Beschermer

Mary en de kerkuilen

Een kerkuil heeft een heel bijzonder koppie: grote zwarte ogen in een hartje van witte veren. Dat witte hartje heet een sluier.

En hij heeft een scherpe, puntige snavel waarmee hij gemakkelijk een muis kan beethouden. Want dat is zijn favoriete maaltje: veldmuizen, spitsmuizen en woelmuizen. Met lange en korte staarten, dat maakt hem niet zoveel uit, als ze maar lekker dik en sappig zijn.  Kerkuilen leven het liefst op een boerenerf of een kerktoren. Omdat er steeds minder goede plekken zijn om te broeden en jongen groot te brengen, moeten ze beschermd worden. Mary Mombarg is zo’n kerkuilenbeschermer. Want zij houdt veel van deze mooie roofvogels en vindt het belangrijk dat ze genoeg plekjes hebben om te nestelen. En dat we veel over deze mooie uilen leren. Zij vertelt jou daar graag over.

“Ik zit in een vogelwerkgroep en ga samen met anderen kerkuilen en andere roofvogels ringen. De vogel krijgt dan een ring met een nummer om zijn poot, die hij de rest van zijn leven draagt. Dat doen we omdat we veel kunnen leren als we de vogel met zijn ring later terugvinden. Zo kunnen we bijvoorbeeld zien waar de vogel is geboren, waar hij leeft en hoe ver hij heeft gevlogen. Dat ringen mag je alleen doen als je daarvoor hebt geleerd een een diploma hebt gehaald.” Als jij nou ook eens wilt kijken hoe kerkuilen worden geringd, vraag dan aan je vader of moeder of er een vogelwerkgroep in de buurt is die dat doet. Dan mag je misschien wel een keertje mee om te zien hoe dat gaat.

Joep en de steenuiltjes

De steenuiltjes van de webcams in Dongen gaan de nestkast bijna verlaten. Maar steenuiltjes zitten overal in Nederland. Misschien ook wel bij jou in de buurt.

Steenuilbeschermer Joep vertelt hoe dat gaat met de uiltjes die de kast gaan verlaten. “In deze tijd van het jaar worden de jonkies nieuwsgierig en gaan ze op onderzoek uit. Als het goed gaat, zitten ze eerst een tijdje in de boom. Dan heten ze ‘takkeling’. Maar soms valt er eentje uit de boom waar de kast in hangt en komt dan op de grond terecht. Vader en moeder steenuil passen dan goed op het jong en brengen ‘m ook eten. Maar ze kunnen hem niet terugbrengen naar de veilige kast. Op de grond zijn er allerlei gevaren voor de kleine steenuil. Als honden en katten het uiltje zien, gaan ze hem pakken en dat loopt meestal niet goed af. En als er een marter in de buurt woont die het ukkie ziet, denkt hij vast ‘dat is een lekker hapje’.“

Dus als jij nou toevallig in de natuur bent en een heel jong steenuiltje op de grond ziet zitten dat nog niet kan vliegen, kun jij hem beschermen. Joep legt uit hoe je dat kunt doen. “Het uiltje hoort in de vrije natuur, dus neem hem niet mee naar huis. Daar wordt hij heel ongelukkig. Maar vraag snel aan je vader of moeder of zij het uiltje in de boom willen zetten, het liefst bij de kast. Als dat niet kan, kun je een schuilplaats maken onder de boom. Bijvoorbeeld door een stuk pvc-pijp of een berg takken neer te leggen. En natuurlijk door honden en katten weg te houden. Dan heb je kans dat het steenuiltje groot genoeg wordt om te leren vliegen!”

De brenger van geluk

De ooievaar heet ook wel ‘de brenger van geluk’. Daarom zie je vaak een ooievaar met een baby in zijn snavel bij huizen waar net een kindje is geboren. En men zei vroeger ook wel, dat als een ooievaar een nest bouwde op jouw huis, je een gelukkig jaar kreeg.

Ooievaars zijn statige dieren: ze hebben hele lange poten, een zwart-wit verenkleed en een mooie rooie snavel. Ze zijn ook heel beleefd. Als een ooievaar terugkomt op het nest van een rondje vliegen, begroet hij de andere ooievaar door zijn kop in zijn nek te gooien en luid te klepperen. De andere ooievaar doet dan hetzelfde. En soms poetsen ze elkaars veren. Zo laten ze meteen ook zien dat ze elkaar heel aardig vinden.

Om te weten te komen hoe zij leven, krijgen zij vaak een ring om hun poot. Dat ringen doet Caroline, een echte ooievaarbeschermer. “Als de jongen vijf weken oud zijn, klim ik op een ladder en haal de ooievaartjes uit het nest. Beneden op de grond krijgen ze een speciale ring om met een nummer. En dan breng ik ze snel weer terug naar het nest. Als de ooievaar later ergens wordt gezien of gevonden, zien we aan die ring waar hij vandaan komt.”

Ooit was er bijna geen ooievaar meer in Nederland, omdat er veel gif werd gebruikt bij het verbouwen van groenten en fruit. Maar nu is de ooievaar weer vaker te zien. “Om te zorgen dat het goed blijft gaan, is het belangrijk dat mensen de natuur delen met dieren”, legt Caroline uit. Want dieren zijn niet alleen leuk, maar ook nuttig. Als er geen vogels zouden zijn, zouden wij gek worden van de muggen bijvoorbeeld. En de mooie weides die er in Nederland zijn, moeten we niet helemaal vol bouwen met huizen. Want daar wonen allerlei dieren, die ook een stukje grond nodig hebben om op te leven. We kunnen best een beetje natuur voor hen overlaten, daar hebben we allemaal plezier van!”

Jelle beschermt ijsvogels

Jelle is gek op ijsvogels en weet alles van deze vogels. Hij beschermt ze al 26 jaar. Waarom? “De ijsvogel is gewoon de mooiste vogel van Nederland”, zegt Jelle. “Er is hier geen andere vogel die zo’n mooi gekleurd verenkleed heeft.”

Heb jij weleens een blauwe flits voorbij zien komen in de natuur? Wat een geluksvogel ben je dan, het was vast een ijsvogel! Een heel mooi, klein vogeltje met tropische kleuren. Met zijn felblauwe veren is het een echt kunstwerkje van de natuur. IJsvogels eten visjes. Om die visjes te vangen, duiken ze van een tak het water in. Dan vliegen ze met het visje het water uit en slaan ‘m knock out op een tak. Dat eet namelijk wat makkelijker. In Nederland komen niet zo heel veel ijsvogels voor. In koude winters met veel ijs, kunnen ze geen visjes opduiken en gaan er veel ijsvogels dood. Daarom is het een beschermde vogel.

De Vogelbescherming in Nederland helpt deze vogels. En Jelle doet dat dus ook. “Ik maak op allerlei plekken speciale ijsvogelwanden. In sommige zitten camera’s. Daardoor kun jij meekijken met mannetje en vrouwtje ijsvogel die in de wand een nest hebben. Het paartje bij Beleef de Lente heeft zes kleintjes. Sinds ze uit het ei kwamen, zitten ze dicht tegen elkaar aan om warm te blijven. Dat hoopje vogels draait steeds rond. Dan kunnen vader en moeder ijsvogel elke keer een ander jong een visje geven. Dat kan je zien in het filmpje Achteraan aansluiten. En bekijk nog maar een paar filmpjes, dan zie je hoe goed de ouders voor de kleine ijsvogeltjes zorgen.”

Nog maar een paar dagen en dan zijn ze groot genoeg om het nest te verlaten. En dan pas zien ze voor het eerst de zon. En zien wij hoe mooi gekleurd ze zijn, als ze op de tak voor de webcam gaan zitten. Kijk je mee?

Heb jij nog nooit zo’n mooie blauwe ijsvogel in het echt gezien? Vraag je vader of moeder dan eens of ze je meenemen naar een plek in de natuur mét een beekje of een plas water. Wie weet ontdek je daar een ijsvogel!

Martin beschermt slechtvalken

Martin was al jongetje al gek op vogels. Samen met zijn broer ging hij vogels kijken. Nu beschermt hij uilen en slechtvalken. Waarom?

"Slechtvalken zijn geweldige vogels. Het zijn grote roofvogels, die heel hoog en heel snel kunnen vliegen. Ze halen ongeveer 350 km per uur en zijn de snelste vogels ter wereld. Slechtvalken eten allerlei soorten vogels, van klein tot wat groter. Ze vangen hun voedsel vliegend: ze ‘slaan’ hun prooi gewoon uit de lucht. Helaas komt de slechtvalk niet vaak voor in Nederland. Hij staat op de rode lijst. Op die lijst staan vogels die met uitsterven worden bedreigd. Die vogels krijgen extra bescherming. En ik help bij die bescherming."

Gluren in het nest
Martin Vink werkt voor de slechtvalken in Beleef de Lente en vertelt daarover. “Ik zorg ervoor dat er camera’s in de nestkast hangen en dat alles goed werkt. Daardoor kun jij meekijken met het echtpaar slechtvalk dat een nest heeft in een nestkast op de zendmast in De Mortel. Kijk jij ook mee? Dan zie je hoe lief de valken voor hun jongen zijn. En hoe de jongen worden gevoerd door hun ouders.”

Help jij mee?
“Bescherming van deze vogels is heel belangrijk”, zegt Martin. “Jij kunt ook iets doen! Ga lekker vaak naar buiten, de natuur in en kijk eens goed wat je allemaal ziet. Er leeft van alles op de grond, maar ook in de lucht. Daarom is het belangrijk dat er niets kapot gemaakt  wordt en dat de natuur schoon blijft. Bijvoorbeeld door geen papiertjes, plastic en kauwgom op de grond te gooien. Daardoor zorg je ervoor dat planten kunnen groeien en dieren gezond blijven. Help jij mee? Dan ben jij ook een echte vogelbeschermer en zorg jij dat de slechtvalken hun jongen kunnen grootbrengen.”