Spring naar content

Alk

Alk

Overige namen
Razorbill, Alca torda
Orde
Charadriiformes
Familie
Alken (Alcidae)
Status
Jaargast. Doortrekker en wintergast in vrij groot aantal, zomergast in klein aantal
Rode Lijst
Nee
 

Informatie

Alken broeden op plaatsen waar maar weinig andere dieren zich comfortabel zouden voelen; nissen en spleten in steile kliffen. Een kolkende zee onder zich en een felle wind tegen de rotsen. Deze zeevogels komen alleen voor in het Noord-Atlantisch gebied.

Alken hebben een snelle vlucht, de vleugelslagen zijn nauwelijks waar te nemen. Daarbij kunnen de vogels laag over het water vliegen en als het ware tussen golven door laveren. Dat maakt het waarnemen met een verrekijker vanaf de kust soms erg moeilijk. Een bezoek aan de broedgebieden in het late voorjaar is dan ook een betere gelegenheid alken goed te bekijken. Vooral omdat alken meestal samen leven met zeekoeten, drieteenmeeuwen, papegaaiduikers en jan-van-genten is zo'n bezoek de moeite meer dan waard. Helaas zijn alken (en zeekoeten) erg kwetsbaar voor olie - welke door menselijk toedoen op het zeeoppervlak belandt. Jaarlijks spoelen vele tientallen olieslachtoffers aan, bij een olieramp zijn de aantallen vogelslachtoffers nauwelijks te tellen.

Algemeen

Overige namen
Razorbill , Alca torda
Orde
Charadriiformes
Familie
Alken (Alcidae)
Status
Jaargast. Doortrekker en wintergast in vrij groot aantal, zomergast in klein aantal
Europese verspreiding
Meer dan de helft van de wereldpopulatie broedt langs de IJslandse kust. Op een goede tweede plaats staan de kusten van Groot-Brittannië en Ierland, gevolgd door de Noorse kust .

Naar boven

Leefomgeving en voedsel

Biotoop
Kust, zee
Voedsel- en broedbiotoop
Alken zoeken hun voedsel op open zee en vlak onder de kust. Het voedsel bestaat uit kleine vissoorten en kreeftachtigen, die worden opgedoken van soms een aanzienlijke diepte. Het nest wordt gebouwd op steile rotswanden.
Voedsel
Onder andere sprot, zandspiering, verschillende kabeljauwachtigen, borstelwormen en kleine kreeftachtigen.

Naar boven

Broeden

Broedperiode
Vanaf begin mei in zuidelijke gebieden, vanaf begin juni in het noorden
Koloniebroeder
Ja
Aantal legsels
Eén legsel per jaar
Aantal eieren
Eén ei

Naar boven

Herkenning

Opvallende kenmerken
Opvallende brede stompe snavel met een witte streep in de breedte. Heeft een zeer snelle vleugelslag die niet of nauwelijks is waar te nemen. Zwart bovenlichaam en een witte buik.
Gedrag
Duikt vanuit zee naar o.a. vis. De vleugels worden onder water als peddels gebruikt. Hiermee kunnen ze hun lichaam onder water drukken.
Kleed
Zwarte kop, rug en vleugels, witte buik. Opvallende witte vleugelstreep. In broedkleed valt de witte streep van de snavel naar het oog op.
Formaat/ lengte
38 - 43 cm
Snavel
Dikke stompe snavel, met wit patroon als 'scheermes'
Poten
Kort, met zwemvliezen

Naar boven

Vogeltrek

Trekroute
Niet vast bepaald noord-zuid, zwerfgedrag niet ongewoon.
Overwinteringsgebied
Alken zwerven in de winter uit over de zeeën die de broedgebieden omgeven. Enige trekbeweging is daarbij zeker waar te nemen. Voor de Nederlandse kust overwinteren vooral vogels de Britse Eilanden en Ierland, in mindere mate van IJsland en de Witte Zee. Alken komen in de winter zuidelijk voor tot in het Middellandse Zeegebied.
 
 
 

Vogelgids

Zoek een vogelsoort.

 

Uw gift

doneer online