Aanwezig: Van maart tot oktober (met in de Delta een aantal overwinteraars).
Aantal: 4000 broedparen in Nederland
Broedtijd: eind maart tot en met eind juli, soms eerder
Aantal eieren: 4
Aantal legsels: 1
Broedduur: 25 dagen
Uitvliegen: ongeveer 7 weken na uitkomen
Lepelaars broeden in kolonies, waarbij ze graag aansluiten bij andere kolonievogels, zoals meeuwen, reigers en aalscholvers. Voorheen was dat vooral op de grond in rietmoerassen en duinen en op kwelders van de Waddeneilanden, maar ondertussen zoeken ze het ook hogerop. Zo nestelen ze zelfs in bomen in stadsparken. De aanwezigheid van grondpredatoren, zoals vossen, speelt hierbij een belangrijke rol. Op eilanden broeden ze veelal op de grond. Terwijl ze in aanwezigheid van grondpredatoren liever in struweel en bomen broeden.
Het waterrijke Nederland is belangrijk voor de lepelaar. Hier broeden duizenden paartjes, terwijl ze in andere delen van Europa zeer zeldzaam zijn. Dat maakt onze lepelaars bijzonder, maar ook kwetsbaar. Lepelaars hebben rustige, natte gebieden nodig, zoals de Waddenzee en de Zeeuwse Delta’s. Verstoring, bijvoorbeeld door recreatie, is een terugkerend probleem. Tijdens het broedseizoen zijn lepelaars en hun kuikens extra kwetsbaar. Roofdieren vormen dan een groot probleem. Kleine eilandjes in het water, door mensen aangelegd, kunnen de lepelaars veiligheid bieden. Maar daar zijn er nog onvoldoende van. Lees verder hoe het met de lepelaar gaat.
Nationaal Park Nieuw Land plaatste in samenwerking met Wildlife Monitoring Solutions en Lowland Ecology Network twee camera’s in de kolonie op een dam in Lelystad. Nationaal Park Nieuw Land is één van de jongste nationale parken van Nederland en bestaat uit verschillende wetlands in Flevoland, namelijk de Lepelaarplassen, Oostvaardersplassen, Marker Wadden en het Markermeer.
NP Nieuw Land is een vogelparadijs en de lepelaar voelt zich er dan ook al lange tijd thuis. In de jaren 90 was de kolonie in het rietmoeras van de Oostvaardersplassen zelfs één van de belangrijkste kolonies in Nederland. De Lepelaarplassen dankt zelfs zijn naam aan de soort. Lang was de kolonie daar afwezig, maar sinds 2025 broeden ze er weer. Sinds 2014 broeden ze ook op een dam in Lelystad. Tussen de meeuwen en vlieren vinden ze hier een veilige broedplek.
Van het eerste ei tot het uitvliegen van de jongen. Wat je hier live ziet is bijzonder, maar niet vanzelfsprekend. Door de mens is er steeds minder ruimte voor ze. Daarom gaat het met veel vogels slecht. Jij kunt ze helpen: door te zorgen voor meer voedsel en veilige plekken.
In ondiep water zie je hem rustig heen en weer lopen, zijn snavel zwaaiend door het water. De lepelaar. Met zijn witte verenkleed, sierlijke kuif en opvallende snavel is hij niet te missen. Die snavel gebruikt hij als een zeef, om garnalen en kleine waterdiertjes uit het water te filteren.
Lepelaars houden van elkaars gezelschap. Ze broeden in groepen, op rustige plekken in natte natuurgebieden langs de kust en in het binnenland. Ver weg van drukte, waar ze ongestoord hun jongen kunnen grootbrengen.
Dat dat nu weer kan, is niet vanzelfsprekend. In de vorige eeuw ging het slecht met de lepelaar. Watervervuiling, verstoring en het verdwijnen van geschikt leefgebied zorgden voor een sterke afname. Op het dieptepunt bleven er minder dan 150 broedparen over in Nederland.
Dankzij gerichte bescherming, aangejaagd door Vogelbescherming, veranderde dat. Natuurgebieden werden beter beschermd en de kwaliteit van het verbeterde water. Daardoor vonden lepelaars weer voldoende voedsel en genoeg veilige plekken om hun eieren te leggen.
Met resultaat. Inmiddels broeden er weer duizenden lepelaars verspreid over kustgebieden en wetlands in Nederland, meer dan 8000 zelfs! Zelfs in bomen in de buurt van grote steden kun je ze tegenwoordig zien. Ons land is daarmee uitgegroeid tot het belangrijkste gebied voor de lepelaars in Europa, een groot succes! Wie een dagje uitwaait langs de kust in de lente en de zomer, kan hem eigenlijk niet missen.
Toch blijft bescherming nodig. De lepelaar is afhankelijk van open, natte natuur en juist die gebieden staan in ons volle land onder druk. Bijvoorbeeld door verstoring van recreanten, maar ook door predatie door roofdieren. En omdat lepelaars trekvogels zijn, zijn ze ook afhankelijk van veilige gebieden ver buiten Nederland. Bescherming van de lepelaar stopt dus niet bij onze landsgrenzen.
Sinds 1990 doet de lepelaar het in ons land steeds beter en inmiddels is hij van de Rode Lijst af. Door acties van Vogelbescherming Nederland is er in ons land betere natuurbescherming gekomen, waaronder:
Hierdoor konden lepelaars weer voldoende voedsel vinden en veilig broeden. Omdat het grootste gedeelte van de West-Europese populatie van de lepelaars in ons land broedt, heeft Nederland een internationale verantwoordelijkheid om de lepelaar en de gebieden waarin hij broedt goed te blijven beschermen.
Vogelbescherming Nederland zet zich in voor het beschermen van natte natuurgebieden en rust voor kolonievogels zoals de lepelaar. Zo werkt Vogelbescherming aan:
Door deze inzet blijft Nederland een veilige plek voor de lepelaar, maar krijgen ze ook betere bescherming tijdens de trek naar het zuiden en terug.
Sinds 2021 worden er jaarlijks enkele lepelaars op de dam voorzien van GPS-zenders. Ze laten ons zien hoe de omliggende wetlands met elkaar in verbinding staan. Daarbij zijn lepelaars trekvogels en kunnen we ze volgen op hun spannende reis naar Zuid-Europa en West-Afrika en weer terug. Volg ze nu via:
Meer over de lepelaar: