Toon alle berichten

Leven als een kerkuil

Geplaatst op 20 september 2017

Johan de Jong uit het Friese Ureterp kan zich geen leven zonder kerkuilen voorstellen. Vierenveertig jaar geleden werd hij gegrepen door de geheimzinnige nachtvogel. Binnenkort verschijnt het boek over de vogel van zijn leven: de kerkuil.

Eerste nestkast

Als vogelliefhebber en biologieleraar kwam Johan de Jong in 1973 in contact met Sjoerd Braaksma, die voor het toenmalige Rijksinstituut voor Natuurbeheer onderzoek deed naar de kerkuil. De nachtvogel beleefde in die tijd een enorme terugval en de noodzaak tot bescherming drong door. De Jong: “Ik timmerde een eerste nestkast en besloot me in te gaan zetten voor de kerkuil.

In mijn klas vertelde de kinderen van boer Poppinga uit Beetsterzwaag dat er kerkuilen in hun boerderij zaten. Samen met Anne van der Wal ging ik kijken en hebben we de jongen geringd. Het was de eerste keer dat ik een kerkuil in mijn handen had.”

Overdag werken en ’s nachts onderzoek

Begin jaren zeventig van de vorige eeuw telde Nederland nog slechts 200-350 broedparen. Oorzaak van de achteruitgang was het gebruik van bestrijdingsmiddelen, waardoor er minder muizen waren, het hoofdvoedsel van de kerkuil. Ook werden veel kerken ontoegankelijk gemaakt voor de nachtvogel. Galmgaten werden afgesloten met gaas om duiven en kauwen te weren, maar daardoor werd de belangrijkste broedplaats voor de kerkuil onbereikbaar.

Naast zijn werk als leraar studeerde Johan de Jong in die tijd biologie. “Voor mijn studie moest ik twee jaar onderzoek doen. Omdat ik overdag werkte, zocht ik iets wat zich ’s nachts afspeelde. De kerkuil kwam als geroepen. Om de soort beter te kunnen beschermen was onderzoek naar het gedrag en voedselkeuze nodig. In een boerenschuur waar een paar broedde bouwde ik op twaalf meter hoogte een schuiltent. Overdag gaf ik les en ’s nachts zat ik in mijn eenzame observatiepost. Ik hield me wakker met vele liters koffie.

Landelijke Uilendag 7 oktober

Op de Landelijke Uilendag op 7 oktober in Meppel verscheen een geheel herziene uitgave van het boek ‘De KERKUIL – ecologie, gedrag en bescherming’ door Johan de Jong.
Het boek bevat ongeveer 200 pagina’s met veel kleurenfoto’s en kost € 24,95.

Verkrijgbaar in de winkel van Vogelbescherming Nederland,
Boulevard 12 in Zeist.

 

Een land vol nestkasten

Na zijn studie liet Johan de Jong de kerkuil niet meer los. Samen met Anne van der Wal werden honderden nestkasten in boerderijen geplaatst. Gebrek aan nestlocaties was immers een van de oorzaken van de achteruitgang. Na de strenge winter van 1979 bereikte de kerkuilenpopulatie een historisch dieptepunt met amper 100 broedparen.

De Jong richtte de Kerkuilenwerkgroep Nederland op en stimuleerde vogelwerkgroepen in het hele land ook nestkasten op te gaan hangen. Vogelbescherming loofde in die tijd een premie uit van 25 gulden per geslaagd broedgeval. Dankzij de inzet van honderden vrijwilligers hangen er in Nederland momenteel zo’n 12.000 nestkasten en broeden er in goede jaren meer dan 3000 paren. De kerkuil lijkt voorgoed van de ondergang gered.

Oplossing voor verkeersslachtoffers

Voor De Jong geen reden om rustiger aan te doen. Hij startte een telemetrie-onderzoek waarbij vogels gezenderd werden. Daaruit bleek dat kerkuilen vaak jagen in de bermen van snelwegen, maar dat ze ook vaak het slachtoffer worden van voorbij razende auto’s.

Nota bene ter hoogte van Beetsterzwaag, waar het kerkuilenwerk van Johan de Jong begon, doet zich een knelpunt voor langs de A7. In een periode van vijf jaar telde men hier 34 dode kerkuilen. Het bleek dat de vogels de hectometerpaaltjes pal naast de snelweg als uitkijkplaats gebruiken. Met alle gevolgen van dien.

In samenwerking met Rijkswaterstaat ontwikkelde De Jong een kerkuilvriendelijke methode. Op het hectometerbordje wordt een draaibare rol gemonteerd. Zodra een uil neerstrijkt draait de rol weg en verliest de vogel zijn evenwicht. Dit voorkomt dat de uilen te dicht langs de snelweg gaan zitten en er vervolgens jagen. Als alternatief zijn hogere uitkijkposten verder weg van de snelweg geplaatst. En het werkt. De afgelopen drie jaar werden nog slechts twee vogels aangereden.

Veel meer mensen begaan

Johan de Jong ziet zijn jarenlange werk voor de kerkuil beloond. De soort is voorgoed van de ondergang gered. Toch is De Jong niet helemaal gerust: “Het steeds uitbreidende wegennet blijft een zorg. Ook worden tegenwoordig veel boerderijen verkocht of gesloopt. Daarmee dreigen opnieuw vele broedplaatsen te verdwijnen. Gelukkig zijn tegenwoordig wel veel meer mensen begaan met het lot van deze prachtige vogel. Dat schept vertrouwen.”

Meer over

vogelonderzoek kerkuil

Deel dit bericht

Gerelateerde items

Populair