Navigatie overslaan

Uitgevlogen

Steenuil

Uitgevlogen

Vijver

Uitgevlogen

Kerkuil

Uitgevlogen

Slechtvalk

Uitgevlogen

Ooievaar

Uitgevlogen

Koolmees

Uitgevlogen

Bosuil

Uitgevlogen

Nijlgans

Uitgevlogen

Merel

Uitgevlogen

Torenvalk

Geen broedsel

Kauw

Geen broedsel

Gekraagde roodstaart

Veelgestelde vragen

Heeft u een vraag over een van de Beleef de Lente vogelsoorten, die hier niet
beantwoord wordt? Stel hem op de webpagina van die soort (naast het live beeld).

Lepelaar

 

De webcams laten weinig activiteit van de lepelaars zien. Op andere plaatsen in het gebied zijn de lepelaars wel druk. Zie ook het vlog van Camilla van gisteren.

 

Dit is een vraag, die het hele team bezig houdt. Op dit moment zien we via de camera's weinig nestbouwactiviteiten van de lepelaars. Pas als er nesten zijn, kunnen we eieren in beeld verwachten.

In team lepelaar leven dezelfde vragen.

Camilla reageerde daarop als volgt:

Er zijn weinig oude nesten. Dus ze moeten echt weer gaan bouwen en een goede fundering uitzoeken.

Het duurt dus nog wel eventjes voordat ze ook weer in de kolonie overnachten.

Ach, het broedseizoen is net( 18 maart 2020) begonnen.

De lepelaars zijn nog bezig met het zoeken van een geschikte plaats en met het bouwen van een nest.

Als dat is gebeurd, legt het vrouwtje 3 of 4 eieren. Vanaf dat moment zijn ze vaker op het nest.

 

Nadat de lepelaars officieel vliegvlug zijn volgt er nog een periode van nazorg van 3,5-10 weken. Ze worden dan nog bijgevoerd en leren zelf foerageren, terwijl hun snavel nog doorgroeit. Na 40 dagen is hun snavel 103 mm, ongeveer de helft van een volwassen lepelaar. De snavel groeit ongeveer 2 mm per dag, dus laten we zeggen dat ze na zo'n 50 dagen net zo'n lange snavel hebben als hun ouders. Er van uitgaande dat de groei net zo hard doorgaat buiten het nest. 

De lange veren op hun kop en de gele nekband hoort bij hun broedkleed. Ook de volwassen vogels hebben dat alleen in het broedseizoen. Dat duurt dus nog wel een aantal jaar. 

Mij (Camilla) is verteld dat de snavelvlek inderdaad als 'vingerafdruk' werkt. Zodra de lepelaar volwassen is, blijft de snavelvlek hetzelfde. Echter kan ik geen literatuur vinden die deze uitspraak ondersteunt. Daar ben ik nog mee bezig. 

Maar mocht het zo zijn dat het een vingerafdruk is, dan is het ook nog de vraag of de vlekken voldoende verschillen om met zekerheid te zeggen dat het om M of V van NC gaat. Er wordt gewerkt aan het aanleggen van een fotodatabase van de lepelaars van de Buitenliede om te kijken of dit werkt, maar dit staat allemaal nog erg in de kinderschoenen. 

Deze lepelaars worden niet geringd. Want zodra een nest wordt benaderd, vluchten alle jonge vogels in paniek uit de nesten. Omdat ze niet kunnen terugkeren, zijn ze dan ten dode opgeschreven.

 

Lepelaarkuikens zijn semi-nestvlieders, dat betekent dat ze tussen nestblijver- en -vlieder inzitten. Nestblijvers worden kaal en blind geboren en zijn compleet afhankelijk van hun ouders voor voedsel. Nestvlieders worden gebeuren met een donskleed en ogen open en kunnen vrijwel meteen op zoek naar hun eigen voedsel. Lepelaarkuikens zitten daar tussenin. Ze worden geboren met donskleed en open ogen, maar zijn wel afhankelijk van hun ouders voor voedsel totdat ze uitvliegen. 

Voor zover wij weten is dat onbekend. We weten namelijk niet hoeveel tijd er zitten tussen de vangst van een prooi en het moment van voeren. Je zou zeggen dat het voor jonge kuikens langer voorverteerd wordt en dat ze grover voedsel kunnen krijgen als ze groter zijn, maar dat blijft speculeren. 

Team lepelaar

Lepelaars hebben een kleine witte eitand.

Grootpoothoenders en kiwi’s zijn de enige vogels die geen eitand hebben. De grootpoothoenders ontwikkelen een eitand in de embryonale fase, maar verliezen hem voordat ze uitkomen. De kiwi heeft helemaal geen eitand.

Beide soorten gebruiken hun poten om uit het ei te breken.

Lepelaars voeren hun jongen wat ze zelf eten. Ze zoeken hun voedsel in zoet/brak/zout water. Afhankelijk waar ze voedsel zoeken, eten ze vis, garnalen, maar ook andere prooien in het water. De jongen steken hun snavel in de krop (keelzak) van de ouder en eten dan een mengsel van deze prooien. 

Broed- en voedselgebieden kunnen verschillen van elkaar, maar het liefst liggen deze dicht bij elkaar. Lepelaars zijn meer dan alleen wadvogels. Ze kunnen voedsel zoeken op het wad, maar ook in polders. Hun broedplekken kunnen ook verschillen. Het belangrijkste is hierbij dat ze veilig zijn. Vroeger broedden ze vooral op de grond of in struweel bij rietmoerassen, zoals Naardermeer. Door verdroging en toename van vossen werden deze plekken te gevaarlijk en verplaatsten ze zich naar de wadden. Ondertussen zijn ze het vasteland opnieuw aan het koloniseren. Dat doen ze door in bomen te broeden, maar ook op legakkers, zodat ze omringd worden door water.

Lees meer in deze blog: https://www.vogelbescherming.nl/beleefdelente/blog/lezen/werkgroep-lepelaar-gaat-het-inderdaad-goed-met-de-soort

Verder vallen nest wel eens uit bomen. Op de berkenstam hebben ze 3 jaar gebroed, maar sinds de berkenstam is gebroken is het instabiel geworden.

In de regel blijven lepelaars de eerste paar jaar in hun overwintergebieden tijdens het broedseizoen, maar er zijn uiteraard ook uitzonderingen. Je kan subadulten nog herkennen door hun zwarte vleugelpunten aan de onderzijde van hun vleugels. Deze zie je ook wel eens in het broedseizoen in de kolonie rondhangen. Misschien broeden ze nog niet, maar oriënteren ze zich op de beste plekjes. 

Lepelaars, en andere vogelsoorten, gapen zeker. Ik durf alleen niet te zeggen waarom ze dat doen en hoe dit precies werkt. Soms hangt het samen met het opkomen van een braakbal (onverteerbare resten), maar dan lijkt het meer op kokhalzen, dan gapen. 

De veren op de kop van een lepelaar zijn verlengd in het broedseizoen. Deze sierveren zijn onderdeel van hun broedkleed in combinatie met de gele band om hun hals. De sierveren wapperen mooi in de wind, maar zijn ook een belangrijk communicatiemiddel. De kopveren worden regelmatig opgezet bij het baltsen en het verdedigen van een nestplek.

Zodra lepelaars een nest hebben, zullen ze ook rusten bij dat nest. Hoewel ze ook nog steeds in de nacht uitstapjes kunnen maken om voedsel te zoeken. Op dit moment zijn de lepelaars vooral bezig met nestinspectie en zijn ze dus nog niet aan het broeden. Ze kunnen dus in de kolonie slapen, maar misschien niet voor de camera's. Maar ze kunnen ook in de omgeving in ondiep water of op een eilandje overnachten, zoals ze dat ook in de nazomer doen. Zo zijn ze veilig.

team lepelaar

 

In De Liede komen de eerste lepelaars meestal in de 1e of 2e week van maart.

Bijna alle Nederlandse lepelaars overwinteren in Frankrijk, Spanje, Portugal, Mauretanië of Senegal. Een klein deel van de populatie(vooral juvenielen) overwintert op Texel, in Noord- en Zuid-Holland en met name in het deltagebied.

Meestal leggen ze 3 tot 4 eieren. Soms worden er ook nesten van 6-7 eieren gevonden, maar dan zijn er vermoedelijk extra eieren van een andere vrouw bij gelegd. De eieren worden met tussenpozen van 2-3 dagen gelegd. Ze komen na ongeveer 24 dagen uit.

Lepelaars beginnen in de regel met broeden vanaf het eerste of tweede ei. Dat betekent dat de eieren niet tegelijkertijd uitkomen en dat er verschil in grootte zal zijn tussen de kuikens. Er wordt meestal maar 1 jong groot. In De Liede is het broedsucces echter groter; per nest vliegen er gemiddeld bijna drie jongen uit.