Vogelweetje voor in de les

Meest bestudeerde vogel van Nederland

De koolmees is het meest bestudeerde vogeltje van Nederland. En misschien zelfs wel van de wereld!

Meer dan 100 jaar geleden kreeg iemand het idee om in een bos bij Wageningen 110 nestkastjes op te hangen. Deze man had de nestkastjes door een klompenmaker laten maken van uitgeholde boomstammen.

Al na één jaar gingen in 95 van de 110 kastjes koolmezen broeden. De man die het bedacht had, hield daarna alles bij een in een schriftje. Welke kastjes waren bewoond? Wanneer ze gingen broeden? Hoeveel eieren er werden gelegd en hoeveel kwamen er uit?

Dit was het eerste echte onderzoek naar koolmezen. Daarna is dat enorm uitgebreid. Nu is de koolmees dus het meest onderzochte vogeltje van Nederland.

Een van de instituten waar belangrijk onderzoek naar koolmezen wordt gedaan is  NIOO-KNAW. Kijk HIER naar wat zij zoal doen.

Meer weten over de koolmees? Kijk in onze digitale vogelgids!

De honderddagenvogel

De bijnaam van de gierzwaluw is ´honderddagenvogel´. Dat is omdat ze maar ruim drie maanden in ons land verblijven; zo ongeveer honderd dagen.

Gierzwaluwen komen zo rond eind april aan in Nederland. De eerste week van augustus vertrekken ze alweer naar Afrika. In die tijd paren ze, maken ze een nest, leggen eieren en brengen jongen groot. Een race tegen de klok dus!

De gierzwaluwen zijn zo kort hier, dat je ze eigenlijk beter Afrikaanse vogels kunt noemen. Ze zijn immers maar drie maanden bij ons en acht tot negen maanden in Afrika.

Ontdek meer over de gierzwaluw in de online vogelgids van Vogelbescherming.

Waarom staan ooievaars vaak op één poot?

Ooievaars staan vaak op één poot, de andere poot zit dan opgevouwen tussen de veren. Waarschijnlijk doen ze dat om minder snel af te koelen.

De poten zijn namelijk niet bedekt met veren, waardoor het bloed dat door de poten stroomt sneller afkoelt. Met het tussen de veren stoppen van de poot, regelen ze dus de temperatuur van de poten.

 

Lees meer over ooievaars op: www.ooievaars.eu

Stokoude ijsvogel

Een ijsvogel wordt gemiddeld 2 jaar. Is de vogel 5-6 jaar oud dan heb je al te maken met een bejaarde ijsvogel. De oudste ijsvogel moet wel een supervogel geweest zijn, want die werd liefst 21 jaar!

Op 7 juli 1971 wordt in Molenbeersel (België) een ijsvogel gevangen en geringd.  Al snel wordt de ijsvogel weer gevangen door een ringer. Dat is op 11 september 1971 in het Nederlandse Noord-Brabant. Wat toen nog gebruikelijk was gebeurde: de Belgische ring werd verwijderd en een Nederlandse ring aangelegd.

Wonderwel werd deze ijsvogel nog een keer door ringers gevangen, namelijk op 7 augustus 1992 bij Hoophuizen in Gelderland. Het ringnummer werd genoteerd en de vogel vrijgelaten. De ijsvogel was toen 21 jaar oud, maar misschien is deze vogel dus wel nóg ouder geworden!

 

Ontdek meer over de ijsvogel op de speciale pagina van deze soort in de online vogelgids van Vogelbescherming. 

Gevaarlijk eten

Veel kerkuilen gaan dood door het verkeer. Omdat ze veel voedsel kunnen vinden in wegbermen, gebeurt het vaak dat ze worden geraakt door auto’s. In sommige gebieden kan het aantal kerkuilen dat sterft in het verkeer wel tot boven de 70% stijgen.

De belangrijkste oorzaak is de hoge dichtheid aan veldmuizen (de favoriete kerkuilensnack) in brede bermen van wegen en hoe kerkuilen jagen. Ze gebruiken vaak een hectometerpaaltje als uitkijkpost om muizen te vangen. Als de kerkuil zijn prooi beet heeft, keert hij terug naar het paaltje om zijn prooi te verorberen of met zijn prooi van het paaltje te vliegen. De paaltjes staan dicht aan de weg. Bij het opvliegen kunnen auto's de vogels raken en dat kost de kerkuil vaak het leven.

Om die hectometerpaaltjes onaantrekkelijker te maken, werd eerder een proef gehouden. Lees hier meer over die proef.

In dit filmpje kun je zien hoe het werkt: de kerkuil wil op het paaltje landen maar glijdt ervan af.

Hopelijk gaat het veel kerkuilevens redden!

Ontdek meer over de kerkuil op de speciale kerkuilpagina in de online vogelgids van Vogelbescherming.

 

De allersnelste

Wat is het snelste dier ter wereld? Juist: de slechtvalk. Die kan een topsnelheid ontwikkelen van meer dan 350 kilometer per uur. Zo snel als Max Verstappen.


Een slechtvalk is sowieso een snelle vlieger. Gemiddeld vliegen ze 40 tot 55 kilometer per uur. Dat kan oplopen tot wel 150 km/u als ze een prooi achterna zitten.

Het wordt pas echt ongelofelijk snel als ze vanaf een kilometer hoogte op hun prooi duiken. Dan kunnen ze wereldrecordsnelheden bereiken van 350 km/u. Bij een afgerichte  slechtvalk is zelfs een snelheid gemeten van 389 km/u!

Kijk hier naar een filmpje over een duikende slechtvalk.

Ontdek hier nog meer over de slechtvalk.

Gevarieerd menu

De bosuil is een echte smulpaap. Hij lust werkelijk van alles.

Natuurlijk staan bosuilen erom bekend dat ze vaak kleine zoogdieren en vogels vangen. Maar ze halen ook hun neus niet op voor kikkers, padden, wormen, slakken en insecten.

Om hun kostje bij elkaar te scharrelen jagen bosuilen meestal vanaf een vaste zitplaats. Vandaar uit hebben ze een goed overzicht over het terrein.

Nog meer interessante informatie over de bosuil is hier te vinden. 

Pittige tante

Het vrouwtje van de koolmees is een pittige tante. Wie doet bij een koolmeespaar veruit het meeste voordat de jongen er zijn? Juist! Het vrouwtje.

Meestal is zij degene die het nest bouwt. Dat is op zich al een stevige klus. Natuurlijk legt ze ook nog de eieren en daarna is zij meestal de enige die op de eieren zit.

Doet het mannetje dan helemaal niks? Jawel. Hij zorgt voor voedsel. Daarnaast zingt hij elke vroege ochtend voor het vrouwtje als ze op de eieren zit.

Meer weten over de koolmees? Kijk dan hier.

Wim van Nee

Man en vrouw bijna gelijk

Kun je bij de ooievaar eigenlijk het verschil zien tussen mannetjes en vrouwtje? Soms lukt het een beetje.

Op de foto ziet je twee ooievaars, op hetzelfde nest en met dezelfde vergroting gefotografeerd. Links een vrouwtje, rechts een mannetje.

De snavel van het mannetje is zoals je kunt zien langer en forser. Die van het vrouwtje is iets fijner gebouwd en langs de bovenrand iets rechter.

De snavel van het mannetje is 18 tot 20 cm. lang, die van het vrouwtje 16 tot 18 cm. Dat is dan gemeten vanaf de veren op het ‘voorhoofd’ tot aan de snavelpunt.

Maar ja, er zijn ook kleine mannetjes en grote vrouwtjes. Daarom is het niet makkelijk om alleen aan het uiterlijk te zien of een ooievaar een vrouwtje of mannetje is. Als ze gaan paren, zie je het natuurlijk wel!

Ontdek meer over de ooievaar in de digitale vogelgids en op www.ooievaars.eu

Tom van Kerkhoff

Vampier

Uilen zijn fantastische vogels. Zeker niet eng. Maar ze maken wel geluiden die mensen eng kunnen vinden. De wetenschappelijke naam van een bosuil is zelfs ‘vampier’.


Als je wel eens een Engelse detective ziet (Midsomer Murders bijvoorbeeld), hoor je bij nachtopnamen heel vaak een spookachtige geluid. Eerst een langgerekte ‘Hoeeeee’ en daarna een beetje bibberend ‘hoehoehoehoehoe’. Dat is het geluid van de bosuil.

Ook heel vroeger vonden de mensen dit een eng geluid. Ze dachten dan ook dat de uil een brenger van ongeluk was.  

Het idee dat een bosuil griezelig is, komt zelfs terug in zijn wetenschappelijke naam Strix aluco. Dat betekent ‘vampier-katuil’.

Het eigenlijk gewoon heel mooie bosuilgeluid is heel goed hier te horen.

Tom van Kerkhoff

Holle bolle Gijs

De blauwe reiger lijkt af en toe wel een holle bolle Gijs. Hij eet werkelijk van alles! Niet alleen vis en kikkers, maar ook insecten, zoogdieren en zelfs op de grond gevallen friet.

Je kunt het zo gek niet bedenken of een blauwe reiger eet het. Favoriet zijn vissen van 10 tot 16 centimeter groot. Daarom zie je hem vaak doodstil staan wachten op een prooi in sloten en vijvers.

Maar hij is ook vaak in weilanden te vinden. Op zoek naar bijvoorbeeld mollen, muizen en regenwormen. Als hij de kans krijgt, pakt hij zelfs wel eens een jong konijntje. Verder staan op het menu slakken, reptielen (zoals ringslangen), rivierkreeften en jonge vogels.

In de stad kunnen reigers zich als echte straatschoffies gedragen. Dan pikken ze afvalzakken kapot en bedelen ze zelfs bij mensen om eten.

Meer weten over de blauwe reiger? Kijk hier.

Tom van Kerkhoff

Man of vrouw?

Hoe herken je een ijsvogel? Man en vrouw ijsvogel lijken op elkaar. Maar het vrouwtje gebruikt 'lippenstift' op haar ondersnavel.


Een ijsvogel is plomp gebouwd, heeft een grote kop en een kort staartje. Van boven zijn ze helder blauw met metaalglans, van onder oranje. De keel is wit en achter zijn oor zit een witte vlek. De pootjes zijn kort en oranje.

Een ijsvogel heeft een zeer grote dolkvormige snavel. Bij het mannetje is die zwart en bij het vrouwtje tweekleurig: zij heeft een oranje vlek op de ondersnavel. Alsof ze lippenstift heeft opgedaan. Zo hou je ze het beste uit elkaar.

Lees hier meer over de ijsvogel.

Slangen of kraaien?

Kunnen koolmezen praten? Niet echt natuurlijk, maar soms lijkt het er wel een beetje op.


Koolmezen hebben namelijk verschillende alarmroepen voor verschillende roofdieren. En hun jongen begrijpen die meteen. Zonder dat ze ooit eerder het alarm gehoord hebben!

Ze kennen het verschil tussen een alarmroep voor slangen en andere roofdieren, zoals kraaien of marters. Een slang is een roofdier dat een nestkast in komt. Als de kuikens het ‘slangenalarm’ horen, weten ze precies dat ze dan de nestkast uit moeten springen.

Bij het alarm voor andere roofdieren moeten ze zichzelf muisstil houden in de kast.


Via deze link zijn de filmpjes te downloaden die de reacties van de kuikens laten zien op de verschillende roepen

Shutterstock

Veel prooien nodig

Kerkuilen hebben het maar druk in het broedseizoen. Ze moeten enorm veel prooien vangen voor hun hongerige jongen. En ze moeten zelf ook eten natuurlijk.

Een volwassen kerkuil eet tijdens de broedperiode 4 tot 8 prooien per dag. De ene prooi is wat groter dan de andere, dus het aantal verschilt. De uilskuikens zijn veel kleiner, maar omdat ze nu snel groeien hebben ze ook zo’n vier prooien per etmaal nodig. Omdat een kerkuilnest wel uit zeven jongen kan bestaan, is het dus hard werken geblazen.

Al met al zijn voor zulke kerkuilbroedsels wel 1750 tot 2000 prooien nodig. Het is dan ook heel vervelend voor kerkuilen als het slecht weer is. Dan lukt het ze namelijk niet om dat hoge aantal prooien te vangen. Meestal redt een deel van de uilskuikens het dan niet.

Ontdek meer over de kerkuil op de speciale kerkuilpagina.

Drie keer succesvol

Het aantal ijsvogels in Nederland kan sterk afnemen door strenge winters. Maar ze kunnen zoveel jongen per jaar grootbrengen dat hun aantal weer snel op peil is.


Een goed voorbeeld is het seizoen 2016 bij Beleef de lente. Dat jaar hadden we voor het eerst livebeelden uit een ijsvogelnest. Zo konden we zien hoe zeven jongen opgroeiden en succesvol uitvlogen.

Al bijna meteen erna begonnen pa en ma ijsvogel aan het volgende nest. Ook dat konden we helemaal volgen. Het was voor de eerste keer in de geschiedenis van Beleef de lente dat we een tweede legsel in beeld hadden. Van welke soort dan ook.

Zelfs toen het seizoen van Beleef de lente was afgelopen gingen pa en ma ijsvogel gewoon door. Er kwam  een derde legsel, óók al succesvol. In totaal vlogen alleen al van dit paar ruim 20 jongen uit. Dan gaat het natuurlijk hard!


Ontdek meer over de ijsvogel op de speciale ijsvogelpagina.

Poetswas uit de rug

Voor een vogel is zijn verenpak van levensbelang. De ooievaar heeft een speciaal middeltje om die veren goed te verzorgen.

Onderaan zijn rug heeft hij een vetklier (of stuitklier) zitten. Als hij daar met zijn snavel overheen wrijft, komt er vettig spul uit. Dat gebruikt de ooievaar als poetswas. Hij smeert uit over zijn hele verenkleed, zodat alle veren goed worden ingevet.

Dit werkt geweldig, want de ingevette veren laten geen water meer door. Als het dan gaat regenen, vallen de meeste druppel zo van het verenpak. De ooievaar blijft op die manier lekker droog en warm onder de veren.

Lees hier meer over ooievaars.

Steenuil.nl

Grote verspreiding

De bosuil kun je bijna overal in Europa tegenkomen. Alleen in IJsland, Ierland en in Noord-Europa ontbreekt hij. In Nederland komt hij veel voor in Gelderland, Overijssel en Utrecht. In het noorden van het land is hij zeldzamer en hij ontbreekt op de Waddeneilanden.

 

Bosuilen passen zich gemakkelijk aan. Ze eten bijvoorbeeld heel gevarieerd: van vogels en zoogdieren, tot slakken en wormen.

Maar ook zijn ze flexibel wat betreft broedplekken. Normaal broeden ze in holle bomen, maar als die er niet genoeg zijn, wordt gebroed in oude nesten, nestkasten en in gebouwen.

Hoewel veel bosuilen doodgaan door botsingen met auto’s, neemt hun aantal in Nederland toe.

Meer over de verspreiding van de bosuil n Nederland is te vinden op https://www.sovon.nl/nl/bosuil

Nog meer interessante informatie over de bosuil is hier te vinden.

Wijs uiltje

De wetenschappelijke naam van de steenuil is Athene noctua. Dat verwijst naar Pallas Athene, de Griekse godin van de wijsheid.  De mensen vonden uilen wijze dieren.


Steenuiltjes worden al heel lang als wijze vogels gezien. Op munten van 2500 jaar oud uit Griekenland, stond op de ene kant een afbeelding van een steenuil. Aan de andere zijde godin Athena.

Het mooie is dat op Griekse munten van 1 euro ook nu nog een steenuil staat!

Meer over de steenuilen is te vinden op deze pagina en op www.steenuil.nl

 

Dag gif, hallo slechtvalk!

Nog niet zo lang geleden waren er bijna geen slechtvalken meer in Nederland. Het ging pas weer goed toen bepaalde soorten landbouwgif werden verboden.

Tot 1960 kwamen in de winter veel slechtvalken voor in Nederland. Dat waren overwinterende vogels uit Noord-Europa. Door het gebruik van een gevaarlijk landbouwgif als DDT namen de aantallen van alle roofvogels sterk af. Het gif hoopte zich namelijk op in de prooidieren voor de roofvogels, die op die manier heel veel binnen kregen. Dat was slecht voor hun gezondheid. Ze gingen eerder dood en brachten steeds minder jongen groot.

Zeldzaamheid

De slechtvalk werd zelfs een echte zeldzaamheid. Na het verbod op DDT kwamen er langzaam maar zeker steeds meer overwinterende slechtvalken.

Ook gingen er meer slechtvalken in Nederland broeden. Tot 1990 gebeurde het maar heel af en toe dat een slechtvalk hier een nest maakte. Inmiddels gaat het weer goed met de slechtvalk. Er broeden in Nederland  150 tot 170 paar en in de winter vliegen hier rond de 500 slechtvalken rond.

Ontdek hier meer over de slechtvalk.

 

Killer koolmees

Koolmezen lijken van die leuke, lieve tuinvogels. Maar soms veranderen ze in echte killers.

Als er bijvoorbeeld een pimpelmees of een bonte vliegenvanger in hun nestkast zit, vallen ze aan. Ze kunnen deze vogeltjes dan zelfs doodpikken door op hun achterhoofd te hameren. Onderzoekers maken dat elk jaar wel een paar keer meer in de groep vogels die ze onderzoeken. Zo lief zijn die koolmezen dan dus niet. Maar ze doen het natuurlijk puur om hun eigen nest te beschermen.

Heel soms gedraagt een koolmees zich echt als een mini-roofvogel. Er is bijvoorbeeld een filmpje over een koolmees die een barmsijs keihard aanvalt op een voedertafel. De barmsijs wordt zelfs doodgemaakt en voor een deel opgegeten.

Let op: het zijn niet zulke leuke beelden, maar het gebeurt nu eenmaal soms in het leven van een koolmees.

In de buurt blijven

Jonge vogels trekken over het algemeen graag de wijde wereld in. Soms wel honderden kilometers verderop. De jongen van de bosuil hebben daar geen trek in.

In Nederland heb je veel soorten standvogels. Dat zijn vogels die het hele jaar in ons land blijven. Maar bosuilen zijn extreme standvogels. Zelfs de jongen blijven normaal gesproken binnen 10 kilometer van de geboorteplaats. Waarnemingen op grote afstand van hun broedgebieden, zoals op de Waddeneilanden, zijn dan ook zeer zeldzaam.

Meer over de verspreiding van de bosuil in Nederland is te vinden bij Sovon.

Nog meer interessante informatie over de bosuil staat hier.

Holle bolle Gijs

De blauwe reiger lijkt af en toe wel een holle bolle Gijs. Hij eet werkelijk van alles! Niet alleen vis en kikkers, maar ook insecten, zoogdieren en zelfs op de grond gevallen friet.

Je kunt het zo gek niet bedenken of een blauwe reiger eet het. Favoriet zijn vissen van 10 tot 16 centimeter groot. Daarom zie je hem vaak doodstil staan wachten op een prooi in sloten en vijvers.

Maar hij is ook vaak in weilanden te vinden. Op zoek naar bijvoorbeeld mollen, muizen en regenwormen.  Als hij de kans krijgt, pakt hij zelfs wel eens een jong konijntje.

Verder staan op het menu slakken, reptielen (zoals ringslangen),  rivierkreeften en jonge vogels.  

In de stad kunnen reigers zich als echte straatschoffies gedragen. Dan pikken ze afvalzakken kapot en bedelen ze zelfs bij mensen om eten. 

Meer weten over de blauwe reiger? Kijk hier