- Home
- > Vogels beschermen
- > Wet- en Regelgeving
- > Vogelrichtlijn
Vogelrichtlijn
De Europese Unie heeft in de Vogelrichtlijn vastgelegd op welke manier de vogels in Europa beschermd moeten worden. Een Europese richtlijn geeft eigenlijk alleen een doel aan, maar alle landen zijn verplicht om met hun eigen wetten dit doel te bereiken. Nederland heeft de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn uitgewerkt in de Flora- en faunawet en de Natuurbeschermingswet. Samen zorgen deze bepalingen voor bescherming van de soorten, én bescherming van de leefgebieden.
Doel Vogelrichtlijn
Europa wil het verdwijnen van vogelsoorten tegengaan. Daarom moeten volgens de Vogelrichtlijn alle natuurlijk in Europa in het wild levende vogelsoorten (en hun eieren, hun nesten en hun leefgebieden) door de Europese landen worden beschermd. Daarnaast moeten de landen maatregelen nemen om voor deze vogels een 'voldoende gevarieerdheid van leefgebieden en een voldoende omvang ervan te beschermen, in stand te houden of te herstellen'.
Speciale gebieden
Voor 74 met name genoemde vogelsoorten moeten Europese landen speciale beschermingszones aanwijzen. Deze soorten (waaronder roerdomp, kleine zwaan, sneeuwuil en blauwborst) staan in de Bijlage 1 van de richtlijn opgesomd. Daarnaast moeten landen ook maatregelen nemen voor alle geregeld voorkomende trekvogels,waardoor deze 'kunnen voortbestaan en zich kunnen voortplanten'.
Verboden en uitzonderingen
De richtlijn noemt een aantal zaken die in beginsel geheel verboden zijn: bijvoorbeeld het doden, jagen, houden, verstoren en vangen van vogels. Ook het rapen en in bezit hebben van eieren is verboden. Op deze regel mogen enkele uitzonderingen worden gemaakt.
- Op een aantal soorten mag gejaagd worden, als dat maar gebeurt 'volgens de bepalingen van de nationale wetgeving'. Deze soorten zijn opgenomen in Bijlage II van de richtlijn.
- Daarnaast zijn er uitzonderingen op de verbodsbepalingen ten behoeve van bepaalde zwaarwegende openbare belangen. Voorbeelden hiervan zijn volksgezondheid, openbare veiligheid, onderzoek, onderwijs en belangrijke schade aan gewassen.
Deze uitzonderingen mogen echter alleen worden gemaakt als er geen andere bevredigende oplossing mogelijk is, en er geen gevaar is dat een soort uitsterft.
Spanningsveld met openbare belangen
Het afwegen van openbare belangen tegen de belangen van de vogels levert vaak een spanningsveld op. Actueel is de discussie over het toestaan van afschot van ganzen om schade aan landbouwgewassen te voorkomen. Vogelbescherming is van mening dat het afschieten van ganzen geen goede oplossing biedt. Ook de wijze waarop afschot plaatsvindt, laat te wensen over. Niet alleen op schadepercelen is afschot toegestaan, ook in beschermde natuurgebieden mogen er ganzen verjaagd worden.
Officiele naam:
Richtlijn 79/409/EEG van de Raad van 2 april 1979 inzake het behoud van de vogelstand
Meer informatie
De vogels uit de Vogelrichtlijn
1. IJsduiker
2. Kuhls pijlstormvogel
3. Stormvogeltje
4. Vaal stormvogeltje
5. Aalscholver continentaal-ras
6. Roerdomp
7. Kwak
8. Ralreiger
9. Kleine zilverreiger
10. Grote zilverreiger
11. Purperreiger
12. Zwarte ooievaar
13. Ooievaar
14. Zwarte ibis
15. Lepelaar
16. Flamingo
17. Kleine zwaan
18. Wilde zwaan
19. Kolgans Groenland-ras
20. Brandgans
21. Witoogeend
22. Witkopeend
23. Wespendief
24. Zwarte wouw
25. Rode wouw
26. Zeearend
27. Lammergier
28. Aasgier
29. Vale gier
30. Monniksgier
31. Slangenarend
32. Bruine kiekendief
33. Blauwe kiekendief
34. Grauwe kiekendief
35. Steenarend
36. Dwergarend
37. Havikarend
38. Visarend
39. Eleonora's valk
40. Lannervalk
41. Slechtvalk
42. Purperkoet
43. Kraanvogel
44. Kleine trap
45. Grote trap
46. Steltkluut
47. Kluut
48. Grief
49. Vorkstaartplevier
50. Morinelplevier
51. Goudplevier
52. Poelsnip
53. Bosruiter
54. Grauwe franjepoot
55. Dunbekmeeuw
56. Audouins meeuw
57. Lachstern
58. Grote stern
59. Dougalls stern
60. Visdief
61. Noordse stern
62. Dwergstern
63. Zwarte stern
64. Witbuikzandhoen
65. Oehoe
66. Sneeuwuil
67. Velduil
68. IJsvogel
69. Zwarte specht
70. Witrugspecht
71. Blauwborst
72. Provence-grasmus
73. Gestreepte grasmus
74. Zwartkopboomklever