- Home
- > Vogels kijken
- > Vogelgids
- > Zoekresultaat
- > Detailpagina
Veldleeuwerik
- Overige namen
- Skylark, Alauda arvensis
- Orde
- Passeriformes
- Familie
- Leeuweriken (Alaudidae)
- Status
- Jaarvogel. Talrijke broedvogel; doortrekker in zeer groot aantal; wintervogel in vrij groot aantal
- Rode Lijst
- Ja
- Beluister
Informatie
Geen heideveld is compleet zonder veldleeuweriken. De uitbundig klinkende zang kan op mooie dagen in het voorjaar van grote hoogte gehoord worden. De mannetjes maken spectaculaire zangvluchten. Eerst klimmen ze tot een hoogte van soms meer dan honderd meter, luid zingend schroeven ze weer omlaag om bij het vrouwtje in de buurt te landen. Helaas gaat het de laatste decennia niet goed met de veldleeuwerik en verdwijnt de uitbundige zang langzaam maar zeker uit de lucht. Verschillende ontwikkelingen in het landelijk gebied, heiden en duinen zijn daarvan de oorzaak en de afname lijkt nog altijd niet minder te worden.
Algemeen
- Overige namen
- Skylark , Alauda arvensis
- Orde
- Passeriformes
- Familie
- Leeuweriken (Alaudidae)
- Status
- Jaarvogel. Talrijke broedvogel; doortrekker in zeer groot aantal; wintervogel in vrij groot aantal
- Europese verspreiding
- De veldleeuwerik komt voor in geheel Europa, behalve in het uiterste noorden van Scandinaviƫ. Daar zijn de omstandigheden te extreem voor de veldleeuwerik om jongen groot te brengen.
Leefomgeving en voedsel
- Biotoop
- Akkers, duinen, heide, weilanden (uitgestrekt)
- Voedsel- en broedbiotoop
- Boomloze open gebieden met een korte vegetatie; graanakkers, weidegebieden en vooral heidevelden.
- Voedsel
- Insecten
Broeden
- Broedperiode
- Vanaf eind april
- Koloniebroeder
- Nee
- Aantal legsels
- Twee tot drie legsels per jaar
- Aantal eieren
- 3-4, soms 5 en bij hoge uitzondering tot 7
Herkenning
- Opvallende kenmerken
- meest algemene leeuwerik met een kleine, stompe kuif
- Gedrag
- kenmerkende zangvluchten tot op grote hoogte. Foerageert op de grond en drukt zich bij onraad.
- Kleed
- grijsbruin kleed met een gestreepte borst en bovendelen. De borst is licht geelbruin en de streping op de borst contrasteert met de witte buik. Veldleeuweriken kunnen een korte, stompe kuif oprichten. In vlucht vallen de smalle witte vleugelachterrand en witte staartzijden op.
- Formaat/ lengte
- 16 - 18 cm.
- Snavel
- Spits en vrij fijn, insecteneter
- Poten
- bruinroze
Vogeltrek
- Trekroute
- Veldleeuweriken die in Nederland broeden, trekken voor een deel weg naar Frankrijk of Engeland
- Overwinteringsgebied
- Scandinavische Veldleeuweriken overwinteren voor een deel in Nederland en omringende landen. Onze eigen broedvogels trekken deels weg, een aanzienlijk deel overwintert in eigen land.
