Spring naar content

Biologische landbouw beter voor vogels

Een groot aantal natuurbeschermingsorganisaties, waaronder Vogelbescherming, heeft een convenant getekend om de productie en consumptie van biologische voedingswaren te stimuleren. Vogelbescherming heeft getekend, omdat biologische landbouw in veel gevallen meer bijdraagt aan natuur op en rond de boerderij dan gangbare landbouw. Met name Brits onderzoek heeft aangetoond dat de biodiversiteit op biologische landbouwbedrijven rijker is dan op vergelijkbare andere boerderijen. Ook het aantal vogelsoorten is er groter. Dat is ook niet verwonderlijk. Het gebruik van pesticiden en herbiciden leidt tot minder insecten en kruiden voor vogels. Biologische boeren maken liever – en dankbaar – gebruik van insectenetende vogels. Natuurlijk moeten ook biologische boeren speciale maatregelen nemen om de vogelstand op hun terrein te optimaliseren. Ook op een biologische boerderij komt het niet vanzelf. Gelukkig zijn biologische agrariërs daartoe bereid. Als u twijfelt tussen een biologisch en gangbaar product neem dan vogels en andere dieren mee in uw overwegingen.

33 organisaties maken werk van het Nederlandse landschap

De 33 organisaties die het landschapsmanifest hebben ondertekend, hebben zich verplicht om een forse kwaliteitsverbetering van het Nederlandse landschap te bewerkstelligen. Het landschapsmanifest wordt dus onderschreven door een zeer brede coalitie, van maatschappelijke organisaties op het gebied van landschap tot projectontwikkelaars. Het landschapsmanifest is in lijn met de Europese Landschapsconventie.

Kansen voor kwaliteitsverbetering

De grote veranderingen in het landelijk gebied, zoals de toenemende hoeveelheid water die geborgen moet worden, verschuivingen in de landbouw, de zoektocht naar nieuwe economische dragers en het gewijzigde ruimtelijke beleid van het rijk, bieden kansen voor deze kwaliteitsverbetering. De ondertekenaars van het landschapsmanifest zoeken actief naar deze kansen, benutten ze en voeren ze uit.

In het landschapsmanifest staan vijf doelen verwoord:

  • Landschap krijgt in ieders denken en handelen een plaats;
  • In heel Nederland wordt het landschap mooier en voor de bevolking beleefbaar;
  • Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen leveren een positieve bijdrage aan de kwaliteit van het landschap;
  • Landschap maakt een integraal onderdeel uit van besluitvorming;
  • Nieuwe allianties op Europees niveau bevorderen debat, beleid, kennisuitwisseling en strategieën, gericht op kwaliteitsverbetering van het landschap.

De organisaties zeggen toe op veel verschillende manieren te zullen werken aan het bereiken van deze doelen. Zo komen er bijvoorbeeld een Handboek Landschapskwaliteit, fietstochten, ontwerpprijsvragen, verdere ontwikkeling van streekproducten die met respect voor landschap zijn geproduceerd, een cursuspakket voor beleidsambtenaren en internationale uitwisselingsprojecten.

De deelnemende organisaties

Stichting Landschapsbeheer Nederland, SBNL, Federatie Particulier Grondbezit, Stichting Natuur en Milieu, Staatsbosbeheer, Vereniging Natuurmonumenten, NEPROM, Federatie Welstand, De Landschappen, IVN, Natuurlijk Platteland Nederland, LTO Nederland, Stichting Nederlands Cultuurlandschap, Nederlandse Vereniging van Tuin- en landschapsarchitecten, Platform Landschap en Cultuurhistorie, Koninklijke Nederlandse Heidemaatschappij, Geoheritage NL-Platform Aardkundige Waarden, Stichting wAarde, 12 milieufederaties, Stichting Biologica, Vogelbescherming Nederland, Stichting Centrum voor Landbouw en Milieu, Stichting Wandelplatform-LAW, Stichting Veldwerk Nederland, Milieudefensie, Unie van Bosgroepen, Stichting tot behoud van Particuliere Historische Buitenplaatsen, Stichting Staring Advies, De Vlinderstichting, Waddenvereniging, AM Grond en Wonen, CLM Onderzoek en Advies BV en Arcadis.