- Home
- > Vogels kijken
- > Vogelgids
- > Zoekresultaat
- > Detailpagina
Koekoek
- Overige namen
- Cuckoo, Cuculus canorus
- Orde
- Cuculiformes
- Familie
- Koekoeken (Cuculidae)
- Status
- Zomervogel. Vrij talrijke broedvogel; doortrekker in vrij groot aantal
- Rode Lijst
- Ja
- Beluister
Informatie
Bijna ieder kind leert op school in de biologieles al over het merkwaardige gedrag van de koekoek. Gechoqueerd vernemen zij over het werk dat kleine zangvogels wordt aangedaan, door de eigen eieren in nesten van kleine zangvogels achter te laten. Biologisch gezien is dit echter een zeer interessant principe, dat in alle lagen van de natuur wordt aangetroffen: van zoogdieren tot kleine insecten. Planten en schimmels doen het ook regelmatig. Zó ongewoon is het parasiterende gedrag van de koekoek dus niet. Een vrouwtjeskoekoek specialiseert zich (vanuit haar afstamming) op een bepaalde vogelsoort of familie. Zo zijn er heggenmus-koekoeken, karekiet-koekoeken en kwikstaart-koekoeken. De eieren lijken zeer sterk op die van de waardvogel en zijn vaak alleen door kenners te onderscheiden.
Algemeen
- Overige namen
- Cuckoo , Cuculus canorus
- Orde
- Cuculiformes
- Familie
- Koekoeken (Cuculidae)
- Status
- Zomervogel. Vrij talrijke broedvogel; doortrekker in vrij groot aantal
- Europese verspreiding
- De koekoek komt in vrijwel geheel Europa voor; feitelijk is Europa slechts een deel van het grote verspreidingsgebied, dat zich uitstrekt van Noord-Afrika tot in China en Japan.
Leefomgeving en voedsel
- Biotoop
- Duinen, heide, moeras
- Voedsel- en broedbiotoop
- Koekoeken komen vooral voor in relatief open gebieden met enkele hoge uitkijkposten, vanwaar ze speuren naar nesten van geschikte waardvogels. Heggenmussen, rietzangers, karekieten en kwikstaarten zijn favoriete soorten. Het zijn dan ook vooral de leefgebieden van deze soorten waar ook koekoeken te vinden zijn.
- Voedsel
- Grotendeels rupsen (ook harige soorten!), aangevuld met kevers
Broeden
- Broedperiode
- Vanaf eind mei
- Koloniebroeder
- Nee
- Aantal legsels
- Koekoeken leggen één of enkele eieren in de nesten van waardvogels, in totaal een tiental of soms misschien meer
- Aantal eieren
- Vrouwtjes kunnen tot een twintigtal eieren leggen verdeeld over evenveel nesten van waardvogels
Herkenning
- Opvallende kenmerken
- spitse vleugels en lange staart
- Gedrag
- snelle vleugelslag waarbij de vleugels nauwelijks boven het lichaam uitkomen. Zit vaak op een open plek met afhangende vleugels. Legt een ei in het nest van andere vogelsoort.
- Kleed
- Mannetjes hebben een effen blauwgrijze borst, kop en bovenzijde. De witte buik met zwarte bandering is scherp gescheiden van de blauwgrijze borst. Het kleed van vrouwtjes kent twee varianten, een grijze en een bruine. De grijze variant is grotendeels hetzelfde als dat van mannetjes maar de borst heeft een beige tint en is gebandeerd. De bruine vorm heeft een roestbruine bovenzijde en borst en is vaak over het gehele lichaam gebandeerd.
- Formaat/ lengte
- 32-36 cm.
- Snavel
- Als merel maar iets korter, zeer licht omlaag gebogen.
- Poten
- Bijzonder korte poten, lijkt daardoor met de buik aan een tak te zitten, de poten zijn nauwelijks zichtbaar van enige afstand
Vogeltrek
- Trekroute
- Koekoeken trekken in zuidwestelijke tot zuidoostelijke richting weg naar Afrika. Sommige vogels vliegen daarbij via Spanje over de Straat van Gibraltar, andere nemen de route over Italië,
- Overwinteringsgebied
- Tropisch Afrika
