- Home
- > Vogels kijken
- > Vogelgids
- > Zoekresultaat
- > Detailpagina
Patrijs
- Overige namen
- Grey Partridge, Perdix perdix
- Orde
- Galliformes
- Familie
- Fazanten (Phasianidae)
- Status
- Jaarvogel. Vrij talrijke broedvogel; standvogel
- Rode Lijst
- Ja
- Beluister
Informatie
Patrijzen zijn standvogels van open agrarisch gebied, heidevelden en hoogvenen. Oorspronkelijk waren het steppebewoners, maar de soort heeft zich erg goed aangepast aan het leven in kleinschalig agrarisch landschap. In Nederland komt de soort verspreid voor. Akkerland is het meest in trek, vooral als dit wordt afgewisseld met ruige dijken, slootranden, wegbermen en houtwallen. Patrijzen eten zowel plantaardig als dierlijk voedsel, maar de jongen leven de eerste weken louter van insekten en ander klein gedierte. De patrijs is altijd een favoriet doelwit geweest voor jagers. De aantallen patrijzen nemen, door schaalvergroting in de landbouw, dramatisch af.
Algemeen
- Overige namen
- Grey Partridge , Perdix perdix
- Orde
- Galliformes
- Familie
- Fazanten (Phasianidae)
- Status
- Jaarvogel. Vrij talrijke broedvogel; standvogel
- Europese verspreiding
- De patrijs komt voor in geheel Europa, maar minder in het noorden en zuiden. Frankrijk en polen zijn belangrijke landen voor de patrijs; meer dan drie kwart van de totale Europese populatie broedt in deze landen.
Leefomgeving en voedsel
- Biotoop
- Akkers, graslanden, hoogveen, weiden (kleinschalig)
- Voedsel- en broedbiotoop
- Het biotoop waaraan de patrijs zich in West-Europa heeft aangepast zijn akkers, ruige akkerranden met akkeronkruiden, weiden met hagen, met bloemen begroeide dijken, enzovoort. Het nest wordt door de patrijs op de grond gemaakt, in een dichte begroeiing.
- Voedsel
- blaadjes, zaden en insecten
Broeden
- Broedperiode
- april-mei
- Aantal legsels
- 1
- Aantal eieren
- 13-16 (maar soms tot wel 29)
Herkenning
- Opvallende kenmerken
- compacte grijsbruine vogel met oranjebruin gezicht
- Gedrag
- Leeft in kleine groepen. Patrijzen kruipen bij onraad liever weg dan dat ze opvliegen. Vliegt met snelle vleugelslagen, afgewisseld met korte glijpauzes.
- Kleed
- Goed gecamoufleerd met een bruin en grijs gestreept kleed, kastanjebruine strepen op de flanken en een grijze borst. Keel en gezicht zijn oranjebruin en op de buik zit een grote donkerbruine vlek. Tijdens de vlucht valt de roodachtige staart op. Juveniele vogels zijn geheel bruin gestreept.
- Formaat/ lengte
- 28-32 cm
- Snavel
- klein en grijs
- Poten
- kort en geelbruin
Vogeltrek
- Trekroute
- N.v.t.
- Overwinteringsgebied
- N.v.t.

