Roodborst en pimpelmees

Video in nieuw venster openen

De vogellessen van Vogelbescherming zijn samengesteld door onze ambassadeurs Nico de Haan en Camilla Dreef. Nico heeft bijna dertig jaar bij Vogelbescherming gewerkt en kent de vogels als geen ander. Camilla is vogelonderzoeker en fervent vogelaar. Ze introduceren in Vogelles 1 twee kleurrijke tuinvogels: de roodborst en de pimpelmees.

Inhoud van deze vogelles

Roodborsten houden van tuinieren

De roodborst is een graag geziene en veel voorkomende gast in Nederlandse tuinen. Ze zingen veel en zijn vaak helemaal niet zo schuw. Als u in de tuin aan het werk gaat, is de roodborst er meestal snel bij om te zien wat u uitspookt. Als u harkt, spit en schoffelt, jaagt u namelijk insecten en spinnen op. Dat is voedsel voor de roodborst. De insecten worden na een korte verrassingsaanval naar binnen gewerkt. In bossen zoeken roodborsten wroetende wilde zwijnen en herten op. In de tuin volgen ze ons.

Video in nieuw venster openen

Jagen als een roofvogel

Roodborsten zoeken op een heel andere manier voedsel dan de meeste tuinvogels. Ze hippen niet al pikkend voorwaarts, maar jagen op een roofvogelachtige manier. Even stilzitten, liefst op een takje, paaltje of draadje iets boven de grond en dan… een korte duik naar hun prooi.
De houding van roodborsten is meestal hoog opgericht zodat de eventuele buurroodborsten de borst (die moet imponeren) goed kunnen zien.

De rug van een mus

Van de voorkant gezien is een roodborst onmiskenbaar. Op de rug gezien is dat een ander verhaal. Dan verandert de roodborst opeens in een bruin, onopvallend vogeltje en zou u hem in de tuin zo kunnen verwarren met een huismus of met die andere tuinvogel die ook vaak op zoek is naar insecten: de heggenmus. Let dan op de rugtekening. Heeft de rug een egaal bruine kleur en geen streepjes? Dan is het een roodborst.

Roodborst begint als bruinborst

Pas uitgevlogen roodborsten zie je gemakkelijk over het hoofd. Want een roodborst begint zijn bestaan als 'bruinborst'. Met een reden.

Door hun specifieke manier van voedsel zoeken, kunnen roodborsten geen soortgenoten in hun directe omgeving verdragen. Andere roodborsten zouden de prooien opjagen en de jacht verstoren. Zelfs man en vrouw roodborst zijn niet erg intiem. Het is eigenlijk een wonder dat ze erin slagen nageslacht voort te brengen. De jongen moeten dus vooral geen agressie oproepen. Vandaar dat de jongen pas laat in het jaar, als ze volgroeid en zelfstandig zijn, langzaam naar het echte oranje-rood van de roodborst verkleuren.

Een echte zanger

De roodborst is een zangvogel die mooi kan zingen: krachtig, gevarieerd, en vaak. Dat doen ze in park, bos of tuin. Maar deze zang herkennen vraagt om oefening. Het zijn korte klaterende watervalletjes. Telkens gaat de kraan dicht alsof ze nadenken over de volgende strofe. Dat is meteen een kenmerk van de roodborstzang, de bewuste, ingehouden stiltes van drie à vier seconden en daarna weer in volume toenemende zang. Oude roodborsten kennen honderden variaties en imitaties, toch is het parelende grondpatroon te herkennen. Roodborstzang is krachtiger en gevarieerder dan het heggenmuslied en minder schetterend dan de zang van de winterkoning.

Zang van de roodborst

Ter vergelijking: de zang van de heggenmus en de winterkoning.

Zang van de heggenmus
Zang van de winterkoning

Tuintips: denk in laagjes

Kijk eens naar uw tuin door vogelogen. Vogels zoeken vier lagen om prettig en veilig in uw tuin te leven.

  1. Een gazon is belangrijk. Hier jagen merels en zanglijsters op wormen en roodborstjes en heggenmussen op insecten. Dus: straatstenen en stoeptegels eruit, gras erin!
  2. Een border vol met bloeiende planten trekt vervolgens vlinders en insecten aan. Insecten die veel vogels in de broedtijd nodig hebben om hun jongen mee te voeren.
  3. Een niveau hoger scoren besdragende struiken goed bij vogels. Een dichte struik zoals een meidoorn is ideaal. Ze kunnen er nestelen, maar ook in vluchten als er een sperwer langs komt.
  4. Het hoogste niveau bestaat uit een of meer bomen met rupsen en insecten. Daarmee voeren uw tuinvogels in het voorjaar hun jongen.

Hang ook nestkasten op, bied water aan en voer wat bij en uw tuin wordt in sneltreinvaart een vogelparadijs.

Meer tuintips

De blauwe baret van de pimpelmees

Pimpelmezen zijn voor de beginnende vogelkijkers lastig te herkennen. Ze lijken namelijk een verkleinde uitgave van de koolmees. Maar pimpelmezen hebben onmiskenbaar een hemelsblauw petje op en dat hebben koolmezen niet.
Ook al lijken ze op elkaar, toch zijn ze al op grote afstand te onderscheiden. Pimpelmezen hangen vaak ondersteboven aan twijgpuntjes om daar minuscule insecten en luizen vanaf te snoepen. Koolmezen zijn daar te zwaar voor. Hangers zijn dus altijd pimpelmezen.

Video in nieuw venster openen

De stropdas en de oogstreep

Wie de koolmees en pimpelmees goed bestudeert, ziet steeds meer verschillen. Neem de zwarte streep die bij de koolmees over de borst loopt. Vaak aangeduid als ‘de stropdas’. Zo’n buikstreep heeft een pimpelmees niet. Of neem het zwarte oogstreepje dat over het witte gezicht van de pimpelmees loopt. Heel anders dan bij de koolmees. Mocht dat nog niet genoeg herkenningspower geven, dan nemen de diepblauwe vleugels en blauwe staart van de pimpelmees de laatste twijfel weg.

Jongen zien bleekjes

Pas uitgevlogen kool- en pimpelmezen zien er een stuk fletser uit. Ze blijven meestal niet al te lang in de tuin rondhangen. De oudervogels lokken ze mee naar een rij elzen, eiken of andere bomen met veel rupsen. De ouders hebben zich de laatste dagen in het nest een ongeluk gewerkt. Ze vlogen honderden keren op een dag van de nestkast naar de dichtstbijzijnde rupsenkolonies. Ze zijn blij dat ze hun kinderen nu kunnen meenemen naar de voedselbron. Na het uitvliegen is het daarom soms plotseling stil in uw tuin!

Klinkt als een helder belletje

Als u in het voorjaar wat vrolijke roepjes hoort, gevolgd door een helder ‘belletje’, dan luistert u naar de voorjaarsroep van de pimpelmees. Het is een helder en fijn rinkelend belletje. Maar pimpelmezen kunnen ook koolmeesachtig schelden en allerlei andere roepjes laten horen. Maar het belletje dat al in februari te horen is, komt veelvuldig terug. Wie het kent, hoort ineens overal pimpelmezen.

Zang van de pimpelmees

Vogelrijke tuinen dankzij 100 jaar Vogelbescherming

Vogelbescherming is opgericht in 1899 en was de eerste particuliere natuurbeschermingsorganisatie van ons land. Al direct vanaf het begin geeft Vogelbescherming voorlichting over wintervoedering, nestkasten en tuininrichting. Dat heeft een enorme positieve invloed gehad op vogelstand en dankzij die informatie behoren de Nederlandse tuinen tot de vogelrijkste ter wereld.
Overigens wisten in 1912 de vogelbeschermers van het eerste uur alle wilde vogels in Nederland wettelijk beschermd te krijgen. Daarmee was Nederland het eerste land in Europa dat vogels dit type bescherming wist te bieden.



Vogelkijktips van Nico en Camilla

Met de tips en trucs van Nico en Camilla wordt vogels kijken gemakkelijker en ook leuker. Dit keer: tuinvogels kijken.
  • Om tuinvogels snel te leren herkennen is een vogelgids of app met alle Nederlandse vogels handig om bij de hand te hebben. Met de gratis app 'Tuinvogels' van Vogelbescherming hebt u de meest voorkomende tuinvogels op een rij. Met herkenningstips en geluiden!
  • Ook heel erg handig voor beginnende vogelkijkers zijn deze vergelijkingspagina's waarbij tuinvogels die op elkaar lijken met elkaar worden vergeleken en hoe je ze uit elkaar kan houden.
  • Maak een mooie voederplank of zet een voederhuisje op een plek die u vanuit de huiskamer goed kunt zien. U kunt de vogels dan in alle rust van dichtbij bestuderen.
  • Leg een verrekijker binnen handbereik. Door een verrekijker komen de vogels echt tot leven en spatten de kleuren er vanaf. Juist ook van dichtbij.
  • Maak van uw huiskamer een vogelkijkhut. Doe de gordijnen op een kier zodat de vogels u niet zien staan. Ze komen dan nog dichterbij.
  • Observeer het gedrag van de vogels in uw tuin of op uw balkon. Welke hiërarchie is er op de voederplank, welke vogels zijn schuw, welke juist brutaal? U gaat patronen snel herkennen en leert hun lichaamstaal.
  • Vliegen alle kleine vogels verschrikt op van de voedertafel en scheert er een roofvogel langs? Grote kans dat het een sperwer is.
  • Een vogel snel in de verrekijker krijgen, valt als beginner niet altijd mee, omdat je geneigd bent de vogel met de kijker te zoeken. Beter is om met het blote oog naar de vogel te kijken en de kijker met een snelle beweging in de ‘kijklijn’ tussen uw ogen en de vogel te plaatsen. De tuin is een ideale plek om met een verrekijker te ‘oefenen’.

Vogelgids

Wilt u meer weten over de soorten uit deze vogelles of over andere vogels die in Nederland voorkomen? In de webshop van Vogelbescherming zijn veel goede boeken, voor beginners en gevorderde kijkers, verkrijgbaar. Maar u kunt ook gewoon in onze online vogelgids kijken.

naar de vogelgids

Nico's Vogel Academie

Wilt u uw vogelkennis verder verbreden? Neem dan eens een kijkje bij Nico’s Vogel Academie. Daar vindt u vele manieren om dat te doen.

Lees meer

Test uw kennis

Vogelkennis bouw je langzaam op. Hieronder 7 vragen om uw kennis over tuinvogels verder te verrijken. De vragen gaan deels over deze les en deels over nieuwe kennis. Soms moet u dus misschien iets opzoeken. De online vogelgids van Vogelbescherming kan daarbij handig zijn.

Welke van deze vogels is geen mees?

De pimpelmees hoort bij de familie van de mezen. Mezen zijn onder meer herkenbaar aan hun spitse dunne snavel waarmee ze insecten vangen. Herkent u de mezenfamilie al? Welke van deze vier afgebeelde vogels is juist geen mees?

0%

Volgende keer: Vogelles 2

In deel 2 van de cursus Vogels in Nederland stellen Camilla en Nico twee stadse bewoners aan u voor: het waterhoen en de slechtvalk.