- Home
- > Vogels beschermen
- > Landelijk gebied
- > Weidevogels
- > Trekkende grutto's
Trekkende grutto’s kwetsbaar voor verandering
Een recente studie naar de voorjaarstrek en overwintering van de grutto laat zien, dat de soort op de voorjaarstrek afhankelijk is van een zeer beperkt aantal pleisterplaatsen in Portugal en Spanje. Hier concentreren de vogels zich in grote aantallen in enkele rijstgebieden. Dat maakt de soort kwetsbaar voor verstoring en verandering in gebruik. Vooral habitatverandering speelt de soort parten. Jacht vindt alleen nog plaats in Frankrijk, maar is er gesloten in het voorjaar wanneer de grote aantallen doorkomen. Betrouwbare cijfers over het werkelijke afschot ontbreken echter.
De grutto gaat systematisch achteruit in ons land. In het broedseizoen spannen boeren, natuurbeheerders en vrijwilligers zich in om met financiële steun van de overheid de soort op peil te houden. Zeven maanden van het jaar verblijft de grutto echter buiten ons land. Over die periode weten we weinig en er ontbreekt een overzicht van mogelijke bedreigingen. Voor Vogelbescherming Nederland en het ministerie van LNV was dit aanleiding om onderzoek te laten doen naar de situatie in de overwinteringsgebieden en tijdens de voorjaarstrek. Het onderzoek is uitgevoerd door specialisten van Altenburg & Wymenga ecologisch onderzoek, in samenwerking met Wetlands International in West-Afrika en locale deskundigen. De resultaten hiervan zijn nu bekend.
Overwintering
De belangrijkste overwinteringsgebieden van de West-Europese grutto’s liggen in West- Afrika, van Senegal tot in Guinee. Verreweg het belangrijkst zijn de rijstpolders (bolanhas) in Guinee Bissau, met naar schatting 40% van de totale winterpopulatie. Ook in de Senegaldelta en in Zuid-Senegal kunnen grotere aantallen voorkomen. De grutto’s die in Mali overwinteren zijn voor een belangrijk deel afkomstig van Centraal-Europese broedpopulaties.
In vergelijking met zo’n twintig jaar geleden is de verspreiding van grutto’s in de overwinteringsgebieden op hoofdlijnen niet veranderd; de aangetroffen aantallen echter zijn gehalveerd. Gezien het feit dat in Guinee-Bissau, in de kern van het overwinteringsgebied, geen grootschalige habitatveranderingen zijn opgetreden en het gebruik van de rijstpolders niet sterk is veranderd, houdt deze geconstateerde afname vrijwel zeker verband met de achteruitgang van de broedvogelpopulatie in West-Europa.
Het grootschalig in cultuur brengen van de Senegaldelta vanaf de jaren zestig, in combinatie met de grote Saheldroogte in de jaren tachtig, heeft de omstandigheden voor grutto’s verslechterd. Door lokaal herstel van overstromingsvlakten is de situatie vanaf de jaren negentig echter weer verbeterd. Anno 2005 zijn in de overwinteringsgebieden geen bedreigingen op populatieniveau aangetroffen. Het moet benadrukt worden dat deze conclusies onderbouwd moeten worden met een langdurige monitoring van de jaarlijkse sterfte van de soort.
Voorjaarstrek
Tijdens de voorjaarstrek maakt de grutto gebruik van slechts enkele stopplaatsen. Veruit de belangrijkste zijn de rijstgebieden in het Tejo- en het Sado-estuarium in Portugal en de Extremadura in Spanje. Hier kan respectievelijk 27, 16 en 18% van de populatie op één moment worden aangetroffen. De totale aantallen die van deze plaatsen gebruik maken zijn nog hoger wanneer rekening gehouden wordt met doorstroming.
Het huidige onderzoek laat zien dat er de afgelopen decennia tijdens de voorjaarstrek belangrijke verschuivingen lijken te hebben plaatsgevonden. De Marais Poitevin in de Vendée in Frankrijk heeft zijn grote betekenis kennelijk verloren ten gunste van de pleisterplaatsen in Portugal en Spanje. Pleisterplaatsen in Marokko worden qua aantallen minder bezocht, maar kunnen op andere momenten in het seizoen van belang zijn. De voorjaarspleisterplaatsen in Tunesië en Italië zijn vooral ook voor broedvogels in Centraal- en Oost-Europa van belang.
De belangrijkste bedreigingen langs de voorjaarstrekroute bestaan uit habitatveranderingen en verstoring (zoals jacht). Ongunstige habitatveranderingen spelen met name in Marokko en Frankrijk, en ook Tunesië. De voorjaarsjacht is in alle landen gesloten, zeker in de periode dat de grote aantallen pleisteren en doortrekken. Onzekerheid blijft over de werkelijk geschoten aantallen in Frankrijk, het enige land langs de trekroute waar de grutto nog bejaagbaar is. Het mogelijke effect van jacht in Frankrijk lijkt vooral te spelen op de trek naar Afrika, wanneer jonge vogels er in de zomer aan de grond komen. Als er inderdaad jaarlijks, zoals recente cijfers suggereren, enkele duizenden jonge grutto’s worden geschoten, kan dit effect niet verwaarloosd worden. In andere landen is jacht als zodanig geen belangrijke bedreiging. Wel kan de jacht verstoring betekenen voor grote aantallen grutto’s op hun pleisterplaatsen.
De momenteel bloeiende rijstbouw in Portugal en Spanje biedt de grutto zeer geschikte pleisterplaatsen. De grote afhankelijkheid van deze gebieden – én tegelijkertijd het slechter worden van alternatieve locaties in Frankrijk – maakt de soort erg kwetsbaar voor verstoring en voor eventuele veranderingen in de rijstbouw. Maar juist omdat deze Zuid-Europese gebieden zo belangrijk zijn voor de grutto bieden ze ook mogelijkheden voor gericht beheer en bescherming.
Download
Wintering areas and spring migration of the Black-tailed Godwit

