- Home
- > Vogels kijken
- > Vogelgids
- > Zoekresultaat
- > Detailpagina
Kleine rietgans
- Overige namen
- Pink-footed Goose, Anser brachyrhynchus
- Orde
- Anseriformes
- Familie
- Eenden (Anatidae)
- Status
- Wintergast. Doortrekker en wintergast in vrij groot aantal
- Rode Lijst
- Nee
Informatie
Kleine rietganzen zijn 's winters in Nederland te zien. Het is zelfs zo dat vrijwel alle kleine rietganzen die broeden op Spitsbergen, in Nederland overwinteren. Vrijwel alle kleine rietganzen overwinteren op een totale oppervlakte van slechts enkele vierkante kilometers, geconcentreerd in het zuidwesten van Friesland. De internationale betekenis van Zuidwest-Friesland als overwinteringsgebied voor ganzen wordt daarmee nog eens extra onderschreven. Een enkele overzomerende vogel wordt zo nu en dan waargenomen, maar broedpogingen zijn nog niet vastgesteld. Het gaat in dit geval vermoedelijk om uit gevangenschap ontsnapte vogels.
Algemeen
- Overige namen
- Pink-footed Goose , Anser brachyrhynchus
- Orde
- Anseriformes
- Familie
- Eenden (Anatidae)
- Status
- Wintergast. Doortrekker en wintergast in vrij groot aantal
- Europese verspreiding
- Kleine rietganzen broeden op IJsland, het oosten van Groenland en op Spitsbergen.
Leefomgeving en voedsel
- Biotoop
- Plassen, weilanden (uitgestrekt)
- Voedsel- en broedbiotoop
- Grazige weilanden in een waterrijk open landschap, dat is wat kleine rietganzen prefereren. Bij aankomst in Nederland bevinden zich enorme concentraties langs de IJsselmeerkust. Later in de winter spreiden de ganzen zich uit over het Friese Merengebied. Tegen eind december trekt - ook in milde winters - een groot deel van de kleine rietganzen door naar de polders rond Brugge in België.De terugreis naar het noorden wordt al in januari aangevangen, meestal in één ruk door naar Denemarken, om van daaruit in het voorjaar door te vliegen naar de broedgebieden op Spitsbergen.
- Voedsel
- plantaardig materiaal zoals granen, jonge schoten en gras
Broeden
- Broedperiode
- Vanaf begin juni
- Koloniebroeder
- Ja
- Aantal legsels
- Eén legsel per jaar
- Aantal eieren
- 4 - 5, soms tot maximaal 8
Herkenning
- Opvallende kenmerken
- gemakkelijkst te herkennen aan poten en snavel
- Gedrag
- leeft buiten het broedseizoen in grote groepen
- Kleed
- Kop donker bruingrijs, contrasterend met de lichtere hals en lichaam. Bovenzijde vaak met 'berijpt' blauwgrijze waas. In vlucht vallen de zeer lichte bovendelen op en de staart heeft een brede witte rand.
- Formaat/ lengte
- 64-76 cm
- Snavel
- kort en driehoekig met een roze band
- Poten
- roze
Vogeltrek
- Trekroute
- Kleine rietganzen trekken in pal zuidelijke richting.
- Overwinteringsgebied
- In Nederland overwinteren vrijwel alleen vogels van Spitsbergen, die in Zuidelijke richting trekken naar Nederland en soms, vooral tijdens strenge winters, nog iets verder. De vogels die op IJsland broeden, overwinteren hoofdzakelijk in het Verenigd Koninkrijk.

