- Home
- > Vogels kijken
- > Vogelgids
- > Zoekresultaat
- > Detailpagina
Blauwborst
- Overige namen
- Bluethroat, Luscinia svecica
- Orde
- Passeriformes
- Familie
- Zangers (Sylviidae)
- Status
- Zomervogel. Vrij talrijke broedvogel; doortrekker in vrij groot aantal
- Rode Lijst
- Nee
- Beluister
Informatie
Blauwborsten zijn prachtige vogels om te zien én om te horen. Zelden gaan in de Nederlandse vogelwereld een opvallend vertoon van kleuren en een uitbundige zang gepaard; de blauwborst is daarin een uitzondering. Het voorkomen van de blauwborst wordt vooral bepaald door de aanwezigheid van moerassen en daarop lijkende biotopen. De afgelopen decennia heeft de blauwborst in Nederland een opmerkelijke opmars gemaakt. Het is een van de weinige soorten die zelfs van een Rode Lijst is geschrapt, omdat het zo goed gaat. Blauwborsten eten vooral insecten en slakken, spinnen en wormen, maar soms ook bessen (vooral in de herfst).
Algemeen
- Overige namen
- Bluethroat , Luscinia svecica
- Orde
- Passeriformes
- Familie
- Zangers (Sylviidae)
- Status
- Zomervogel. Vrij talrijke broedvogel; doortrekker in vrij groot aantal
- Europese verspreiding
- Het totale verspreidingsgebied omvat Europa, Azië en Alaska. In dit enorme verspreidingsgebied leven 10 verschillende ondersoorten, de Nederlandse is de vorm cyanecula, de witgesterde blauwborst.
Leefomgeving en voedsel
- Biotoop
- Beken en meren, duinen, hoogveen, moeras, oevers, plassen, rivieren
- Voedsel- en broedbiotoop
- Gevarieerde, natte gebieden met open delen en een rijke struweel- en loofboombegroeiing die rijk zijn aan insecten. Dat is wat een blauwborst graag ziet. De geleidelijke overgang van rietmoerassen naar moerasbos vormt een uitstekend leefgebied. Blauwborsten broeden op de grond in dicht struikgewas, bij voorkeur in een kommetje op een dicht begroeide helling.
- Voedsel
- Insecten, larven, slakjes en soms ook bessen.
Broeden
- Broedperiode
- Eind mei - juli
- Koloniebroeder
- Nee
- Aantal legsels
- Eén, soms 2
- Aantal eieren
- 3-5 (7)
Herkenning
- Opvallende kenmerken
- Witte wenkbrauwstreep en roestbruine staartbasis. Blauwe borst met witte vlek.
- Gedrag
- Leeft voor een deel op de grond. Tussen de vegatatie zoeken ze naar voedsel. Tijdens de balts vliegt het mannetje op uit het riet met een melodiueze zang om elders met gespreide staart en vleugels neer te strijken.
- Kleed
- Zowel het mannetje als vrouwtje hebben een lichte wenkbrauwstreep en een roestbruine staartbasis. Het mannetjes heeft een blauwe kin en borst met in het midden een witte vlek. Aan de onderkant wordt de blauwe borst begrensd door een zwarte band met daaronder een roestbruine vlek. Bij het vrouwtje ontbreekt de blauwe borst.
- Formaat/ lengte
- 13-14 cm.
- Snavel
- Dun en spits
- Poten
- Donkere, gewone zangvogelpoten
Vogeltrek
- Trekroute
- Continentaal Europa; blauwborsten trekken in pal zuidelijke richting weg.
- Overwinteringsgebied
- In Nederland broedende blauwborsten trekken naar het Iberisch Schiereiland en naar West-Afrika, vaak ten zuiden van de Sahara.

