen aan de alarmroep of ze aanslaan op een tijger of een luipaard.

Tijgers zagen we niet, ondanks de aanwezigheid van sporen en alarmroepen. Gelukkig werkte een kudde Aziatische olifanten wel mee, inclusief een opgewonden volwassen man (hormonen) en kleine kalfjes. Alles vanaf een veilige afstand. De chauffeur en gids zorgden ervoor dat we de olifanten niet insloten en hun route niet blokkeerden.

Qua vogels deden we fotografie technisch goede zaken, met vele foto’s in het prachtige Indiaase ochtendlicht.  Een aantal overwinterende steenortolanen was een hoogtepunt. Net als een prachtige chestnut-capped bee-eater en een changeable hawk-eagle zittend op de reling van een uitzichttoren.

Het bezoek was zo indrukwekkend, dat we eigenlijk diezelfde middag en de ochtend erna weer het park in wilden. Maar zonder reservering kwamen we er niet meer in.

Bruinkopbijeneter - Foto: Marc Guyt/AGAMI Bruinkopbijeneter - Chesnut-headed Bee-eater Bruinkopbijeneter - Foto: Marc Guyt/AGAMI
Indische kuifarend - Foto: Marc Guyt/AGAMI Indische kuifarend - changeable hawk-eagle Indische kuifarend - Foto: Marc Guyt/AGAMI

Regels nationale parken aangescherpt

Natuurbescherming wordt in India serieus genomen en het beheer van nationale parken en tijgerreservaten wordt steeds verder aangescherpt. Rond nationale parken wordt leefgebied toegevoegd en soms worden zelfs dorpen verplaatst om natuurgebieden met elkaar te verbinden.

De regels in de nationale parken zijn streng. Het aantal bezoekers is beperkt, safari’s mogen maar een paar uur per dag plaatsvinden en worden verdeeld over verschillende zones en vaste routes. Elke chauffeur is officieel getraind en iedere jeep heeft een gids van het park mee. In Corbett zijn bijvoorbeeld per zone maar een beperkt aantal jeeps per ochtend en middag toegestaan.

Ecotoerisme zorgt bovendien voor werk en inkomen voor veel mensen uit de omgeving. Daarmee ontstaat meer draagvlak voor het beschermen van de natuur. De inkomsten uit toerisme dragen daarnaast bij aan het beheer en de bescherming van de parken.

De aanwezigheid van bezoekers heeft daarnaast een onverwacht voordeel: er zijn vrijwel voortdurend mensen in het gebied. Dat maakt het voor stropers moeilijker om ongezien hun gang te gaan. In het regenseizoen, wanneer parken gesloten zijn, moeten rangers nog actiever patrouilleren om stroperij tegen te gaan.

Dat betekent niet dat iedere safari automatisch goed is voor de natuur. Juist daarom zijn regels over het aantal jeeps, de routes, de afstand tot dieren en het gedrag rond een waarneming zo belangrijk.

Toerisme en natuurbescherming

Toerisme en natuurbescherming lijken op het eerste gezicht tegenstrijdig. Maar verantwoord toerisme kan ook bijdragen aan het beschermen van natuur, dieren en vogels.

Jane Goodall, die zich decennialang heeft ingezet voor natuurbescherming, ziet een belangrijke rol voor verantwoord wildlife- en ecotoerisme. Het Jane Goodall Institute publiceerde hierover in 2024 een eigen Policy on Wildlife Tourism, waarin het pleit voor toerisme dat niet alleen schade beperkt, maar ook daadwerkelijk bijdraagt aan natuurbehoud.

Ook de Global Wildlife Fair is vanuit die gedachte ontstaan: mensen en organisaties uit de wereld van natuurbescherming en verantwoord toerisme bij elkaar brengen en zo wereldwijd bijdragen aan de ontwikkeling van duurzaam ecotoerisme.

Middagbezoek aan de Kosi-rivier

Het originele plan dan maar: een middagbezoek aan de Kosi-rivier in de voetheuvels. In de winter is dit de plek voor de ibisbill, een unieke steltloper die in het hooggebergte broedt en hier bijna elk jaar met één of enkele exemplaren overwintert. Helaas waren we hiervoor te vroeg in het jaar, net als voor overwinterende rotskruipers.

De plek die we bezochten lag aan de doorgaande weg dwars door het nationale park richting de dorpen en steden in de hogere Himalaya. De weg, de plattelandsdorpjes en de rivier, midden tussen ‘muren’ van opgaand tropisch bos, zijn openbaar. Er is geen hek te vinden. Om bij de rivier te komen, moet je een halve kilometer door het bos afdalen, waar twee prachtige velvet-fronted nuthatches een show weggaven.

De rivier zelf is een topplek voor soorten als de prachtige spotted forktail, white-capped en plumbous redstart, river lapwing, bruine waterspreeuw en de indrukwekkende crested kingfisher – een ijsvogel met twee kuiven en bijna zo groot als een kraai.

Bij de rand van het bos stond ik opeens aan de grond genageld. Bij een poeltje in de rivierbedding stonden pootafdrukken groter dan mijn hand en ze leken vers. Volgens de lokale gids waren deze van een volwassen mannetjestijger die een paar dagen geleden zijn dorst had gelest. En dat op een paar honderd meter van het dichtstbijzijnde huis.

De weg terug door het bos loop je dan toch iets minder ontspannen. Te voet wil je dan juist weer geen tijger tegenkomen…

Chinese reuzenijsvogel - Foto: Marc Guyt/AGAMI Chinese reuzenijsvogel - crested kingfisher Chinese reuzenijsvogel - Foto: Marc Guyt/AGAMI
Indische sporenkievit - Foto: Marc Guyt Indische sporenkievit - river lapwing Indische sporenkievit - Foto: Marc Guyt

Vogellodge Pangot

Enkele dagen later verbleven we in de op ca. 2.000 meter hoogte gelegen Jungle Lore Birding Lodge in Pangot. Het is hier gelukkig nog heel groen, mede dankzij de eigenaar van Jungle Lore, die een groot stuk bos had gekocht dat direct aansloot op de bossen op de flanken van de Himalaya.

De tuin van de lodge is zeer vogelrijk en zeer geschikt om in te fotograferen. Sinds enkele jaren is op het terrein ook een drinkvijver met schuilhut geplaatst. Vandaaruit zie je prachtige soorten als Nepalfazant, red-billed blue magpie, black-headed jay en grote groepen white-throated laughing-thrushes water komen drinken. En ’s nachts, als niemand kijkt, regelmatig ook een luipaard.

Voor de beste foto’s is het altijd nodig om het oppervlaktewater van de drinkvijver schoon te maken. Terwijl ik aan het einde van de dag hiermee bezig was, hoorde ik opeens een indringend geluid door het dal rollen. Het leek vrij dichtbij, maar kwam waarschijnlijk van de tegenoverliggende bergkam op circa 1 à 2 km afstand. De lokale gids was in gedachten verzonken, want toen ik vroeg of hij wist welke kat dat was, schrok hij op – een tijgerin! Tot ver in het donker hoorden we de tijgerin roepen. De hond van de hotelmanager had het ook scherp in de gaten, die durfde het hoofdgebouw niet meer uit.

Strepengaai - Foto: Marc Guyt/AGAMI Strepengaai - black-headed jay Strepengaai - Foto: Marc Guyt/AGAMI

Pootafdrukken

De volgende ochtend vertrokken we naar hoger gelegen graslanden op de flanken van de steilere bergwanden, voor de koklassfazant en de zeldzame cheerfazant.

Het eerste wat ik zag bij het uitstappen van de auto waren pootafdrukken van een tijger. Waarschijnlijk dezelfde tijgerin die we de avond ervoor hoorden roepen.

De manier om hier de fazanten te zien te krijgen, is de weg af te lopen, letterlijk in de voetsporen van de tijger. Gek genoeg voel je je in open landschap en open bergbossen meer op je gemak dan in een dicht bos – terwijl een tijger die op de grond in de begroeiing gaat liggen compleet verdwijnt en het dus nog steeds spannend is

Bengaals Tijger - Foto: Marc Guyt/AGAMI Bengaalse tijger Bengaals Tijger - Foto: Marc Guyt/AGAMI

A little bit cranky

De tijger was ons deze korte reis niet gegund. Gelukkig had ik zelf tijdens eerdere reizen al eens oog in oog gestaan met dit majestueuze dier. Eén waarneming, veertien jaar geleden, had de meeste indruk gemaakt.

Ik verbleef een aantal weken midden in Bandhavgarh National Park, een van de beste parken voor tijgers. Elke dag ging ik twee keer op jeepsafari. En elke keer kwam ik terug met vogelfoto’s, maar zonder tijger. Elke dag bij terugkomst vroegen medewerkers van het park of ik de tijger gezien had. Mijn standaardreactie was dat er volgens mij helemaal geen tijgers in Bandhavgarh zaten.

Het park bestaat uit vier zones. Twee zones zijn goed voor tijgers, in de overige twee worden ze bijna niet gezien en niemand wil daar ingedeeld worden. Tot dan toe was ik steeds in een van de twee beste zones geweest, maar die waren die ochtend volgeboekt.

Ik werd met nog een paar jeeps naar het op papier minste deel van het park gestuurd. Voor die dag had ik de hoop op een tijger bij voorbaat al afgeschreven.

Al rijdend door een dicht bamboebos stond ik achter in de open jeep te genieten toen ik met een klap tot zitten werd gebracht. Een tijger had als uit het niets met veel geluid en gegrom de auto aangevallen. Ik keek verstijfd van de adrenaline recht in de ogen van een tijger – bijna op aanraakafstand.

De tijger was na het stilzetten van de auto ondertussen weer het bamboe ingelopen. Zonder twijfel zette de chauffeur de jeep in zijn achteruit tot de plek waar de tijger was verdwenen. Daar lag ze een paar meter diep.

Meestal schenken tijgers geen aandacht aan een jeep, maar echt blij leek dit dier niet. Regelmatig gromde ze en liet ze haar tanden zien. Niet normaal gedrag, met recht intimiderend en hoogst uitzonderlijk. Gewoonlijk reageren ze nauwelijks op een jeep. Al heel snel leek het de chauffeur verstandig om de auto iets verder te verplaatsen. Het aanzetten van de motor bleek echter een trigger en ze sprong recht op de jeep af.

Net op tijd waren we uit bereik. De tijgerin draaide zich om en liep, af en toe omkijkend naar waar wij precies reden, naar een bocht in de weg. Langzaam reden wij de bocht om, om uit te kijken op een lege zandweg die aan de horizon verdween en… geen tijger.

Ik stond ondertussen alweer achter in de jeep. In mijn ooghoeken zag ik een oranje vlek uit het bos richting de jeep vliegen. Ik klapte zo hard mogelijk op de jeep en riep: go, go, go. De jeep stoof nog net op tijd weg, waarbij de tijger enkele tientallen meters achter de jeep zat.

Op een paar honderd meter stopten we de jeep weer. De tijger liep ondertussen nonchalant en relaxed over de weg richting de jeep. Veel eerder dan normaal vonden we het al dichtbij genoeg. Zodra de autosleutel werd omgedraaid, kwam ze als een kanonskogel recht op de auto af.

Mijn hersenen konden het niet bevatten hoe snel ze omschakelde van relaxed naar jachtmodus. Ik probeerde nog foto’s te maken, maar door het stuiteren van de auto had ik na afloop foto’s van de lucht, het zand op de weg, een stuk van de staart en onscherpe foto’s van de tijger met omgedraaide oren.

Dit laatste doen ze als ze op dieren jagen. Het is het teken dat het haar die keer menens was. We namen geen risico meer en reden direct naar een omheind boswachtersstation om daar uitgezakt op stoelen het ongeloof van ons af te laten glijden. Er zaten dus toch tijgers in Bandhavgarh!

Het bleek dat de chauffeur tegen de boswachters had gezegd dat hij nooit meer van zijn leven naar die betreffende tijger wilde. Het had ook bij hem indruk gemaakt. Een dag later vertelde ik mijn verhaal aan een andere gids van het park waarop hij droog antwoorde “Oh that tiger, she is a little bit cranky.” Het bleek een tijgerin te zijn die volgens de gids het temperament van haar moeder had geërfd en blijkbaar wat meer persoonlijke ruimte wilde dan andere tijgers.

De chauffeur en lokale gids wilden na ons avontuur eigenlijk direct doorrijden naar huis. We gingen op mijn verzoek natuurlijk wel gewoon door met de safari. De tijger zat in de tas, we hadden nu eindelijk tijd om de vogels van het nationale park goed te fotograferen.

Tekst en foto's: Marc Guyt. Het volgende blog gaat over Nieuw-Zeelandse piepers. Het hele verhaal van Marc's tijgeravontuur is hier te lezen.

Bengaals tijger - Foto: Marc Guyt/AGAMI Bengaalse tijger Bengaals tijger - Foto: Marc Guyt/AGAMI

Partner van BirdLife International

Wereldwijd wordt de natuur in hoog tempo vernietigd. Om dat te stoppen zijn er in alle landen sterke natuurorganisaties nodig. Vogelbescherming draagt daaraan bij als Partner van BirdLife International en ondersteunt een aantal partners bij hun ontwikkeling.

Bekijk de video over BirdLife International

Biologische planten in onze webshop

Vogelbescherming heeft verantwoorde, biologische planten geselecteerd die vogelvriendelijk zijn. Goed voor insecten en vogels en biodiversiteit.

Ontdek de biologische planten