naar vogelbescherming.nl Vogelbescherming Nederland - Samen voor vogels en natuur

Uitgevlogen

Steenuil

Uitgevlogen

Kerkuil

Uitgevlogen

Huiszwaluw

Uitgevlogen

Slechtvalk

Uitgevlogen

Ooievaar

Uitgevlogen

Kauw

Uitgevlogen

Lepelaar

Uitgevlogen

Koolmees

Uitgevlogen

Bosuil

Geen broedsel

Voedertafel

Geen broedsel

Havik

Alle Beleef de Lente camera's gaan op 29 september definitief uit.   *   Helaas heeft nog een jong kerkuiltje het niet gered   *   Onraad bij de kerkuil   *   Schoon en fris   *   Drukte op de tak
Toon alle blogs & vlogs

Door Ronald van Harxen
Kauwenwerkgroep Nederland i.o

Kauw versus steenuil

Ronald van Harxen | donderdag 6 juni 2019 | Vind ik leuk | Bewaar deze blog | 116x

Op het erf in Winterswijk broeden behalve kauwen ook steenuilen. Over en weer brengen ze zo nu en dan bezoekjes aan elkaars nestkast. Hoewel beide uitgesproken holenbroeders zijn, verschillen ze in gedrag en biologie net zo van elkaar als dag en nacht. Een paar opvallende verschillen op de rij.

Het begint al bij de kleur van het ei. Ik heb daar in mijn blog van 5 mei al uitvoerig aandacht aan besteed. Een volgend verschil dient zich aan bij de geboorte. Kauwen komen naakt ter wereld, terwijl een jonge steenuil als hij opgedroogd is, voorzien is van een smetteloos wit donslaagje. Dat heeft belangrijke gevolgen voor de nestbouw. Steenuilen kunnen het zich veroorloven geen nestmateriaal aan te slepen. Ze leggen de eieren gewoon op het materiaal dat (van nature) in het nest aanwezig is, hooguit maken ze een soort van kommetje. Als er weinig bodemmateriaal voorhanden is, leggen ze de eieren desnoods op de kale bodem. Nooit heb ik ze kunnen betrappen op het aanslepen of verplaatsen van zelfs maar het kleinste takje. Hoe anders doen kauwen het. Om hun naakte jongen warm te houden, moeten ze een diepe en warme nestkom maken, waarin de jongen helemaal verdwijnen. Zo'n nestkom moet een stevige basis te geven. Dat leidt tot het aanslepen van een onvoorstelbare hoeveelheid takken. We hebben het allemaal mogen aanschouwen. Met name de Winterswijkers hebben er een echte takkenbende van gemaakt.

Een derde belangrijk verschil zien we in deze fase, rond het uitvliegen. De steenuilen maken er een hele show van. Vanaf dat ze een dag of 30 zijn verlaten ze in de nachtelijke uren, soms zelfs overdag, de nestkast om op de tak waar de nestkast op rust de prooi in ontvangst te nemen. Onderwijl maken ze van de gelegenheid gebruik hun poot- en vleugelspieren te trainen door over de tak te rennen en regelmatig heftig met hun vleugels te wapperen. Als ze er genoeg van hebben duiken ze weer de kast in. Dat levert vaak komische beelden op. Pas als ze ergens tussen de 40 en 50 dagen zijn, verlaten ze de kast definitief. Hoe anders gaat dat bij de kauwen. Hier geen dagenlange ren- en vliegshows, maar hooguit enkele verkennende uitstapjes buiten de kast om dan al snel voorgoed uit de kasten en buiten beeld te verdwijnen. 

Een frappant verschil dat te maken heeft met de betekenis die de nestholte (kast) heeft voor beide soorten. Hoewel kauwen uitgesproken holenbroeders zijn, speelt de nestholte buiten het broedseizoen geen rol van betekenis. In groepje struinen ze wijde omgeving af op zoek naar wat eetbaars en slapen doen ze bij voorkeur met een aantal soortgenoten samen. Gewoon ergens in een boom. Steenuilen daarentegen zijn jaarrond in de buurt van het nesthol te vinden. Met uitzondering van een relatief korte periode in het najaar zijn ze ook na het broedseizoen overdag vaak in de kast te vinden. Zeker in de wintermaanden gebruiken ze hem als slaapplaats. Voor hen is de nestkast echt een (te)huis, zomer en winter. Kauwen gebruik de nestkast meer als een zomerhuisje of caravan, alleen om eieren te leggen en hun jongen in groot te brengen. Dat verschil zien we terug bij de jongen. Zodra ze enigszins kunnen vliegen, verlaten jonge kauwen de nestkast om er nooit meer in terug te keren. Jonge steenuien zien de kast als een toevluchtsoord waar ze nog wekenlang gebruik van maken.

Een van de aardige dingen van Beleef de Lente is, dat we dit soort verschillen met eigen ogen kunnen aanschouwen. Ze helpen ons te begrijpen waarom soorten zijn zoals ze zijn en waarom ze zich op een bepaalde manier gedragen. Want geloof me, die verschillen zijn er niet zomaar. Boeiend om ernaar te kijken en erover na te denken. En erover te schrijven.

Terwijl ik dit blog afrond, klettert de regen op beide daken. In de kauwenkast wordt druk overlegd: gaan we vandaag de grote sprong wagen? De steenuilen zijn na een kort uitstapje buiten, terug de kast in. Je hoort ze denken: we wachten de bui wel even af, morgen komt er weer een dag. 

 


Vind ik leuk
Bewaar deze blog

Meer over

Kauw Alle Beleef de Lente blogs

Deel dit bericht