Spring naar content

Veldleeuwerik (Alauda arvensis)

Het is een beetje ongemerkt gebeurd. Terwijl iedereen zich druk maakte over neergang van de grutto, de ijsvogel, het korhoen of andere spectaculaire vogelsoorten, tuimelden de aantallen van de veldleeuwerik omlaag en kwam de vogel zomaar ineens terecht op de Rode Lijst.

Trend en aantal

Bij de samenstelling van de vorige broedvogelatlas in de jaren ’70 was de veldleeuwerik nog de meest verbreide soort van landelijk Nederland. Je hoefde je maar naar buiten te stappen om ergens het getierelier van de veldleeuwerik te kunnen horen. In de jaren ’73-’77 werd het aantal broedparen geschat op 500.000 tot 750.000. Daar is nu nog maar tien procent van over, die het voornamelijk nog weet uit te houden op heidevelden.

Broedtijd

Al vanaf begin april hebben ze hun nestjes met drie tot vijf eieren, goed verborgen op de grond, maar wel in het open veld. Het nest goed verstopt, maar wel met overzicht. Na twee weken broeden komen de eieren uit en al acht dagen later zijn de jongen flink genoeg om uit het nest te stappen. Nog weer tien dagen later kunnen ze vliegen. Dat is een maand plus één dag om een complete vogel te maken.

Zang

Als de natte sneeuwbuien nog over het land sluieren, laten de leeuweriken zich al horen. Ze komen terug uit het zuiden en brengen de lente mee. Zingend en wel trekken ze over onze hoofden naar hun broedgebieden. Hij zingt, hoog in de lucht, met niet aflatende energie, fladderend en uitdagend. De veldleeuwerik kan zingend klimmen tot wel honderd meter. Die luchtaria’s duren lang. Het gemeten record ligt op 56 minuten. Luister hier het geluid!

Oorzaken achteruitgang

De oorzaken voor het wegblijven van de veldleeuwerik zijn niet overal even duidelijk. In de duinen is de achteruitgang waarschijnlijk te wijten aan de verruiging met steeds meer struikgroei en gras. Door ziektes zijn er te weinig knabbelende konijnen. En de duinen worden bemest vanuit de lucht, de zogenaamde zure regen. Daar wil de veldleeuwerik niet leven want hij houdt van ruim en open. Op de heide is ongeveer hetzelfde aan de hand. Ook weer die voedselrijke regen, te weinig schapen om het landschap kaal te houden.

Akkers en weilanden

Op het platteland ligt het heel wat duidelijker. De landbouw is op grote schaal en grondig veranderd. Die intensivering heeft zich ook afgespeeld in weilanden.

  • Akkers
    Op de akkers heeft de eentonigheid toegeslagen. Wel meer maïs en wintergranen over grote percelen, maar minder kruidenrijke akkerranden en zomergraan en minder zandwegen. Door het afnemen van bloemen en kruiden vindt de veldleeuwerik steeds minder insecten. 
    De graanpercelen worden vóór de winter omgeploegd, dat betekent minder stoppelvelden met zaden in het winterhalfjaar en minder akkerkruiden.
    Ook insecticiden en herbiciden hebben hun werk gedaan. Dat betekent overal minder te eten voor de veldleeuwerik en zijn jonkies.

  • Weilanden
    Voor kruidigheid en bloemenweelde is geen plaats meer. Eiwitrijk voedergras heeft voorrang.
    De goed bemeste graslanden worden veel vaker dan vroeger gemaaid, en wel met grote machines en tot op de laatste vierkante meter. Nestjes van veldleeuweriken zijn in dit maairegiem kansloos.
    Het toepassen van nestbescherming is praktisch onmogelijk, want de nesten zijn nauwelijks te vinden. Vooral de tweede en derde broedsels, waarmee de veldleeuwerik gewoonlijk het meeste succes heeft, moeten het ontgelden.

Onveilige trekroute

Ook op hun trektochten zijn veldleeuweriken niet veilig. In landen als Frankrijk, Italië, Griekenland en Spanje mogen ze nog steeds gevangen worden. Dit kost miljoenen leeuweriken het leven.

Aantasting open ruimte

Als laatste oorzaak moet worden genoemd de aantasting van de open ruimte, zoals het in rapportentaal heet. U kunt zich daarbij van alles voorstellen. Van de bouw van het zoveelste bedrijventerrein tot de aanleg van weer een weg, of het aanplanten van een wandelbos. Het tikt allemaal aan. In het negatieve.

 

Maatregelen

Toch is er hoop, dat nog niet alles verloren is. Er zijn plaatsen in Nederland waar de veldleeuweriken er nog lustig op los zingen.  Bijvoorbeeld op de akkers die in het kader van een Europese subsidieregeling (de bekende MacSharry-regeling) braak worden gelegd. Daar kunnen grassen en wilde kruiden opschieten. Dat is gunstig voor allerlei dieren en vogels, maar ook voor leeuweriken.

Faunaranden

Hetzelfde doet zich voor bij de zogenaamde faunaranden, akkerranden tot twaalf meter breed die de boeren, vaak in grootschalige landbouwgebieden, niet bebouwen met gewassen, maar laten verwilderen of inzaaien, bijvoorbeeld met rood zwenkgras er waar nooit gespoten wordt. Dat blijkt aantrekkelijk te zijn voor leeuweriken. Wel moet nog precies uitgezocht worden, welke vorm van akkerlandbeheer het gunstigst is. Wat is het prettigst voor de veldleeuwerik, die van 'kort en pollig' houdt? Welke bloemen en kruiden leveren hem het meest op? Faunaranden zijn een probaat middel om het verarmde platteland weer een beetje natuur terug te geven. In Groningen, Flevoland, Zeeland en Limburg is dat al op diverse plaatsen bewezen.

Leeuwerikveldjes

In Engeland helpt men de vogels met zogeheten skylark plots, 'leeuwerikveldjes' zouden wij zeggen, stukjes grond van vier bij vier meter die onbewerkt blijven liggen. En met succes. Een voorbeeld voor Nederland.

Actieplan veldleeuwerik

Vogelbescherming en de veldleeuwerik kunnen niet wachten op de politiek. Er is inmiddels een actieplan opgesteld. Niet alleen om de veldleeuwerik in de lucht te houden, maar om met hem meer vogels, als grauwe gors en graspieper, kansen te geven die door de moderne landbouw dreigen te verdwijnen.