Spring naar content

Ganzen kijken in Nederland

dwerggans / Birdphoto

De beste tijd om ganzen te kijken is tussen eind oktober en eind maart. Dan verblijven er ruim een miljoen ganzen in Nederland. Als u dan goed luistert, hoort u 's nachts hun prachtige mysterieuze geluid als ze overvliegen. Overdag zie je ze in de bekende V-vorm overvliegen. De nacht brengen ze door op het water of op plekken die royaal zijn omringd door water, zoals bijvoorbeeld zandplaten. Vanuit verschillende richtingen bereiken grote groepen tegen het schemer hun slaapplaatsen. Aan het begin van de dag vertrekken de ganzen weer massaal naar hun favoriete foerageergebieden. Wie zich op deze tijden op de juiste plek bevindt, kan het imposante ganzenspektakel niet ontgaan. Hieronder vindt u 10 uitmuntende ganzenkijkplekken. (Klik op de kaartjes voor een groter beeld)

 1. Zeeburg
 2. Ezumakeeg
 3. Wieringen
 4. Workumerbuitenwaard
 5. Waterland
 6. Hurwenen
 7. De Bijland
 8. Schouwse Inlagen
 9. Slijkplaat
10.Saeftinghe


1 Zeeburg (Texel)

De weilanden van polder Zeeburg liggen langs het wad bij De Cocksdorp op het noordelijke puntje van Texel. Het gebied staat al jaren bekend als het ‘rotganzenreservaat’ en vormde het voorbeeld voor een goed doordacht opvangbeleid. Bij wijze van uitzondering maakt Staatsbosbeheer hier gebruik van kunstmest om zo de ganzen van zoveel mogelijk gras te voorzien. Doordat de rotganzen elders op het eiland verjaagd mogen worden, blijven de ganzen bij voorkeur op hun ‘eigen’ plek. In het begin van de winter brengen de ganzen ook veel tijd op het wad door, op zoek naar wier en zeesla. De rotganzen voelen zich zo veilig in hun opvanggebied dat ze hier ook meestal de nacht doorbrengen. Langs de hele waddijk loopt een prachtig fiets/wandelpad. Om verstoring te voorkomen, loopt dit pad bij het natuurgebied de Schorren aan de binnenkant van de dijk, bij het ganzenreservaat juist aan de buitenkant. Bij de oprit naar de zeedijk, net buiten De Cocksdorp, staat een informatiepaneel en is polder Zeeburg goed te overzien.


2 Ezumakeeg (Lauwersmeer)

Het Nationaal Park Lauwersmeer is één van de belangrijkste vogelgebieden in Nederland. Dit uitgestrekte gebied met z’n ondiepten, platen en voormalige kwelders is een ideale slaapplaats voor de meeste overwinterende ganzensoorten. In het buitendijkse poldergebied aan de Friese zijde van het Lauwersmeer, de Ezumakeeg (vlakbij het gehucht Ezumazijl), is een rondwandeling van enkele kilometers uitgezet die langs een kijkplaats loopt. Voor automobilisten is hier een bescheiden parkeerplaats aangelegd. In de ochtend verlaten tienduizenden ganzen (kol/brand/grauwe) hun slaapplaats om in de polders in de buurt van Anjum te gaan grazen. Vanaf de oude zeedijk bij Ezumazijl laat dit schouwspel zich goed bekijken; met een beetje geluk speelt zich dit af tegen het licht van de opkomende zon.

Tip voor fietsers: tussen Ezumazijl en Oostmahorn loopt een schitterend fietspad.


3 Wieringen

Het voormalige waddeneiland Wieringen heeft een reputatie als (rot)ganzenland. In het wapen en familienamen komt de rotgans nog steeds voor. Het vangen van ganzen (die op het nu vrijwel verdwenen zeegras afkwamen) was een wijdverbreide gewoonte. Het oude, enigszins glooiende land van Wieringen is een populair foerageergebied voor (nog steeds) rotganzen die de nacht doorbrengen op het Balgzand. Dat maakt de hele Wieringse zeedijk tot een goede uitkijkplaats. De zeedijk is voor zowel fietsers als wandelaars over de hele lengte te benutten, alleen bij het Normerven (iets buiten Hippolytushoef) moet even van de dijk worden afgeweken. Vanaf de parkeerplaats bij Westerland (het uiterste westpuntje van Wieringen) laten de vogels zich goed vanuit de auto bekijken. Eenmaal in deze buurt, loont het zeer de moeite om ook even het aansluitende Amstelmeer te ronden. Op verscheidene plaatsen zijn hier uitkijkposten geplaatst.


4 Workumerbuitenwaard

Langs het IJsselmeer, tussen Workum en Gaast, ligt een buitendijks gebied met ondiepten, schelpenbanken en grasland. Het is het restant van een groot kweldergebied dat zich voor de sluiting van de Zuiderzee ten westen van Workum uitstrekte. Het gebied is overdag zeer populair bij vrijwel alle ganzensoorten en ze laten zich hier goed bekijken. ’s Nachts slapen de ganzen op het water van het IJsselmeer. De kans om op deze plek een kleine rietgans te zien is groter dan waar ook in Nederland. De Workumerbuitenwaard is weliswaar niet vrij toegankelijk, maar vanaf twee uitkijkplekken is het gebied prima te overzien. In het zuiden heeft het Fryske Gea een observatieheuvel aangelegd, in het noorden een uitkijkplateau.

Tip: langs de Friese kust ten noorden van het gebied (tussen Gaast en Makkum) liggen dicht bij de weg nog enkele vergelijkbare gebieden. Bij Kooihuizen staat een vogelkijkhut.


5 Waterland

Zeker voor buitenlanders blijft het een bijzonder verschijnsel: een landelijke omgeving zo dicht bij Amsterdam. Want even buiten de hoofdstad heeft de drukte van de stad plaats gemaakt voor waterpartijen en sappige weilanden, waar met name kol- en brandganzen foerageren. De ganzen slapen op het IJsselmeer en om die reden vormt de dijk een uitstekende plek om de op en neer vliegende ganzen te zien. Een interessante omgeving (niet alleen voor ganzen) is het buitendijkse veenweidegebied IJdoorn ten oosten van Durgerdam. Bij de afslag naar de weg naar Ransdorp is parkeergelegenheid en staat een vogelkijkhut. Dit is ook een prima startpunt voor een wandeling over de dijk in noordelijke richting. Deze wandeling is een onderdeel van de aangegeven Goudriaanroute die via Holysloot en dwars door de polders terug loopt naar het beginpunt in de buurt van Durgerdam. Een ideale wandeling voor ganzenliefhebbers!


6 Hurwenen

De Hurwenensche Uiterwaarden (ook wel aangeduid als de “Kil van Hurwenen”) liggen aan de zuidzijde van de Waal, minder dan 10 kilometer ten oosten van Zaltbommel. Het gebied bestaat uit grote plassen, oude zijarmen van de rivier, rietzomen en moerasbos en is een belangrijke rust- en slaapplaats van vooral kol- en rietganzen. De ganzen foerageren in de uiterwaarden in de omgeving, maar ook op de weilanden binnen het gebied. Vanwege het belang voor overwinterende ganzen is een groot deel van dit natuurreservaat in de wintermaanden (oktober t/m april) gesloten. Borden maken duidelijk hoe ver u het buitendijkse gebied in mag gaan. De beperkte toegankelijkheid is nauwelijks een bezwaar, want het wandel/fietspad dat bovenop de rivierdijk tussen Oensel en Hurwenen loopt, biedt een uitstekende kijk op de omgeving van dit bijzondere rivierlandschap.


7 De Bijland (Gelderse Poort)

Gelegen bij de grens met Duitsland, misschien niet een plek waar je volop ganzen zou verwachten. Toch leent deze grote plas ten westen van Lobith/Tolkamer zich bijzonder goed als slaapplaats voor ganzen die overdag in de graslanden en uiterwaarden in de omgeving hun voedsel zoeken. Bovendien is de wijde omgeving buitengewoon
waterrijk dankzij de dode rivierarm de Oude Waal en de nabij gelegen Lobberdensche Waard. Met de auto om De Bijland heen is niet mogelijk. Maar fietsend of wandelend kan dat wel, want rondom De Bijland ligt een mooi pad met een lengte van ongeveer 4 kilometer. Het meest geschikte startpunt ligt even ten zuiden van Herwen; hier is ook een parkeerplaatsje.

Tip: tegenover Tolkamer, aan de overzijde van de Rijn (dus op Duits grondgebied) ligt in de uiterwaarden het natuurreservaat Salmorth. De kans om grazende ganzen (kol/riet/grauwe) te zien is hier groot.


8 Schouwse inlagen

Inlagen zijn al in de Middeleeuwen ontstaan door de aanleg van een ‘reserve-dijk’ aan de binnenzijde van de zeedijk. Door kwel en regenwater veranderde het land tussen deze twee dijken in brakke ondiepten die bijzonder gewild zijn bij allerlei kust- en watervogels. De Schouwse inlagen bestaan uit twee gedeelten: die in de omgeving van Zierikzee en de Koudekerksche inlaag ten oosten van Burghsluis. De eerste bestaan uit twee meertjes; het is mogelijk om rond deze inlagen te lopen (fietsen is onmogelijk) door gebruik te maken van de zeedijk. Aan de landzijde van de Inlaagweg is het resultaat van het grootschalige natuurontwikkelingsproject Tureluur goed te overzien. Behalve brand- en rotganzen verblijven op dit voormalige agrarische gebied nog veel meer vogelsoorten. Bij de Koudekerksche inlaag staat de opvallende Plompetoren, het enige gebouw dat overbleef van het Middeleeuwse dorpje dat hier ooit heeft gelegen. De deur van de toren is open van 10.00 tot 17.00 uur. Behalve interessante informatie biedt de toren een schitterend uitzicht over de inlagen en de Oosterschelde.


9 Slijkplaat (Haringvliet)

De kust van Flakkee boven Middelharnis is een opvallend leeg en stil stukje Nederland. Niet ver uit de kust ligt de Slijkplaat, een schaars begroeide plaat die door ganzen (brand/kol/riet) wordt gebruikt als slaapplaats. Vanaf de dijk is de ochtend- en avondtrek goed te zien. Bij de Westplaat (het gedeelte van de kust tegenover de Slijkplaat) wordt deze winter een grootschalig natuurontwikkelingsproject uitgevoerd. Een andere mogelijkheid is om naar de inlaatsluis van het Zuiderdiepkanaal te gaan. De laatste 700 meter naar het water is in het bezit van het waterschap en is niet toegankelijk voor auto’s maar wel voor fietsers en wandelaars. Vanaf de inlaatsluis is de Slijkplaat - niet méér dan een rijtje lage boompjes in het brede water van het Haringvliet- duidelijk te zien. Wie ook overdag ganzen wil zien, moet de noordelijke oever van Flakkee ook op andere plekken verkennen. Een buitengewoon mooi en te bewandelen gedeelte vormt het buitendijkse gebied tussen Stad aan ’t Haringvliet en Den Bommel.


10 Saeftinghe (Westerschelde)

Zoals de naam al doet vermoeden, bestond het Verdronken Land van Saefthinge ooit (in de late Middeleeuwen) uit ingepolderd boerenland. Na verwoestende stormvloeden is het gebied gedeeltelijk op de zee heroverd; wat uiteindelijk overbleef was een enorm buitendijks schorren (ofwel: kwelder)gebied, gelegen op de overgang van de Schelderivier naar de (zoute) zeearm Westerschelde. Voor kustvogels zijn dergelijke landschappen op de grens van land en zee ideaal. Ze bieden veiligheid, broedgelegenheid en voedsel. In de wintermaanden komt vooral de grauwe gans in grote aantallen (tot 50.000!) in het gebied voor, maar ook kolganzen zijn goed vertegenwoordigd. Afgezien van een korte wandelroute in de buurt van het bezoekerscentrum bij Emmadorp, mag niet op eigen gelegenheid in het gebied worden gewandeld. Wel worden er vaak excursies gehouden. Het gebied en de aankomende en vertrekkende ganzen zijn goed te zien vanaf de zeedijk tussen Paal en Emmadorp. Eén kilometer ten oosten van Emmadorp staat een vogelkijkhut.
Voor excursies: www.hetzeeuwselandschap.nl.